Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 23 december 2011
In de Regeling van Werkzaamheden van de Tweede Kamer van 30 november 2011 heeft het lid Koopmans (CDA) verzocht om een brief
in de vorm van een ambtsbericht van Provinciale Staten van Zuid-Holland over de vraag waarom de commissaris van de Koningin
in Zuid-Holland weigert een volwaardig burgemeester in Gouda te benoemen. Bij brief van 30 november 2011 verzoekt u mij u
over deze aangelegenheid te berichten.
Vanuit zijn verantwoordelijkheid voor het aanstellen van waarnemend burgemeesters heeft de commissaris van de Koningin in
Zuid-Holland, de heer J. Franssen, mij over deze aangelegenheid geïnformeerd. Op basis van dit ambtsbericht kan ik u thans
het volgende meedelen.
De commissaris van de Koningin meldt dat de heer W.M. Cornelis, burgemeester van de gemeente Gouda, hem op 2 november 2011
heeft geïnformeerd over zijn voorgenomen ontslag per 1 juli 2012. Daarmee ontstaat per die datum in de gemeente Gouda een
burgemeestersvacature.
Uit het ambtsbericht blijkt dat Gedeputeerde Staten (GS) van Zuid-Holland op 21 december 2010 op grond van de Wet algemene
regels herindeling (Wet arhi) hebben besloten een procedure te starten tot wijziging van de gemeentelijke indeling van de
gemeenten Gouda en Waddinxveen.
Op grond van artikel 8, eerste lid, van de Wet arhi is de fase van overleg met de betrokken gemeentebesturen gestart op 21 december
2010 en geëindigd op 21 juni 2011. Uit de gevoerde arhi-overleggen hebben GS geconcludeerd dat er bij de betrokken gemeenten
nog geen sprake was van een gezamenlijk gedeelde en eensluidende visie en oplossingsrichting voor dit deel van Zuid-Holland.
Op basis van de overleggen en de genuanceerde standpunten van de betrokken gemeenten hebben GS er evenwel vertrouwen in dat
een gezamenlijk gedeelde visie en oplossingsrichting tot de mogelijkheden behoort. Dit staat ook in de brief die GS op 19 september
2011 hebben gestuurd aan de colleges van burgemeester en wethouders van Gouda, Waddinxveen en Zuidplas en waarin zij worden
geïnformeerd over de voortgang van het lopende arhi-traject (zie bijlage)1.
In artikel 8, lid 2, van de Wet arhi staat aangegeven dat GS uiterlijk drie maanden na afloop van het arhi-overleg een herindelingsontwerp
vaststellen. Deze termijn is een termijn van orde en heeft geen rechtsgevolg voor het verdere verloop van het lopende arhi-traject.
GS blijven bevoegd een herindelingsontwerp vast te stellen, zo stellen zij in voornoemde brief.
GS hebben de gemeenten de gelegenheid gegeven om zelf een oplossing te verkennen en nader uit te werken. De gemeenten Gouda
en Waddinxveen hebben de regie en de ruimte gekregen om voor 1 mei 2012 met een gezamenlijk gedeelde visie en oplossingsrichting te
komen. Hoewel de gemeente Zuidplas geen onderdeel uitmaakt van het lopende arhi-traject heeft deze gemeente aangegeven deel
te willen nemen aan deze nadere verkenning.
GS hebben de gemeenten verzocht om uiterlijk 1 februari 2012 de voortgang en de genomen stappen in deze nadere verkenning
terug te koppelen. Op basis van de uitkomsten van de nadere verkenning en de uitwerking van het gezamenlijke toekomstbeeld
nemen GS zo spoedig mogelijk maar uiterlijk 1 mei 2012 een besluit over de voortgang van het lopende arhi-traject.
De commissaris heeft in het kader van de vervulling van de burgemeestersvacature Gouda op 28 november 2011 een gesprek gehad
met de fractievoorzitters van de gemeenteraad van Gouda. Voorafgaand aan dit gesprek heeft hij GS geraadpleegd. In het gesprek
met de fractievoorzitters heeft de commissaris uiteengezet dat hij als commissaris het politieke oordeel van GS over de voortgang
van de arhi-procedure volgt. Daarbij heeft hij aangegeven dat de vacature Gouda na overleg met de gemeenteraad zal worden
opengesteld, als mocht blijken dat de arhi-procedure wordt beëindigd.
Gelet op het bovenstaande refereert de commissaris in zijn brief aan het bepaalde in de circulaire «Procedureregels benoeming
burgemeester» van 4 november 2005, onder I, punt 5.2.A, en verzoekt, gehoord GS, de burgemeestersvacature in Gouda voorlopig
niet open te stellen.
Onderdeel I, punt 5.2.A., van de circulaire vermeldt het volgende:
«De minister kan op voorstel van of na overleg met de commissaris van de Koningin, die daarover gedeputeerde staten raadpleegt,
beslissen dat een vacature in een gemeente voorlopig niet wordt opengesteld indien:
A.
het college van burgemeester en wethouders op grond van de Wet algemene regels herindeling is uitgenodigd tot het voeren van
overleg over de wens tot wijziging van de gemeentelijke indeling.»
Gelet op de huidige stand van zaken met betrekking tot de Arhi-procedure en de informatie in het ambsbericht van de commissaris
van de Koningin, zal ik na ontvangst van het ontslagverzoek van de huidige burgemeester van Gouda, de heer Cornelis, positief
beslissen op het verzoek van de commissaris de burgemeestersvacature Gouda voorlopig niet open te stellen.
Daarbij zal ik hem verzoeken mij op de hoogte te houden van de besluitvorming van GS met betrekking tot de lopende Arhi-procedure.
De minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,
J. W. E. Spies