28 619
Verslagen van de commissie voor de Verzoekschriften

nr. 98
VERSLAG OVER HET ADRES1 VAN W.A.J. VERBURG TE RIJNSATERWOUDE BETREFFENDE DE VERMOGENSRENDEMENTSHEFFING

Vastgesteld 20 maart 2003

De commissie2, gelet op de door de staatssecretaris van Financiën verstrekte inlichtingen,

overwegende,

dat adressant zich erover beklaagt dat de staatssecretaris van Financiën heeft geweigerd om op grond van de hardheidsclausule ex artikel 63 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen goed te keuren dat de forfaitaire rendementsheffing over zijn vermogen in box 3 achterwege blijft,

dat adressant met ingang van het jaar 2001, als gevolg van de belastingherziening per 1 januari 2001, belasting verschuldigd is over het forfaitaire rendement van 4 procent over het vermogen in box 3,

dat adressant aanvoert dat hij in de jaren vóór 2001 geen belasting verschuldigd was over dat vermogen doch door de wetswijziging aanzienlijke belastingbedragen schuldig blijkt in de jaren daarna, hetgeen naar zijn mening in strijd is met de verkondiging dat de belastingherziening niet tot lastenverzwaring zou leiden,

dat tegenover de invoering van de forfaitaire vermogensrendementsheffing staan het afschaffen van de vermogensbelasting en verlaging van het belastingtarief, doch dat nimmer is uitgesloten dat dit in individuele gevallen tot nadeel ofwel lastenverzwaring zal leiden,

dat het door adressant aangevoerde verschil tussen de aanslag in de inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen over het jaar 2000 en de aanslag over het jaar 2001 voorts verklaard kan worden uit het feit dat hij over het jaar 2000 aftrekbare kosten kon opvoeren in verband met zijn inkomsten uit vermogen,

dat voorts is gebleken dat bij adressant over het jaar 2000 vermogensbelasting had kunnen worden geheven,

dat de bij adressant gebleken gevolgen van de wetswijziging door de wetgever zijn voorzien, zodat daar niet op grond van de hardheidsclausule aan kan worden tegmoetgekomen,

dat overigens het systeem van de vermogensrendementsheffing zal worden betrokken bij de voorziene evaluatie van de belastingherziening;

van oordeel,

dat niet is gebleken dat ten aanzien van adressant een onjuist fiscaal beleid is gevoerd,

stelt de Kamer voor ten aanzien van dit adres over te gaan tot de orde van de dag.

De voorzitter van de commissie,

Mosterd

De griffier van de commissie,

Van Dijk


XNoot
1

Dit adres en de stukken welke de commissie bij haar onderzoek ten dienste hebben gestaan, liggen op het commissiesecretariaat Verzoekschriften, Lange Poten 4, Den Haag, ter inzage van de leden.

XNoot
2

De commissie bestaat uit de leden: Kalsbeek (PvdA), Giskes (D66), Mosterd (CDA) (Voorzitter), Van Gent (GroenLinks), Van der Staaij (SGP), Blok (VVD), De Wit (SP) en Kraneveldt (LPF) en de plaatsvervangende leden Van Heemst (PvdA), Van Vroonhoven-Kok (CDA), Vietsch (CDA), Tonkens (GroenLinks), Slob (Christen Unie) en Varela (LPF).

Naar boven