nr. 45
VERSLAG OVER HET ADRES1 VAN W.A.S. VAN
DIJK TE SCHALKWIJK BETREFFENDE DE VERLAAGDE ENERGIEBELASTING
Vastgesteld 9 september 2004
De commissie2, gelet op de door de staatssecretaris
van Financiën verstrekte inlichtingen,
overwegende,
dat adressant zich erover beklaagt dat de staatssecretaris van Financiën
heeft geweigerd om op grond van de hardheidsclausule ex artikel 63 van de
Algemene wet inzake rijksbelastingen goed te keuren dat zijn tuinbouwbedrijf,
ondanks de aanwezigheid van een aardgasaansluiting, in aanmerking komt voor
het verlaagde tarief energiebelasting (in zijn geval over de jaren 1996 tot
en met 1999) wegens gebruik van minerale oliën,
dat het verlaagde tarief (voorafgegaan door een nihiltarief) voor de glastuinbouwsector
is ingevoerd ter compensatie van de lastenverzwaring voor die sector als gevolg
van de invoering van de energiebelasting en van toepassing is op minerale
oliën die worden gebruikt voor verwarming ter bevordering van het groeiproces
van tuinbouwproducten indien geen aansluiting voor aardgas aanwezig is, evenals
op het aardgas zelf,
dat de staatssecretaris reeds op grond van de hardheidsclausule heeft
goedgekeurd dat het verlaagde tarief ook wordt toegepast indien wél
een aardgasaansluiting aanwezig is maar minerale oliën worden gebruikt
voor de productie van stoom voor de ontsmetting van de tuinbouwgrond, omdat
de capaciteit van die aansluiting voor dat doel onvoldoende is,
dat het bedrijf van adressant desalniettemin niet voor het verlaagde tarief
in aanmerking is gebracht omdat het, ondanks de aanwezigheid van een aardgasaansluiting,
propaangas (hetgeen voor de wet wordt aangemerkt als een minerale olie) heeft
gebruikt voor de verwarming van kassen doch niet voor de productie van stoom
voor de ontsmetting van tuinbouwgrond,
dat het verzoek van adressant derhalve kan worden beschouwd als een verzoek
om uitbreiding van de hardheidsclausule, waarbij hij pleit voor een uitbreiding
in die zin dat noch de aanwezigheid van een aardgasaansluiting
noch het doel van het gebruik van minerale oliën als criteria gelden,
omdat zowel de capaciteitsproblemen van die aansluiting als dat gebruiksdoel
veroorzaakt worden door toevalligheden en de regeling per saldo dus leidt
tot ongelijke behandeling tussen glastuinbouwers,
dat de staatssecretaris zich op het standpunt stelt dat uitbreiding van
het bereik van het hardheidsclausulebeleid niet in de rede ligt, omdat de
wetgever de tegemoetkoming in de vorm van het verlaagde tarief uitdrukkelijk
heeft beperkt tot situaties waarin geen aardgasaansluiting aanwezig is en
voorts de tegemoetkoming op grond van de hardheidsclausule heeft beperkt tot
het gebruik van minerale oliën voor de productie van stoom, omdat stoomproductie
onder druk met behulp van aardgas niet mogelijk is bij een aansluiting op
het gewone aardgasnetwerk,
dat de staatssecretaris in dat standpunt kan worden gevolgd;
van oordeel,
dat niet is gebleken dat ten aanzien van adressant een onjuist fiscaal
beleid is gevoerd,
stelt de Kamer voor ten aanzien van dit adres over te gaan tot de orde
van de dag.
De voorzitter van de commissie,
Mosterd
De griffier van de commissie,
Van Dijk
XNoot
1Dit adres en de stukken welke de commissie bij haar onderzoek ten dienste
hebben gestaan, liggen op het commissiesecretariaat Verzoekschriften, Lange
Poten 4, Den Haag, ter inzage van de leden.
XNoot
2De commissie bestaat uit de leden: Kalsbeek (PvdA), Tichelaar (PvdA),
De Wit (SP), Van Gent (GL), Van der Staaij (SGP), Mosterd (CDA) (Voorzitter),
Van Fessem (CDA), Kraneveldt (LPF) en Dezentjé Hamming-Bluemink (VVD)
en de plaatsvervangende leden Tonkens (GroenLinks), Slob (ChristenUnie), Van
Vroonhoven-Kok (CDA), Vietsch (CDA), Varela (LPF) en Van Miltenburg (VVD).