Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummerDatum indiening
Tweede Kamer der Staten-Generaal2003-200429217 nr. 7

29 217
Herstel van wetstechnische gebreken en leemten alsmede aanbrenging van andere wijzigingen van ondergeschikte aard in diverse wetten op het terrein van het Ministerie van Justitie (Reparatiewet I Justitie)

nr. 7
NOTA NAAR AANLEIDING VAN HET VERSLAG

Ontvangen 25 november 2003

Met belangstelling heb ik kennisgenomen van het verslag van de commissie. Het verheugt mij, dat de leden van de fractie van GroenLinks hierin blijk geven van hun waardering.

Slechts op een enkel punt heerst er onduidelijkheid ten aanzien van het wetsvoorstel. De leden van de fractie van GroenLinks vragen om verheldering van de wijze waarop artikel 29, eerste lid, van de Uitleveringswet, door middel van de voorgestelde wijziging in artikel XIV van het wetsvoorstel, wordt geredigeerd, aangezien zij van mening zijn, dat het niet de bedoeling kan zijn de overeenkomstige toepassing van artikel 279 van het Wetboek van Strafvordering te laten vervallen.

In antwoord op voornoemd verzoek van de leden van de fractie van GroenLinks en het door hen gedane tekstvoorstel, wijs ik erop, dat de voorgestelde wijziging enkel beoogt en het effect heeft, dat de verwijzing naar artikel 280, tweede en derde lid, van het Wetboek van Strafvordering wordt geschrapt. De verwijzing naar artikel 279 van het Wetboek van Strafvordering blijft dus intact. Daarnaast wordt via de voorgestelde wijziging de onjuiste interpunctie – na «277», dus vóór «279», ontbreekt thans een komma – hersteld. Het is overbodig na «279» een komma in te voegen, aangezien deze er na de schrapping van de zinsnede «tot en met, 280, tweede en derde lid» reeds staat.

Voorts wijs ik erop dat deze nota naar aanleiding van het verslag vergezeld gaat van een nota van wijziging. Deze nota van wijziging bevat alleen wijzigingen van ondergeschikte aard, alsmede de correctie van enkele verschrijvingen.

De Minister van Justitie,

J. P. H. Donner