28 482
Aanpassing van de Auteurswet 1912, de Wet op de naburige rechten en de Databankenwet ter uitvoering van richtlijn nr. 2001/29/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 22 mei 2001 betreffende de harmonisatie van bepaalde aspecten van het auteursrecht en de naburige rechten in de informatiemaatschappij (PbEG L 167) (Uitvoering richtlijn auteursrecht en naburige rechten in de informatiemaatschappij)

nr. 9
TWEEDE NOTA VAN WIJZIGING

Ontvangen 16 mei 2003

Het voorstel van wet wordt als volgt gewijzigd:

A

Artikel I wordt als volgt gewijzigd:

a

Onder verlettering van de onderdelen A en Aa tot respectievelijk Aa en Ab wordt voor deze onderdelen een nieuw onderdeel A ingevoegd, luidende:

A

In artikel 9 wordt voor het woord «werk» telkens ingevoegd: exemplaar van het.

b

In onderdeel I wordt artikel 16c als volgt gewijzigd:

1. Het eerste lid komt te luiden:

1. Als inbreuk op het auteursrecht op een werk van letterkunde, wetenschap of kunst wordt niet beschouwd het reproduceren van het werk of een gedeelte ervan, mits het reproduceren geschiedt zonder direct of indirect commercieel oogmerk en uitsluitend dient tot eigen oefening, studie of gebruik van de natuurlijke persoon die de reproductie vervaardigt.

2. Het tweede lid komt te luiden:

2. Voor het reproduceren, bedoeld in het eerste lid, is de fabrikant of de importeur van een voorwerp dat bestemd is om een werk ten gehore te brengen, te vertonen of weer te geven ten behoeve van de maker of diens rechtverkrijgenden een billijke vergoeding verschuldigd.

3. Het derde en achtste lid vervallen.

4. Het vierde tot en met zevende lid worden vernummerd tot het derde tot en met zesde lid en het negende en tiende lid worden vernummerd tot het zevende en achtste lid.

5. In het derde tot en met vijfde lid (aanvankelijk vierde tot en met zesde lid) wordt «tegemoetkoming» telkens vervangen door: vergoeding.

B

In artikel II, onderdeel G, komt artikel 10, onderdeel e, te luiden:

e. het reproduceren van op grond van deze wet beschermd materiaal, mits het reproduceren geschiedt zonder direct of indirect commercieel oogmerk en uitsluitend dient tot eigen oefening, studie of gebruik van een natuurlijke persoon die de reproductie vervaardigt; de artikelen 16c, tweede tot en met zevende lid, 16d tot en met 16g, 17d en 35c van de Auteurswet 1912 zijn van overeenkomstige toepassing;

C

Na artikel III wordt een nieuw artikel IIIa ingevoegd, luidende:

ARTIKEL IIIA

Voor zover uitvoerende kunstenaars of fonogrammenproducenten als bedoeld in het op 20 december 1996 te Genève gesloten Verdrag van de Wereldorganisatie voor de intellectuele eigendom inzake uitvoeringen en fonogrammen (Trb. 1998, 248) rechten kunnen ontlenen aan dat verdrag, kunnen zij aanspraak maken op de daarmee corresponderende rechten uit de Wet op de naburige rechten.

D

Na artikel V wordt een nieuw artikel Va ingevoegd, luidende:

ARTIKEL VA

De nog niet genummerde leden van artikelen van de Auteurswet 1912 worden genummerd.

E

Artikel VI komt te luiden:

ARTIKEL VI

De tekst van de Auteurswet 1912 wordt in het Staatsblad geplaatst.

Naar boven