29 023 Voorzienings- en leveringszekerheid energie

Nr. 708 MOTIE VAN HET LID VAN DEN BERG C.S.

Voorgesteld 30 juni 2026

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat aardgas de komende jaren noodzakelijk blijft voor leveringszekerheid, elektriciteitsvoorziening en industrie;

constaterende dat het Sectorakkoord gaswinning in de energietransitie inzet op leveringszekerheid, verantwoord gebruik van Nederlandse Noordzee-infrastructuur en toekomstig hergebruik van infrastructuur;

constaterende dat de uitstoot van broeikasgassen bij winning en transport van gas uit Nederlandse kleine velden en Noors pijpleidinggas 30% tot 50% lager ligt dan bij geïmporteerd lng;

constaterende dat Noors pijpleidinggas kan bijdragen aan minder afhankelijkheid van Rusland en volatiele lng-markten;

constaterende dat NOGAT bestaande Nederlandse, Duitse en Deense offshore-infrastructuur verbindt met Den Helder, en dat EBN daarin reeds aandeelhouder is;

overwegende dat eerste projectinformatie wijst op een relatief korte interconnectie tussen NOGAT-gerelateerde infrastructuur en Europipe l, met mogelijke voordelen voor leveringszekerheid, redundantie, systeemkosten en toekomstig waterstoftransport op de Noordzee;

overwegende dat tijdige voorbereiding noodzakelijk is met het oog op de verwachte PCI/PMI-ronde in Q4 «26 en een mogelijk investeringsbesluit in «27;

verzoekt de regering te onderzoeken hoe het kabinet deze typen initiatieven waar mogelijk kan ondersteunen, bijvoorbeeld op het gebied van vergunningen, internationale afstemming, indien van toepassing EBN-participatie en financieringsmogelijkheden, en de Kamer daar voor 1 oktober «26 over te informeren,

en gaat over tot de orde van de dag.

Van den Berg

Köse

Müller

Naar boven