29 270 Reclasseringsbeleid

Nr. 124 BRIEF VAN DE MINISTERS VAN JUSTITIE EN VEILIGHEID EN VOOR RECHTSBESCHERMING

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 14 maart 2018

Hierbij zenden wij u het onderzoek van het Wetenschappelijke Onderzoek- en Documentatie Centrum (hierna: WODC) naar de ontwikkeling van recidive van daders van High Impact Crimes (hierna: HIC-daders). In deze brief geven wij onze reactie op dit onderzoek. Het rapport treft u aan als bijlage1.

In samenwerking met ketenpartners, bedrijfsleven en maatschappelijke organisaties zijn de afgelopen jaren mooie resultaten behaald in de aanpak van de High Impact Crimes (overvallen, woninginbraak en straatroof). In de tabel hieronder is te lezen dat de kwantitatieve afspraken met betrekking tot de vermindering van het aantal High Impact Crimes uit de Gemeenschappelijke Veiligheidsagenda ruim zijn behaald.

Realisatie afspraken Gemeenschappelijke Veiligheidsagenda
 

Realisatie 2012

Doel 2017

Realisatie

2017

Overvallen

1.982

1.900

1.103

Straatroven

8.050

6.204

3.576

Woninginbraken

91.930

65.000

49.124

Naast de afspraken tussen de gezagen en onze ambtsvoorganger, heeft de Taskforce Overvallen bij haar aantreden in 2011 ook kwantitatieve doelen gesteld. Eén daarvan is het tegengaan van recidive onder HIC-daders (maximaal 40% bij tweejarige recidive), om dit fenomeen structureel aan te pakken. Om die reden heeft de Taskforce Overvallen de afgelopen jaren intensief gewerkt om recidive onder veroordeelde daders van HIC tegen te gaan.2 Om de resultaten van deze integrale aanpak in kaart te brengen, heeft de Minister van Veiligheid en Justitie in 2016 opdracht gegeven voor een meerjarige recidivemonitor van HIC-daders.

Recidivemonitor

Het WODC heeft onderzoek gedaan naar aantallen, achtergrondkenmerken en recidive van daders van overvallen, woninginbraken en straatroof. Onder recidive wordt in dit rapport de gecorrigeerde tweejarige recidive verstaan. Hierbij is de recidive gecorrigeerd voor de verschillen in de samenstelling van onderzoeksgroepen over de jaren heen.3

Belangrijkste bevindingen

Het WODC concludeert dat de algemene tweejarige recidive onder daders van HIC in de periode van 2004 tot 2013 is afgenomen. In de tabel hieronder is te lezen dat de algemene recidive onder overvallers tussen 2004 en 2013 het sterkst is gedaald met 14,8%. Onder staatrovers en woninginbrekers daalde de algemene recidive in dezelfde periode met respectievelijk 6.3% en 6.6%.

Prevalentie tweejarig recidivepercentage1
 

Overvallers

Straatrovers

Woninginbraken

2004

52,4

56,9

63,4

2005

46,4

57,6

61,8

2006

47,0

55,3

60,3

2007

51,5

53,9

59,7

2008

48,1

55,5

59,0

2009

47,0

53,8

58,0

2010

46,0

51,7

57,9

2011

44,4

51,9

57,7

2012

41,3

49,5

56,7

2013

37,6

50,6

56,8

Het WODC concludeert verder dat HIC daders een actieve dadergroep vormen en deze daders al vaak crimineel gedrag laten zien op jonge leeftijd. Verder valt op dat maar liefst 80% van de veroordeelde straatrovers in 2013 al een strafzaak had op minderjarige leeftijd. Daarnaast blijkt dat ruim de helft van het aantal verdachten van een straatroof minderjarig is, waarvan een kwart tussen de 12 en 15 jaar.

Beleidsreactie

Wij willen voorop stellen dat we tevreden zijn met de ontwikkeling van recidive bij HIC-daders, waarbij de daling onder overvallers ons het meest tevreden stemt. Wij maken hier uit op dat de geïntensiveerde aanpak van HIC vruchten afwerpt. Een belangrijke rol is hierin weggelegd voor de integrale persoonsgerichte aanpak in de Veiligheidshuizen, waarbij verscherpt toezicht met elektronische controle een belangrijke bijdrage levert. Er worden op dit moment afspraken gemaakt met de reclasseringsorganisaties, om de goede samenwerking te continueren. Daarnaast wordt er komend jaar geïnvesteerd in de doorontwikkeling van de integrale persoonsgerichte aanpak op HIC-daders binnen de Veiligheidshuizen (ook wel Top-X aanpak genoemd). Hierbij wordt onder andere ingezet op pilots die zich richten op een hardnekkige dadergroep die zich schuldig maakt aan plof- en ramkraken of ernstige geweldsdelicten en de aanpak van HIC verdachten met verward gedrag.

De aanwas van jonge daders die HIC-delicten plegen, baart ons zorgen. Onze ambtsvoorganger heeft uw Kamer eerder toezeggingen gedaan over de matched care aanpak van minderjarige delinquenten, waarbij ook experimenten zijn gestart met verscherpt toezicht en de inzet van elektronische controle.4 Deze pilot wordt op dit moment geëvalueerd en daarbij wordt ingegaan op de vraag of deze vorm van toezicht een bijdrage kan leveren aan het voorkomen van recidive bij minderjarige HIC-daders. Naast de repressieve aanpak, is het voorkomen van delinquent gedrag bij minderjarigen prioriteit. In dit kader steunt het Ministerie van JenV interessante regionale initiatieven zoals het Preventie Interventie Team in Amsterdam, waar kinderen met een verhoogd risico op ontwikkelingsproblemen worden gescreend en vervolgens intensief worden begeleid. Ook de uitbreiding van het aantal gemeenten, dat de door het Nederlands Jeugdinstituut erkende gedragsinterventie «Alleen jij bepaalt wie je bent» uitvoert, waarbij jongeren met een verhoogd risico op afglijden in de criminaliteit intensief worden begeleid, stemt tevreden.

De recidivemonitor HIC loopt tot en met 2021, waarbij ieder jaar een update verschijnt. Samen met het WODC en partners uit de aanpak wordt bezien of verdere differentiatie in dit onderzoek mogelijk is, zoals de aard van de algemene recidive onder HIC-daders, om meer kennis te krijgen over het soort recidive. Ook krijgen we graag meer inzicht in het effect van de interventies die worden gepleegd op deze doelgroep, om een verdieping aan te brengen in de resultaten, om de aanpak verder aan te scherpen. Deze monitor laat zien dat de aanpak van HIC succesvol is, maar dat intensieve aandacht voor dit fenomeen noodzakelijk blijft.

De Minister van Justitie en Veiligheid, F.B.J. Grapperhaus

De Minister voor Rechtsbescherming, S. Dekker


X Noot
1

Raadpleegbaar via www.tweedekamer.nl

X Noot
2

De Taskforce Overvallen werkt middels een probleemgerichte aanpak aan haar doelstellingen, zie Kamerstuk 28 684, nr. 496.

X Noot
3

Een nadere toelichting op deze onderzoeksmethode is te vinden in; Wartna, B.S.J., Blom, M., & Tollenaar, N. (2011). De WODC Recidivemonitor. Den Haag: WODC.

X Noot
1

Ter vergelijking; de recidive onder de gehele daderpopulatie in Nederland lag in 2013 op 27.9%.

X Noot
4

Kamerstuk 29 270, 25.

Naar boven