28 684 Naar een veiliger samenleving

Nr. 862 BRIEF VAN DE MINISTER VAN JUSTITIE EN VEILIGHEID

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 8 juni 2026

Iedereen zou zich altijd en overal veilig moeten kunnen voelen. Delicten met een grote impact op slachtoffers, hun omgeving en de maatschappij tasten het veiligheidsgevoel in de samenleving sterk aan. De bestrijding van high impact crimes (HIC) heeft daarom mijn onverminderde aandacht. Dit vraagt om een structurele aanpak gericht op de preventie van HIC-delicten en het versterken van de weerbaarheid van mogelijke slachtoffers en potentiële daders op deze thema’s, in combinatie met stevige repressie door daders op te sporen, aan te houden en te vervolgen: de zogeheten HIC-aanpak. Binnen deze aanpak is in 2024 en 2025 extra aandacht uitgegaan naar onder meer de bestrijding van aanslagen met explosieven en plofkraken, het voorkomen van geweld in het publieke en semipublieke domein en de inzet van kansrijke en effectieve interventies om (herhaald) daderschap tegen te gaan.

Met deze brief informeer ik uw Kamer over de belangrijkste ontwikkelingen in de bestrijding van high impact crimes. Daarbij ga ik eerst in op een overzicht van de geregistreerde high impact crimes en een duiding hiervan. Daarna informeer ik u over de voortgang van de aanpak van diverse delicten, waaronder expressief geweld, overvallen, straatroven, ram- en plofkraken en heling.

1. Cijfermatige ontwikkelingen high impact crimes

In onderstaande tabel is op basis van politiecijfers het aantal delicten weergegeven in de periode 2015 tot en met 2025.1 Na een eerdere periode van daling, laten de cijfers voor high impact crimes in 2024 en 2025 een wisselend beeld zien. Hoewel de totale aantallen in 2025 nog altijd een stuk lager liggen dan in 2015, is bij een deel van de delicten, zoals bij geweld, sprake van een (lichte) stijging ten opzichte van 2023. Dit onderstreept dat de dalende trend niet vanzelfsprekend doorzet en dat blijvende inzet noodzakelijk blijft.

De aanpak van aanslagen met explosieven is een onverminderd groot aandachtspunt. In 2024 was sprake van een sterke stijging naar 1.543 (pogingen tot) persoonsgerichte aanslagen met explosieven. In 2025 bleef het aantal met 1.534 aanslagen vrijwel stabiel. Het aantal (pogingen tot) aanslagen blijft echter hoog en de impact op de maatschappij groot. Ook het aantal straatroven is, na een langdurige daling, licht gestegen in 2024 en 2025, al liggen de aantallen nog steeds ver onder het niveau van voor de coronaperiode. Deze ontwikkeling lijkt zich inmiddels te stabiliseren. Dit geldt ook voor de cijfers van overvallen.

Jaar

Overvallen

Straatroven

Woninginbraken

Geweld

(Poging tot) Aanslagen met explosieven

Plofkraken op geldautomaten

2015

1.239

4.731

64. 560

83.106

 

83

2016

1.138

4.167

55.470

80.332

 

111

2017

1.103

3.576

49.124

75.557

 

87

2018

1.143

3.517

42.662

72.533

 

61

2019

1.174

3.777

39.365

73.638

 

95

2020

907

3.184

30.531

70.023

 

42

2021

676

2.321

23.452

65.849

 

20

2022

670

2.481

24.275

69.995

 

15

2023

541

2.435

22.706

66.595

902

8

2024

531

2.813

22.305

68.338

1.543

9

2025

539

2.915

21.560

72.617

1.534

3

Procentuele ontwikkeling

2016–2025

– 53%

-30%

-61%

-10%

 

-97%

Procentuele ontwikkeling

2024–2025

+2%

+4%

-3%

+6%

-1%

-66%

2. Voortgang aanpak high impact crimes

Aanpak van aanslagen met explosieven

De stijging van het aantal (pogingen tot) aanslagen met explosieven in de afgelopen jaren was in 2024 aanleiding voor de oprichting van het Offensief tegen Explosies (verder: het Offensief) onder voorzitterschap van Carola Schouten, burgemeester van Rotterdam. Het Offensief is een publiek-private samenwerking, die als doel heeft om het aantal aanslagen met explosieven duurzaam te verminderen, door de lokale aanpak hiervan te ondersteunen.2 Hoewel er in 2025 sprake was van een lichte daling van het aantal aanslagen ten opzichte van die in 2024, is het aantal (pogingen tot) aanslagen nog steeds te hoog en de impact op de samenleving groot.3

Nederland zet zich, in nauwe samenwerking met Frankrijk en met steun van Zweden, al enige tijd op Europees niveau in om de illegale handel en misbruik van vuurwerk te agenderen en tegen te gaan. Alle gezamenlijke inspanningen, waaronder de uitgebreide inzet vanuit het Offensief tegen Explosies, hebben geleid tot een mooi resultaat; onlangs is door de Europese Commissie aangegeven de zorgen en urgentie te delen en is zij voornemens om, zoals Nederland, Frankrijk en Zweden bepleitten, de Pyrorichtlijn te herzien. Nog voor de zomer wordt uw Kamer via de verzamelbrief vuurwerk hier verder over geïnformeerd.

De huidige focus van het Offensief ligt op het terugdringen van de beschikbaarheid van zwaar vuurwerk, het terugdringen van het aantal (jonge) uitvoerders en het opsporen en vervolgen van opdrachtgevers en tussenpersonen zoals brokers4 en rekruteerders. Daarnaast is er aandacht voor verdere landelijke verbetering van een stevige lokale aanpak en voor het verbeteren van nazorg voor slachtoffers en omwonenden, onder andere door Stichting Slachtofferhulp Nederland.

Om het aantal aanslagen met explosieven terug te dringen heeft het Offensief in 2025 de zes gemeenten met de meeste aanslagen5 ondersteund bij het realiseren van een lokale aanpak.6 Een voorbeeld hiervan is het faciliteren van lokale bijeenkomsten met betrokken zorg- en veiligheidspartners en extra aandacht voor preventie in deze gemeenten. Zo is onder andere op scholen en tijdens apart georganiseerde bijeenkomsten binnen de gedragsinterventie «Alleen Jij Bepaalt wie je bent» extra aandacht geschonken aan de risico’s van het plaatsen van explosieven en het vergroten van de weerbaarheid van jongeren om gerekruteerd te worden. Daarnaast is er een handelingskader ontwikkeld voor gemeenten met praktische en juridische handvatten bij een aanslag met explosieven.7

In 2025 werden circa 472 verdachten door de politie aangehouden op verdenking van (een poging tot) het plegen van een aanslag met een explosief. De politie en het OM zetten zich nationaal en internationaal in om de illegale handel in vuurwerk zo dicht mogelijk bij de bron tegen te gaan. Hierbij wordt samengewerkt met de Inspectie Leefomgeving en Transport en de postsector.

Tot slot zijn campagnes, voor meerdere doelgroepen, gelanceerd en verspreid. Deze zijn onder andere gericht op bewustwording over de risico’s van zwaar vuurwerk, het (online) rekruteren voor het plegen van een aanslag en op het verhogen van de meldingsbereidheid onder burgers.8

Expressief geweld in het publieke en semipublieke domein

Op 19 mei 2025 heb ik uw Kamer inzicht gegeven in de contouren van de aanpak van expressief geweld in het publieke en semipublieke domein.9 Deze zijn gebaseerd op een uitgebreide verkenning in 2024, waarin de verschillende verschijningsvormen van geweld werden geanalyseerd. Op basis hiervan is de aanpak verder verdiept en versterkt, waarbij verschillende domeinen extra aandacht hebben gekregen.

In de afgelopen tijd is veel aandacht uitgegaan naar online en hybride geweld. Het onderzoek «Online geweld tussen burgers: Schaduwzijde van digitalisering» van het Verwey-Jonger instituut is in 2025 afgerond en aan uw Kamer gezonden.10 Op basis hiervan wordt een actieplan online geweld ontwikkeld, gericht op het tegengaan van online bedreiging en intimidatie, met bijzondere aandacht voor het hybride karakter. In september informeer ik uw Kamer over de aanpak van online en hybride geweld.

Daarnaast is de publiek-private samenwerking op de aanpak van geweld tegen werknemers in de private sector met (semi)publieke en private partners versterkt binnen een werkgroep «Geweld tegen medewerkers in het bedrijfsleven. Met deze inzet wordt voortgebouwd op de bestaande HIC-aanpak.11

Middelengebruik, vooral alcoholgebruik, is een belangrijke risicofactor voor geweldpleging. Sinds de introductie van de Wet middelenonderzoek bij geweldplegers kan in het strafproces meer rekening gehouden worden met deze risicofactor.12 In februari 2025 is uw Kamer de effectevaluatie van deze wet aangeboden.13 Daarmee is de motie Van Oosten/Marcouch afgehandeld, die de regering verzocht te monitoren of de wet de beoogde effecten sorteerde.14 Een van de bijzondere voorwaarden die ingrijpen op het middelengebruik, vormt het alcoholverbod. Voor een sluitend toezicht op de naleving van dit verbod is eerder in pilots de Alcoholmeter beproefd, een enkelband die continu het alcoholgebruik meet. Na de aankondiging van de landelijke implementatie van de Alcoholmeter,15 is in juni 2024 een daartoe strekkend wetsvoorstel bij uw Kamer aanhangig gemaakt.16 In juni 2025 heeft uw Kamer de nota naar aanleiding van het verslag ontvangen.17

Overvallen

Binnen de Taskforce Overvallen (TFO), onder voorzitterschap van burgemeester Hamming van de gemeente Zaanstad, hebben publieke en private partijen de afgelopen jaren samengewerkt aan de aanpak van overvallen en ram- en plofkraken. In de afgelopen jaren is onder andere gewerkt aan het versterken van de weerbaarheid van medewerkers in de branches die kwetsbaar zijn voor overvallen, bijvoorbeeld de juweliersbranche, en waarin de cijfers het afgelopen jaar zijn gestegen.

Er is ten behoeve van de juweliersbranche de Waarschuwingsapp ontwikkeld om lokaal het aantal incidenten, zoals overvallen, agressie en diefstal, in deze branche te verlagen. Daarnaast worden twee innovatieve start ups (mede) gefinancierd, waarbij de toepassing van artificiële intelligentie wordt verkend ter preventie van overvallen. De eerste gaat over AI-ondersteunde e-learnings die aansluiten op de leerbehoeften van medewerkers. De tweede gaat over de inzet van camera’s met een AI-toepassing om aan de hand van kenmerken een overval vroegtijdig te herkennen. Camerabeelden worden daarbij lokaal geanalyseerd op kenmerkende verdachte gedragingen en objecten, zonder persoonlijke kenmerken vast te leggen. Zo kunnen eerder maatregelen getroffen worden om escalatie te voorkomen.

Na het verstrijken van de termijn van de TFO en het actieprogramma eind 202518 is met de betrokken partners afgesproken om de publiek-private samenwerking voort te zetten in een regulier overleg en dat voortgebouwd zal worden op de eerder behaalde resultaten. De gezamenlijke inzet blijft onverminderd van kracht.

Straatroven

In de afgelopen twee jaar is een lichte stijging van het aantal straatroven te zien. Opvallend is dat deze stijging niet alleen in grote steden te zien is, maar verspreid door het hele land. Hoewel de stijging inmiddels weer lijkt af te vlakken, vormt dit aanleiding voor meer aandacht voor dit HIC fenomeen. Nieuw is de relatie met hybride geweld. Naast financieel gewin als motief, wordt ook intimidatie en vernedering van slachtoffers als motief voor de beroving geconstateerd. In overleg met gemeenten, de politie en het OM is er, mede gezien de zeer jonge leeftijd van daders van straatroven, in het bijzonder aandacht voor het vroegsignaleren van risicogedrag en het verminderen van de waarde van de buit. Handelingsperspectieven voor gemeenten om overvallen tegen te gaan, worden dit najaar gepubliceerd op de site van het Centrum voor Criminaliteitspreventie en Veiligheid (CCV).

Ram- en plofkraken

In eerdere brieven is uw Kamer geïnformeerd over de dalende trend in het aantal plofkraken op geldautomaten en het door TNO ontwikkelde model om risico’s voor de fysieke leefomgeving rondom ram- en plofkraken in te schatten bij het plaatsen van een geldautomaat.19, 20 De afgelopen jaren is het aantal plofkraken sterk afgenomen. Dit is bereikt door stevige inzet van politie en justitie en gerichte ontmoediging bijvoorbeeld door ontwaarding van de buit. Deze effectieve Nederlandse aanpak van plofkraken op geldautomaten heeft geleid tot een uitbreiding van het werkterrein van in Nederland woonachtige plofkrakers naar andere landen zoals Duitsland. Daarom is de in Nederland opgedane kennis en ervaring op het gebied van preventie van plofkraken gedeeld met de Duitse autoriteiten. Daarnaast werken de Nederlandse en Duitse politie en OM nauw samen bij de opsporing en vervolging van uit Nederland afkomstige daders. Deze inspanningen hebben inmiddels ook in Duitsland geleid tot een significante afname van ram- en plofkraken door in Nederland woonachtige verdachten.

Sinds eind maart 2026 is in Nederland sprake van een plotselinge toename van het aantal plofkraken. De oorzaak hiervan lijkt een nieuwe modus operandi waarbij aanvallen gericht zijn op onder andere sealbagautomaten21 en er zwaardere explosieven worden gebruikt. Deze ontwikkeling heeft de aandacht van de politie.Om de publieke veiligheid te waarborgen is in overleg met de betrokken partners bij de publiek-private samenwerking direct gereageerd met noodmaatregelen, waarbij dit type automaten (deels) tijdelijk gesloten werd. Daarnaast is Geldmaat direct gestart met ontwikkeling en invoering van nieuwe technische beveiligingsmaatregelen.

Woninginbraken

In 2024 en 2025 is het aantal woninginbraken in Nederland verder gedaald naar het laagste aantal sinds de aantallen worden geregistreerd. Het lijkt erop dat de jarenlange inzet op het gedrag van burgers22 in combinatie met het in (nieuwe) woningen aanbrengen van beter hang- en sluitwerk en een repressieve inzet op daders, de gelegenheid voor inbraken hebben verkleind.

De aantallen zijn lager dan voorheen, maar gemiddeld genomen gaat het in 2025 nog steeds om 2 tot 3 woninginbraken per uur in Nederland. De impact van een woninginbraak is voor de slachtoffers, hun omgeving en de buurt onverminderd hoog. Samen met de politie en het CCV worden de ontwikkelingen daarom blijvend gemonitord zodat waar nodig actie ondernomen kan worden. Bij de inzet van maatregelen wordt gefocust op periodes waarin traditioneel genomen meer woninginbraken plaatsvinden zoals de zomer(vakantie)periode en de donkere dagen in de winterperiode.

Heling

Bij (gewelddadige) vermogensdelicten is de kans groot dat goederen gestolen worden die vervolgens aan burgers of handelaren te koop worden aangeboden.23 Het frustreren van de afzetmarkt voor gestolen spullen kan daarom in belangrijke mate bijdragen aan het voorkomen van (gewelddadige) vermogenscriminaliteit. In de politiedatabase Stop Heling kunnen burgers en bedrijven een diefstalcheck doen op aangeboden tweedehands goederen. Deze database bevat informatie uit de aangiftes van meer dan twee miljoen ontvreemde goederen. In december 2025 heeft een landelijke radiocampagne plaatsgevonden om burgers en bedrijven te wijzen op het belang van een diefstalcheck via Stop Heling. Per april 2026 zijn er bijna 19 miljoen diefstalchecks gedaan.

Daarnaast voorziet de helingaanpak in het Digitaal Opkopers Register (DOR), dat gekoppeld is aan de database van Stop Heling en zorgt voor geautomatiseerde opsporing van ontvreemde goederen, het Digitaal Opkopers Loket (DOL) voor de meldplicht van handelaren, wat het mogelijk maakt om zicht te krijgen op opkopers en handelaren en het Digitaal Opkopers Controlesysteem (DOC), ter ondersteuning van de toezichthouders. Per 1 januari 2026 zijn 8.585 Nederlandse opkopers en handelaren in 324 gemeenten aangesloten op het DOR. Verder maken per 1 januari 2026 6.028 opkopers en handelaren in 286 gemeenten gebruik van het DOL. Het wetsvoorstel ter wijziging van de artikelen 437 en 437ter van het Wetboek van Strafrecht stelt het gebruik van het DOR en DOL landelijk bij wet verplicht en is inmiddels door uw Kamer aangenomen.

3. Overkoepelende inzet

Dadergericht

Binnen de HIC-aanpak wordt veel gebruik gemaakt van inzichten uit de wetenschap. Daaruit blijkt dat HIC-daders vaak al op jonge leeftijd crimineel gedrag vertonen en langer actief blijven in de criminaliteit dan andere daders. Een vroege start vergroot de kans op een langdurige criminele carrière, vooral wanneer het eerste delict een overval, straatroof of woninginbraak betreft. Minderjarige daders hebben in dat geval een verhoogd risico om uit te groeien tot veelpleger.24 Er wordt daarom, in lijn met de levensloop, ingezet op vroegtijdig aanpakken van risicofactoren en het toevoegen van beschermende factoren ter voorkoming van (herhaald) daderschap.25

Binnen de HIC-aanpak zijn op dit moment drie preventieve dadergerichte interventies (door)ontwikkeld: Alleen jij bepaalt wie je bent, de IPTA-mentor26 en de werkwijze Re-integratieofficier. Daarnaast worden gemeenten en partners, met middelen en expertise, ondersteund bij de ontwikkeling van aanvullende lokale aanpakken. Er wordt zoveel mogelijk ingezet op bewezen effectieve of kansrijke interventies, in lijn met het Landelijk Kwaliteitskader Effectieve Jeugdinterventies (KEI). Het KEI is in de tweede helft van 2024 ontwikkeld en daarna verspreid onder gemeenten. In verschillende bijeenkomsten door het land, onder andere in het kader van Preventie met Gezag, zijn gemeenten geïnformeerd over de inhoud en toepassingsmogelijkheden van dit kader. Daarnaast wordt dit kader als richtlijn gehanteerd bij het ondersteunen van lokale aanpakken.

Alleen jij bepaalt wie je bent

Alleen jij bepaalt wie je bent (AJB) is een erkende en effectief bewezen preventieve gedragsinterventie, gericht op jongeren in een kwetsbare positie tussen de 12 en 18 jaar.27 28 Het doel van deze interventie is hen te begeleiden bij een positieve ontwikkeling richting volwassenheid. Zo kan overlastgevend en delinquent gedrag verminderd of voorkomen worden. In de periode 2024–2025 hebben ruim 4.500 jongeren in meer dan 45 gemeenten aan AJB deelgenomen. Dit is een uitbreiding met meer dan 1.000 jongeren ten opzichte van 2023–2024. Ook op Aruba, Bonaire, Curaçao en Sint Maarten wordt AJB ingezet.

Uit wetenschappelijk onderzoek van de Universiteit van Amsterdam blijkt dat deelnemers van AJB tot twee keer minder vaak in contact komen met de politie en tot drie keer minder vaak veroordeeld worden dan jongeren uit de controlegroep, die deze interventie niet hebben gekregen. De inzet van AJB krijgt ook incidenteel financiële steun vanuit een Europees Fonds. Verder wordt AJB ingezet in Aruba, Bonaire, Curaçao en Sint Maarten.

Integrale Persoonsgerichte Toeleiding naar Arbeid

De Integrale Persoonsgerichte Toeleiding naar Arbeid (IPTA) is een interventie ontwikkeld voor (jong)volwassenen (16–27) in een kwetsbare positie waarbij sprake is van multiproblematiek. Uit onderzoek blijkt dat de aanwezigheid van meerdere belemmerende factoren op verschillende leefgebieden,29 in combinatie met het ontbreken van beschermende factoren criminogene factoren en het ontbreken van beschermende factoren kan leiden tot delinquent gedrag.30 Deze interventie biedt jongvolwassenen met multiproblematiek perspectief en een kans om een zelfstandig bestaan op te bouwen, hierbij is specifieke aandacht voor toeleiding naar werk of opleiding.

Momenteel zijn 48 mentoren actief, goed voor in totaal 35,9 fte, verspreid over 23 gemeenten en één Zorg- en Veiligheidshuis. Vergeleken met 2023–2024 is het aantal fte met 11,65 toegenomen. In 2026 zullen nog meer gemeenten, onder andere vanuit Preventie met Gezag, van start gaan met de IPTA-mentor.

Re-integratieofficier

HIC-daders hebben een grotere kans om te recidiveren dan niet-HIC-daders31 De kans op recidive is met name in de eerste maanden na vrijlating uit detentie hoog. Om de recidive terug te dringen en het plegen van high impact crimes te voorkomen, wordt er tijdens en na detentie gewerkt aan een goede re-integratie naar de vrije samenleving.

De Re-integratieofficier (RIO) voert namens de gemeente de regie op de re-integratie van personen tussen de 18 en 35 die terugkeren uit detentie en problemen hebben op meerdere leefgebieden. Daarbij ondersteunt de RIO bij het op orde brengen van onder andere huisvesting, het verkrijgen van een identiteitsbewijs, werk en inkomen, aanpak van schulden, zorg en het sociale netwerk. Een eerste (beperkte) analyse van beschikbare gegevens toont aan dat wanneer één van de drie leefgebieden (schulden, werk of woonruimte) op orde is, er minder recidive plaatsvindt. Wanneer twee of meer leefgebieden op orde zijn, is de recidive nog lager. Hoe langer een persoon door een RIO begeleid wordt, des te meer leefgebieden er op orde lijken te komen.

Op dit moment zijn er 41 RIO’s actief in het land, verdeeld over 19 gemeenten en vijf Zorg- en Veiligheidshuizen. In totaal gaat het om 32,2 fte. Vergeleken met 2023 en 2024 is het aantal fte’s nagenoeg gelijk gebleven. Vanuit Preventie met Gezag zijn er meerdere gemeenten voornemens om in de loop van 2026 te starten met de RIO-werkwijze.

Slachtoffergerichte aanpak

Om te voorkomen dat mensen slachtoffer worden van delicten met hoge impact, wordt actief ingezet met op de doelgroep gerichte publieksvoorlichting op groepen die extra kwetsbaar zijn, zoals senioren. Hierbij ligt de nadruk op het vergroten van hun weerbaarheid, alertheid en gevoel van veiligheid.

Elk jaar wordt in april speciale aandacht besteed aan senioren en veiligheid. Voor deze doelgroep zijn dan ook diverse communicatiemiddelen beschikbaar. In april 2024 en 2025 heeft mijn ministerie in samenwerking met publieke en private partners, verschillende informatieve bijeenkomsten voor senioren georganiseerd, waaraan ongeveer 750 senioren hebben deelgenomen. De eerder gelanceerde campagnematerialen zijn daarnaast opnieuw beschikbaar gesteld aan gemeenten en organisaties voor ouderen.

Directe aansprakelijkstelling

De afgelopen twee jaar ondersteunde ik de directe aansprakelijkstelling van daders, waarbij de indirecte schade en eventuele directe schade met name voor ondernemers collectief worden geïnd. Deze werkwijze wordt onder meer toegepast bij geweld in het openbaar vervoer en in de horeca en bij verzekeringsfraude, benzinediefstal, heling, winkeldiefstal en internetoplichting. Via de stichting Directe Aansprakelijkstelling Aan Daders (DAAD) wordt de toepassing van deze civiele vordering gestimuleerd en de kwaliteit van de uitvoering bewaakt. Deze activiteiten worden bevorderd door ambtelijke ondersteuning te verlenen aan DAAD. In 2024 bedroeg het totaal van de schades die namens de gedupeerde ondernemers verhaald zijn door de DAAD-gecertificeerde uitvoeringsorganisatie SODA 4,65 miljoen euro. In 2025 was dit gestegen naar 6,13 miljoen euro. In een publiek-privaat samengestelde werkgroep onder leiding van mijn ministerie zijn de afgelopen twee jaar de knelpunten, zowel aan publieke als aan private zijde, in de toepassing van de directe aansprakelijkstelling geïnventariseerd. Het resultaat hiervan is besproken in het overleg van het Nationaal Platform Criminaliteitsbeheersing (NPC-overleg) van 13 april jl.

4. Overig

Inzet op de Cariben

In de grote Nederlandse steden is problematiek zichtbaar, die te relateren is aan verdachten en daders afkomstig uit het Caribisch deel van het Koninkrijk. Zowel positieve als negatieve ontwikkelingen aldaar hebben een weerslag in Nederland. Het is daarom een Koninkrijks- en Nederlands belang om in te zetten op een reductie van het aantal high impact crimes in het Caribisch deel van het Koninkrijk. De HIC-aanpak wordt vormgegeven samen met de eilanden langs de beleidslijnen zoals neergelegd in de gezamenlijke Justitie en Veiligheid beleidsagenda voor Caribisch Nederland. Er wordt kennis uitgewisseld en de in Nederland succesvolle methoden worden toegepast op de eilanden, op een wijze die aansluit bij de lokale situatie. De focus ligt op het voorkomen van daderschap, slachtofferschap en recidive. Er wordt ingezet op bewezen effectieve en kansrijke interventies die zich richten op het versterken van de weerbaarheid van jongeren en het vergroten van hun kansen en perspectieven, zoals «Alleen jij bepaalt wie je bent», het «Leerorkest» en de Re-integratieofficier. Daarnaast wordt ondersteuning geboden aan lokale initiatieven en bij de professionalisering van lokale organisaties en bedrijven door middel van trainingen.

Motie van het voormalig lid Bruyning inzake ervaringsdeskundigen

Op 6 november 2024 diende het lid Bruyning een motie in waarin verzocht werd te onderzoeken hoe ervaringsdeskundigheid effectief ingezet kan worden bij de preventie van jeugdcriminaliteit.32

Ervaringsdeskundigen kunnen voor verschillende doeleinden ingezet worden.

Op dit moment lopen nog diverse, langdurige onderzoeken naar de verschillende rollen die ervaringsdeskundigen in de preventieve aanpak van jeugdcriminaliteit kunnen hebben. Uitkomsten van deze onderzoeken worden nauwlettend gevolgd om zo inzicht te krijgen hoe ervaringsdeskundigen op een effectieve wijze ingezet kunnen worden voor de preventie van jeugdcriminaliteit of voor andere doelen.

De waardevolle inzichten en lessen die deze onderzoeken gaan opleveren, zullen breder worden gedeeld onder gemeenten en met andere partners. Hiermee beschouw ik de motie Bruyning c.s., om de kennis over en goede ervaring met de inzet van ervaringsdeskundigheid breder onder gemeenten te delen en binnen de lerende aanpak samen met de wetenschap hieraan specifieke aandacht te besteden en hierover te rapporteren, als afgedaan.

De Minister van Justitie en Veiligheid, D.M. van Weel


X Noot
1

Bron: Jaarverslagen politie 2015 t/m 2025.

X Noot
2

Kamerstukken II, 2024–2025, 28 684, nr. 779 en 740.

X Noot
3

Door de aanslagen in 2025 zijn onder meer 1.045 woningen, 253 bedrijven en 203 voertuigen getroffen.

X Noot
4

Brokers zijn cruciale tussenpersonen die een bemiddelende, verbindende en faciliterende rol vervullen binnen criminele netwerken. Zij nemen opdrachten aan, zetten deze door, zorgen voor het vinden van uitvoerders en sturen deze soms aan. Een rol die zowel organisatorisch, logistiek als strategisch van aard kan zijn.

X Noot
5

Het betrof Amsterdam, Rotterdam, Den Haag, Almere, Utrecht en Den Bosch.

X Noot
6

Kamerstukken II, 2024–2025, 28 684, nr. 779.

X Noot
7

Kamerstukken II, 2025–2026, 28 684, nr. 816.

X Noot
8

De campagne Praat met je kind over explosies, ontwikkeld door de gemeente Amsterdam en landelijk beschikbaar gesteld via het Netwerk Explosies in Gemeenten, stimuleert ouders om met hun kinderen in gesprek te gaan over de gevaren van explosieven. Daarnaast richt de campagne Houd misdaad uit je buurt zich op het herkennen van online ronselen voor criminele activiteiten en het bieden van handelingsperspectief. Tot slot heeft Meld Misdaad Anoniem in 2025 en 2026 campagnes gevoerd om de meldingsbereidheid rond aanslagen met explosieven te vergroten.

X Noot
9

Kamerstukken II, 2024–2025 28 684, nr. 780.

X Noot
10

Kamerstukken II 2025–2026 28 684, nr. 816.

X Noot
11

Kamerstukken II 2025–2026 28 684, nr. 816.

X Noot
12

Als sprake is van geweld onder invloed, leidt dit tot strafeisverzwaring (75%) en/of de inzet van bijzondere voorwaarden (zoals een alcoholverbod, locatieverbod, gedragsinterventies).

X Noot
13

Kamerstukken II, 2024–2025, 28 684 en 33 799, nr. 772.

X Noot
14

Kamerstukken II, 2015–2016, 33 799, nr. 15.

X Noot
15

Kamerstukken II, 2019–2020, 27 565 en 29 398, nr. 175.

X Noot
16

Kamerstukken II, 2023–2024, 36 585, nr. 1.

X Noot
17

Kamerstukken II, 2024–2025, 36 585, nr. 6.

X Noot
18

Kamerstukken II, 2025–2026, 28 684, nr. 816.

X Noot
19

Kamerstukken II, 2024–2025, 28 684, nrs. 748 en 780.

X Noot
20

Kamerstukken II, 2025–2026, 28 684, nr. 816.

X Noot
21

Een sealbagautomaat is een beveiligde geldautomaat waarmee zakelijke klanten contant geld, verpakt in een verzegelde plastic zak (sealbag), kunnen storten.

X Noot
22

Deur op slot, raampje dicht en lichtje aan.

X Noot
23

Heling is een belangrijke facilitator voor het plegen van vermogenscriminaliteit. Het voorkomen, opsporen en vervolgen van heling maakt daarom deel uit van de aanpak. De helingbestrijding beoogt zowel het frustreren van de afzetmarkt voor gestolen goederen alsmede het vergroten van de pakkans van helers en stelers.

X Noot
24

Bronnen: WODC, Achtergronden en recidive onder daders van high impact crimes veroordeeld in 2002–2017, 2021. WODC, Criminele carrières van daders van high impact crimes, 2021.

X Noot
25

Het aantal HIC veroordeelden is gedaald met 47% bij woninginbrekers, 73% bij straatrovers en 49% bij overvallers. Deze dalende trends zijn in lijn met bevindingen op basis van politieregistraties. De daling van de recidive blijft hierbij achter. Het lijkt er dus op dat er een hardnekkige groep overblijft die volhardt in het plegen van delicten.

X Noot
26

Integrale persoonsgerichte toeleiding naar Arbeid.

X Noot
27

Uit diverse evaluaties van de Universiteit van Amsterdam blijkt dat AJB een positieve gedragsverandering realiseert bij deelnemers in vergelijking met een controlegroep.

X Noot
28

Door het Nederlands Jeugdinstituut met de kwalificatie «Effectief volgens eerste aanwijzingen».

X Noot
29

zoals bijvoorbeeld schulden, schooluitval, werkloosheid, huisvesting, ontbreken van vaardigheden en negatief sociaal netwerk.

X Noot
30

Van der Laan et al. (2006), jeugddelinquentie; Servaas, Weerman & Fischer (2021). Risico-, versterkende en beschermende factoren voor crimineel gedrag.

X Noot
31

Het aantal HIC veroordeelden is gedaald met 47% bij woninginbrekers, 73% bij straatrovers en 49% bij overvallers. Deze dalende trends zijn in lijn met bevindingen op basis van politieregistraties. De daling van de recidive blijft hierbij achter. Het lijkt er dus op dat er een hardnekkige groep overblijft die volhardt in het plegen van delicten.

X Noot
32

Kamerstukken II, 2024–2025, 24 587, nr. 1000.


X Noot
1

Bron: Jaarverslagen politie 2015 t/m 2025.

X Noot
2

Kamerstukken II, 2024–2025, 28 684, nr. 779 en 740.

X Noot
3

Door de aanslagen in 2025 zijn onder meer 1.045 woningen, 253 bedrijven en 203 voertuigen getroffen.

X Noot
4

Brokers zijn cruciale tussenpersonen die een bemiddelende, verbindende en faciliterende rol vervullen binnen criminele netwerken. Zij nemen opdrachten aan, zetten deze door, zorgen voor het vinden van uitvoerders en sturen deze soms aan. Een rol die zowel organisatorisch, logistiek als strategisch van aard kan zijn.

X Noot
5

Het betrof Amsterdam, Rotterdam, Den Haag, Almere, Utrecht en Den Bosch.

X Noot
6

Kamerstukken II, 2024–2025, 28 684, nr. 779.

X Noot
7

Kamerstukken II, 2025–2026, 28 684, nr. 816.

X Noot
8

De campagne Praat met je kind over explosies, ontwikkeld door de gemeente Amsterdam en landelijk beschikbaar gesteld via het Netwerk Explosies in Gemeenten, stimuleert ouders om met hun kinderen in gesprek te gaan over de gevaren van explosieven. Daarnaast richt de campagne Houd misdaad uit je buurt zich op het herkennen van online ronselen voor criminele activiteiten en het bieden van handelingsperspectief. Tot slot heeft Meld Misdaad Anoniem in 2025 en 2026 campagnes gevoerd om de meldingsbereidheid rond aanslagen met explosieven te vergroten.

X Noot
9

Kamerstukken II, 2024–2025 28 684, nr. 780.

X Noot
10

Kamerstukken II 2025–2026 28 684, nr. 816.

X Noot
11

Kamerstukken II 2025–2026 28 684, nr. 816.

X Noot
12

Als sprake is van geweld onder invloed, leidt dit tot strafeisverzwaring (75%) en/of de inzet van bijzondere voorwaarden (zoals een alcoholverbod, locatieverbod, gedragsinterventies).

X Noot
13

Kamerstukken II, 2024–2025, 28 684 en 33 799, nr. 772.

X Noot
14

Kamerstukken II, 2015–2016, 33 799, nr. 15.

X Noot
15

Kamerstukken II, 2019–2020, 27 565 en 29 398, nr. 175.

X Noot
16

Kamerstukken II, 2023–2024, 36 585, nr. 1.

X Noot
17

Kamerstukken II, 2024–2025, 36 585, nr. 6.

X Noot
18

Kamerstukken II, 2025–2026, 28 684, nr. 816.

X Noot
19

Kamerstukken II, 2024–2025, 28 684, nrs. 748 en 780.

X Noot
20

Kamerstukken II, 2025–2026, 28 684, nr. 816.

X Noot
21

Een sealbagautomaat is een beveiligde geldautomaat waarmee zakelijke klanten contant geld, verpakt in een verzegelde plastic zak (sealbag), kunnen storten.

X Noot
22

Deur op slot, raampje dicht en lichtje aan.

X Noot
23

Heling is een belangrijke facilitator voor het plegen van vermogenscriminaliteit. Het voorkomen, opsporen en vervolgen van heling maakt daarom deel uit van de aanpak. De helingbestrijding beoogt zowel het frustreren van de afzetmarkt voor gestolen goederen alsmede het vergroten van de pakkans van helers en stelers.

X Noot
24

Bronnen: WODC, Achtergronden en recidive onder daders van high impact crimes veroordeeld in 2002–2017, 2021. WODC, Criminele carrières van daders van high impact crimes, 2021.

X Noot
25

Het aantal HIC veroordeelden is gedaald met 47% bij woninginbrekers, 73% bij straatrovers en 49% bij overvallers. Deze dalende trends zijn in lijn met bevindingen op basis van politieregistraties. De daling van de recidive blijft hierbij achter. Het lijkt er dus op dat er een hardnekkige groep overblijft die volhardt in het plegen van delicten.

X Noot
26

Integrale persoonsgerichte toeleiding naar Arbeid.

X Noot
27

Uit diverse evaluaties van de Universiteit van Amsterdam blijkt dat AJB een positieve gedragsverandering realiseert bij deelnemers in vergelijking met een controlegroep.

X Noot
28

Door het Nederlands Jeugdinstituut met de kwalificatie «Effectief volgens eerste aanwijzingen».

X Noot
29

zoals bijvoorbeeld schulden, schooluitval, werkloosheid, huisvesting, ontbreken van vaardigheden en negatief sociaal netwerk.

X Noot
30

Van der Laan et al. (2006), jeugddelinquentie; Servaas, Weerman & Fischer (2021). Risico-, versterkende en beschermende factoren voor crimineel gedrag.

X Noot
31

Het aantal HIC veroordeelden is gedaald met 47% bij woninginbrekers, 73% bij straatrovers en 49% bij overvallers. Deze dalende trends zijn in lijn met bevindingen op basis van politieregistraties. De daling van de recidive blijft hierbij achter. Het lijkt er dus op dat er een hardnekkige groep overblijft die volhardt in het plegen van delicten.

X Noot
32

Kamerstukken II, 2024–2025, 24 587, nr. 1000.

Naar boven