Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummerDatum ontvangst
Tweede Kamer der Staten-Generaal2002-200328607 nr. 12

28 607
Wijziging van enkele belastingwetten c.a. (Belastingplan 2003 Deel I)

nr. 12
AMENDEMENT VAN DE LEDEN VENDRIK EN BUSSEMAKER

Ontvangen 8 november 2002

De ondergetekenden stellen het volgende amendement voor:

I

In artikel VI worden de volgende wijzigingen aangebracht:

A. Onderdeel B vervalt.

B. Onderdeel C vervalt.

C. Onderdeel D vervalt.

D. Onderdeel M vervalt.

E. Onderdeel N vervalt.

II

In artikel XI, onderdeel A, worden de volgende wijzigingen aangebracht:

A. Het eerste lid wordt vervangen door:

1. In het eerste lid vervalt onderdeel e.

B. In het vierde lid wordt «artikel 6» vervangen door: de artikelen 6 en 16b.

III

In artikel XI, onderdeel B, worden de volgende wijzigingen aangebracht:

A. Het eerste lid wordt vervangen door:

1. In het eerste lid vervalt onderdeel b.

B. Het tweede lid vervalt.

IV

In artikel XI, onderdeel C, vervalt het derde lid.

V

Artikel XI, onderdeel G, vervalt.

VI

Artikel XI, onderdeel J wordt als volgt gewijzigd:

A. In het eerste lid wordt «wordt het in artikel 14, tweede lid, vermelde toetsloon vervangen door een ander toetsloon» vervangen door: worden de in de artikelen 14 en 16b vermelde toetslonen en de in artikel 16b vermelde maximumbedragen van de afdrachtvermindering betaald ouderschapsverlof vervangen door andere.

B. Het tweede lid wordt vervangen door:

2. Het tweede en het vierde lid vervallen, onder vernummering van het derde lid tot tweede lid en het vijfde tot en met zevende lid tot respectievelijk derde, vierde en vijfde lid.

C. Het vierde lid wordt vervangen door:

4. In het tot vijfde vernummerde zevende lid wordt «voor de toepassing van het tweede tot en met zesde lid» vervangen door: voor de toepassing van het tweede tot en met vierde lid.

VII

Artikel XI, onderdeel M, vervalt.

Toelichting

Dit amendement regelt dat het Witteveenkader per 1 januari 2003 niet wordt ingeperkt. Voorts ziet dit amendement erop toe dat de afdrachtvermindering betaald ouderschapsverlof niet wordt afgeschaft. Dit amendement dient in samenhang te worden beschouwd met amendement Bussemaker/Vendrik 28 607, nr. 7 dat handhaving van het spaarloon in 2003 regelt. Dit amendement zal tevens een wijziging van de begroting SoZaWe vragen, waarop de uitgaven voor de Wet Finlo worden verantwoord.

Dit amendement vloeit voort uit het voorstel dat de PvdA en GroenLinks hebben ingediend bij de Algemene Financiële Beschouwingen.

Vendrik

Bussemaker