Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2019-202028676 nr. 339

28 676 NAVO

25 295 Infectieziektenbestrijding

Nr. 339 BRIEF VAN DE MINISTER VAN DEFENSIE

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 9 april 2020

Hierbij ontvangt u de geannoteerde agenda ten behoeve van de ingelaste bijeenkomst van NAVO-ministers van Defensie op 15 april 2020.

De ingelaste videoteleconferentie van de ministers van Defensie bouwt voort op de bijeenkomst van de ministers van Buitenlandse Zaken op 2 april jl. (Kamerstuk 28 676, nr. 338). De vergadering staat in het teken van de wereldwijde uitbraak van COVID-19 en de implicaties daarvan voor het bondgenootschap. De ministers zullen spreken over steunmaatregelen voor bondgenoten en partners. Ook zullen de ministers een verkennend gesprek voeren over de langetermijngevolgen van de uitbraak voor het bondgenootschap en zal worden stilgestaan bij het aanhoudende belang van de afschrikking en verdediging (de zogenaamde Deterrence & Defence Posture) van de NAVO. Tot slot zal worden gesproken over het tegengaan van desinformatie. De COVID-19 uitbraak vereist een gemeenschappelijke respons. Daarom zal een vertegenwoordiger van de EU bij de vergadering aanwezig zijn, evenals de ministers van Finland en Zweden.

Steunmaatregelen

De uitbraak van COVID-19 stelt bondgenoten voor ongekende uitdagingen. Hoewel de NAVO niet de eerst aangewezene is, speelt het bondgenootschap een rol in de bestrijding van deze crisis. De ministers van Buitenlandse Zaken gaven tijdens hun bijeenkomst op 2 april jl. reeds de opdracht tot het oprichten van een Task Force voor het faciliteren van transport van personeel en materieel en tot het opzetten van luchttransport ten behoeve van distributie van medische hulp. Zij gaven eveneens opdracht tot het uitwerken van eventuele additionele steunmaatregelen voor bondgenoten en voor partners van het bondgenootschap.

De ministers van Defensie zullen worden geïnformeerd over de voortgang van de reeds in gang gezette steunmaatregelen die op 2 april werden besproken. Tevens spreken zij over welke additionele steunmaatregelen wenselijk zijn. Nederland zal in deze discussie aandacht vragen voor het belang van een goede afstemming tussen de activiteiten die in NAVO-kader worden ontplooid en de activiteiten die in EU-verband plaatsvinden. Op 6 april jl. spraken de EU ministers van Defensie eveneens over COVID-19. Er werd toen afgesproken dat binnen bestaande mandaten ook in EU-verband een Task Force zal worden opgericht. Deze Task Force zal de uitwisseling van informatie over militaire ondersteuning die nationaal wordt verleend door de ministeries van Defensie van de verschillende lidstaten faciliteren met het oog op de gewenste afstemming tussen de lidstaten. Het belang van afstemming tussen activiteiten die plaatsvinden in EU-kader en in NAVO-verband werd tijdens deze bijeenkomst ook meermaals benadrukt. De Task Forces aan beide zijden kunnen daar naar verwachting een rol in spelen.

Gevolgen uitbraak COVID-19

De prioriteit van de NAVO ligt tijdens de COVID-19-uitbraak onveranderd bij het uitvoeren van de drie hoofdtaken (collectieve verdediging, coöperatieve veiligheid en crisismanagement). De ministers spreken over de afschrikking en verdediging van de NAVO tijdens deze crisis, evenals over de missies en operaties. Met terugtrekking van niet-essentieel personeel uit bijvoorbeeld Afghanistan is het onvermijdelijk dat het operationele tempo afneemt of zelfs tijdelijk stopt. Behoud van het essentiële personeel stelt de missies in staat het tempo te verhogen wanneer restricties worden opgeheven. De continuïteit voor de langere termijn – en daarmee het doel van een missie – is daarmee gewaarborgd. De gezondheid van al diegenen die betrokken zijn bij de NAVO-missies en -operaties staat uiteraard voorop.

Hoewel de bestrijding van COVID-19 nog volop in ontwikkeling is, acht de NAVO het van belang om na te denken over de geopolitieke consequenties, de weerbaarheid en het vermogen om de bedrijfsvoering van de NAVO voort te zetten. De ministers starten daarom tijdens de bijeenkomst het gesprek over de langetermijngevolgen van de uitbraak voor het bondgenootschap. Nederland steunt deze insteek van harte. Het in kaart brengen van de (mogelijke) effecten van de crisis kan bijdragen aan besluitvorming over maatregelen die, waar mogelijk, de gevolgen van de COVID-19-uitbraak op korte termijn bestrijden en tegelijkertijd onze belangen op langere termijn beschermen.

Eveneens zal worden gesproken over mogelijke veiligheidsimplicaties van de COVID-19-uitbraak. Potentiële tegenstanders, statelijk en niet-statelijk, kunnen misbruik maken van het feit dat thans veel aandacht uitgaat naar de bestrijding van de gevolgen van COVID-19. Ook kan een uitbraak van COVID-19 in instabiele gebieden voor verdere onrust of zelfs conflicten zorgen. De bondgenoten moeten, zoals altijd, voorbereid zijn op alle scenario’s.

Desinformatie

De Wereldgezondheidsorganisatie waarschuwt al langer dat de uitbraak van en de reactie op COVID-19 gepaard gaan met een «infodemie»; een overvloed aan informatie – soms correct en soms niet – die het voor mensen moeilijk maakt om betrouwbare bronnen en informatie te vinden wanneer ze die nodig hebben. Statelijke en niet-statelijke actoren kunnen verspreiding van desinformatie tijdens de COVID-19-uitbraak gebruiken om de veiligheid, stabiliteit en solidariteit van multilaterale samenwerkingsverbanden zoals de NAVO en EU te ondermijnen. De ministers spreken over het tegengaan van desinformatie. Proactieve, heldere en op feiten gebaseerde externe communicatie over NAVO-beleid kan bijdragen aan het bevorderen van begrip en positieve beeldvorming. Vanwege de expertise in beide organisaties, is samenwerking tussen de EU en de NAVO van groot belang. Nederland zal hier op wijzen.

Over nationale ontwikkelingen die spelen omtrent desinformatie, wordt uw Kamer op korte termijn geïnformeerd door de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.

Kamervragen

Als het gaat om de inzet van Defensie in de bestrijding van COVID-19 is uw Kamer eerder gemeld (Aanhangsel Handelingen II 2019/20, nr. 2393) dat de laatste Nederlandse evacués uit Wuhan zijn vertrokken uit het Walaardt Sacré kamp. Per abuis is hier de datum van 16 maart genoemd, dat moet zijn 16 februari.

De Minister van Defensie, A.Th.B. Bijleveld-Schouten