Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2010-201128625 nr. 132

28 625 Herziening van het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid

Nr. 132 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN ECONOMISCHE ZAKEN, LANDBOUW EN INNOVATIE

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 14 juli 2011

In het Verslag Algemeen Overleg van 22 juni jl. ter voorbereiding van de Landbouwraad van 28 juni jl., heb ik uw Kamer een brief toegezegd over de mogelijkheden voor steunmaatregelen voor de teelt van vezelgewassen.

Door de leden Koopmans en Van Gerven werd verwezen naar artikel 68, lid 1, onderdeel a, sub (v) van Verordening (EG) nr. 73/2009 dat ruimte zou bieden om steun te verlenen aan landbouwers die een prestatie leveren op het gebied van de bescherming van biodiversiteit, het tegengaan van klimaatverandering en het bevorderen van innovatie door de teelt van kleine gewassen zoals vlas, vezelhennep en miscanthus. De leden vragen de regering voornoemde casus uit te werken en aan te geven op welke juridische gronden deze invulling wel of niet zou kunnen en de Kamer daar voor 15 juli 2011 over te berichten.

Na grondige bestudering zie ik helaas geen juridische mogelijkheid om een specifieke steunmaatregel op grond van het genoemde artikelonderdeel in te stellen voor de gewassen vlas, vezelhennep en miscanthus voor de periode 2012–2013. Het genoemde artikelonderdeel van deze verordening geeft lidstaten de mogelijkheid om specifieke steun te verlenen aan landbouwers voor specifieke landbouwactiviteiten die meerwaarde voor het landbouwmilieu opleveren. Deze steun mag echter alleen verleend worden indien wordt voldaan aan de in artikel 39, lid 3, eerste alinea, van Verordening (EG) nr. 1698/2005 bedoelde voorschriften (agromilieuverbintenissen van 5 à 6 jaar die verder gaan dan reguliere normen). Tevens mogen alleen de daadwerkelijk gemaakte extra kosten en gederfde inkomsten worden gedekt. Van extra kosten en derving van inkomsten is echter geen sprake bij de reguliere teelt van vezelgewassen. Er is sprake van een normale teelt waarbij geen extra kosten of gederfde inkomsten vastgesteld kunnen worden.

Wellicht ten overvloede wijs ik er hierbij op dat komend jaar de ontkoppeling van vlas en hennep zal worden afgerond, conform de afspraken over de hervorming van het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid (GLB) die gemaakt zijn tijdens de Midterm Review van 2003 en de Health Check van 2008.

Hierover bent u geïnformeerd per brief van 27 april 2009 (TK 28 265, nr. 69). Deze ontkoppeling is niet alleen vastgelegd in Europese afspraken maar ook in Nederlandse regelgeving. Door deze ontkoppeling ontvangt een reguliere vlasteler de komende jaren een op zijn historische vlasareaal gebaseerde ontkoppelde toeslag van ruim 1 100 euro per hectare per jaar, naast de toeslagen die bijvoorbeeld zijn gebaseerd op de graanteelt.

Ook artikel 68, eerste lid, onderdeel b, waarin enkele sectoren zijn genoemd die nog wel een gekoppelde premie mogen ontvangen, biedt geen ruimte omdat hierin geen vezelgewassen genoemd worden. Voor artikel 68, eerste lid, onderdeel a, sub (i), waar in het kader van het bedoelde verzoek ook nog aan zou kunnen worden gedacht, geldt hetzelfde als hierboven is aangegeven voor onderdeel a, sub (v), namelijk dat alleen extra kosten en gederfde inkomsten zouden kunnen worden gecompenseerd.

De staatssecretaris van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie,

H. Bleker