Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummerDatum ontvangst
Tweede Kamer der Staten-Generaal2003-200428484 nr. 18

28 484
Wijziging van het Wetboek van Strafrecht en de Wegenverkeerswet 1994, in verband met de herijking van een aantal wettelijke strafmaxima

nr. 18
AMENDEMENT VAN HET LID VOS

Ontvangen 19 mei 2004

De ondergetekende stelt het volgende amendement voor:

In artikel I wordt na onderdeel Ba een nieuw onderdeel ingevoegd, luidende:

Bb

In artikel 77g, derde lid, wordt de zinsnede «ten hoogste drie maanden» vervangen door: ten hoogste zes maanden.

Toelichting

Bij de introductie van de mogelijkheid tot combinatie van onvoorwaardelijke jeugddetentie met een taakstraf werd een maximum vrijheidsstraf van drie maanden voldoende geacht. De Centrale Raad voor Strafrechtstoepassing (CRS) adviseerde reeds voor een mogelijkheid met zes maanden. Dit amendement strekt ertoe alsnog een combinatie van taakstraf en een onvoorwaardelijke detentie tot een maximum van 6 maanden mogelijk te maken. In de situatie dat een jeugdige tot de behandeling op de terechtzitting in voorlopige hechtenis verblijft en de rechter meent dat jeugddetentie niet langer geïndiceerd is, ontbreekt thans de mogelijkheid om, naast de op dat moment reeds ondergane jeugddetentie (die alsdan veelal net de termijn van drie maanden overschrijdt), (ook) nog een taakstraf op te leggen. Immers verhindert artikel 77g thans die combinatiemogelijkheid. Dit amendement biedt de rechter alsnog die mogelijkheid. Daarmee wordt geen zwaardere oplegging beoogd, maar kan een straf opgelegd worden die (nog) beter is toegesneden op de bijzonderheden van het geval.

Vos