28 625
Herziening van het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid

nr. 75
MOTIE VAN DE LEDEN CRAMER EN WAALKENS

Voorgesteld 2 juli 2009

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

overwegende, dat vermaatschappelijking van het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid gewenst is om diensten die niet via de markt worden betaald, te kunnen ondersteunen en legitimatie voor inkomenssteun te versterken;

constaterende, dat het kabinet hiervoor een aanzet gaf in de toekomstvisie voor het gemeenschappelijk landbouwbeleid (de Houtskoolschets), maar in de Nederlandse invulling van de Health Check slechts beperkt gebruikmaakt van de mogelijkheden voor vermaatschappelijking, bijvoorbeeld via artikel 45 en/of artikel 69, lid 1, van Verordening 73/2009;

van mening, dat het van belang is om ervaring op te doen met beloning van maatschappelijke diensten alvorens dit als standaardsysteem wordt ingevoerd en dit voornemen op uitvoerbaarheid en inkomensgevolgen te kunnen beoordelen en dat de mogelijkheden die de Health Check daarvoor biedt, ingezet dienen te worden;

verzoekt de regering een systeem van beloning van maatschappelijke diensten uit te werken en onderzoek te doen naar de inkomensgevolgen hiervan voor verschillende typen landbouwers in verschillende typen waardevolle gebieden, actoren in het landelijk gebied hierbij te betrekken en maart 2010 aan de Kamer voor te leggen, zodat bij het eerstvolgende herzieningsmoment volgens artikel 45, lid 1, en artikel 68, lid 8, werkelijk stappen gezet kunnen worden richting vermaatschappelijking, met gebruikmaking van artikel 69, lid 1, van Verordening 73/2009;

verzoekt de regering tevens om een pilot te starten, bijvoorbeeld in Laag Holland, om ervaring op te doen met de beloning van maatschappelijke diensten in een waardevol gebied,

en gaat over tot de orde van de dag.

Cramer

Waalkens

Naar boven