Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2015-201628973 nr. 170

28 973 Toekomst van de intensieve veehouderij

Nr. 170 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN ECONOMISCHE ZAKEN

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 18 februari 2016

De Nederlandse agrarische sector is wereldspeler, wat blijkt uit de tweede plaats die ze inneemt op het gebied van agrarische export. Zij is daarmee een motor voor de economie en toonaangevend waar het gaat om innovatiekracht en het ontwikkelen van nieuwe kennis. Nederland kan hierdoor ook bijdragen aan de wereldwijde voedselzekerheid met het oog op een groeiende wereldbevolking. De afgelopen tijd hebben de melkveehouderij en de varkenshouderij te kampen gehad met grote marktproblemen. Voor een toekomstgerichte duurzaam producerende veehouderij is het versterken van de marktkracht en marktoriëntatie van belang.

Tegelijkertijd staat de maatschappelijke waardering voor de sector onder druk door vragen over dierenwelzijn en milieu. De risico’s voor de volksgezondheid, schaalvergroting en de inpassing van veehouderijbedrijven in hun omgeving maken deel uit van het maatschappelijk debat. De maatschappelijke waardering voor producten uit de veehouderijketens is niet meer vanzelfsprekend. De Q-koortsuitbraak en affaires met voedselfraude geven daar ook aanleiding toe. De veehouderij staat in toenemende mate ter discussie door lokale overlast, onduidelijkheid over risico’s voor de volksgezondheid, zorgen over dierenwelzijn, en over de leefbaarheid in lokale gemeenschappen. Het besef neemt toe dat de veehouderij grenzen bereikt heeft en dat in veedichte gebieden sprake is van overbelaste situaties die met voorrang moeten worden opgelost.

De belangrijkste boodschap van de destijds ingestelde Commissies Alders en Van Doorn was dat de veehouderij verder moet verduurzamen. Knelpunten daarbij zijn met name de effecten van veehouderijen op de kwaliteit van de leefomgeving (gezondheid, milieu), de maatschappelijke inbedding van de veehouderij en de vraag welke ontwikkelingsruimte de veehouderij heeft.

Versnelling verduurzaming

Het kabinet zet in op een verdere versnelling van de verduurzaming van de veehouderij. Hoewel er in de afgelopen jaren op verschillende thema’s vanuit de veehouderij betekenisvolle stappen zijn gezet, is het noodzakelijk om ook in de komende periode vooruitgang te blijven boeken naar een meer duurzame, diervriendelijke en economisch rendabele veehouderij.

Verschillende maatregelen zijn reeds genomen en verschillende initiatieven zijn door en met de verschillende ketenpartijen uitgerold, zoals nieuwe marktconcepten vanuit de retail voor kip en varkensvlees, de Uitvoeringsagenda Duurzame Veehouderij, de Alliantie Verduurzaming Voedsel, Duurzame Zuivelketen en het Recept Duurzaam Varkensvlees. Deze bieden een goede basis om met betrokken partijen verdere stappen te nemen.

Commissie Nijpels opdracht

Ik heb de heer Ed Nijpels gevraagd een commissie te leiden die zich gaat buigen over de toekomst van de veehouderij. Specifiek gaat het om het verbeteren van de economische perspectieven, verdere verduurzaming en versterking van het maatschappelijk draagvlak. Daarmee wordt een vervolg gegeven aan het advies «Al het vlees duurzaam in 2020» van de Commissie Van Doorn. De opdracht die ik deze Commissie gegeven heb is te komen met concrete voorstellen voor acties en maatregelen voor betrokken partijen (overheden, sector, maatschappelijke organisaties, marktpartijen en burgers), die bijdragen aan een verdere verduurzaming van de intensieve veehouderij in ecologisch, sociaal en economisch opzicht. Deze verdere verduurzaming moet leiden tot betere maatschappelijke inbedding van de intensieve veehouderij.

De Commissie bestaat naast de voorzitter de heer Ed Nijpels uit mevrouw Joszi Smeets en de heren Martin Scholten, Felix Rottenberg, Ruud Huirne en Hans Hoogeveen. Ik verwacht dat de Commissie rond de zomer haar voorstellen kan opleveren.

De Staatssecretaris van Economische Zaken, M.H.P. van Dam