28 447
Regeling met betrekking tot tegemoetkomingen in de kosten van kinderopvang en waarborging van de kwaliteit van kinderopvang (Wet basisvoorziening kinderopvang)

nr. 26
AMENDEMENT VAN HET LID TONKENS

Ontvangen 11 maart 2004

De ondergetekende stelt het volgende amendement voor:

I

Artikel 6 wordt als volgt gewijzigd:

a. Onder vernummering van het tweede tot en met vijfde lid tot derde tot en met zesde lid, wordt een tweede lid toegevoegd, luidende:

2. De hoogte van de tegemoetkoming van het Rijk is voorts mede afhankelijk van:

a. de bijdragen in de kosten van kinderopvang die de ouder en, indien hij een partner heeft, zijn partner per kind kunnen ontvangen in het kader van het verrichten van tegenwoordige arbeid, met dien verstande dat die bijdragen slechts in aanmerking worden genomen, voor zover het totaal ervan een derde deel van de kosten van kinderopvang, bedoeld in het eerste lid, niet te boven gaat, of

b. de bijdrage in de kosten van kinderopvang die de ouder zonder partner per kind kan ontvangen in het kader van het verrichten van tegenwoordige arbeid, met dien verstande dat die bijdrage slechts in aanmerking wordt genomen, voor zover het totaal ervan een zesde deel van de kosten van kinderopvang, bedoeld in het eerste lid, niet te boven gaat.

b. In het vijfde lid wordt «De bedragen, bedoeld in het tweede lid» vervangen door: De bedragen, bedoeld in het derde lid.

II

Artikel 87a vervalt.

III

Artikel 87b, eerste lid, aanhef, komt te luiden:

1. Een ouder en, indien hij een partner heeft, zijn partner hebben in aanvulling op de in hoofdstuk 2, paragraaf 2, bedoelde tegemoetkoming aanspraak op een extra tegemoetkoming van het Rijk gedurende drie jaar na het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet, voor zover de kinderopvang in de maand voorafgaand aan dat tijdstip:.

IV

Artikel 87c komt te luiden:

Artikel 87c

Bij toepassing van artikel 87 b zijn de artikelen 6 tot en met 18 van overeenkomstige toepassing.

Toelichting

Dit amendement beoogt om de tijdelijke extra tegemoetkoming van het rijk bij onvolledige werkgeversbijdrage om te zetten in een structurele regeling. Ook wel «»compensatieregeling» genoemd. Als uitgangssituatie wordt 2005 gekozen. De situatie van voor de tweede nota van wijziging wordt weer werkelijkheid. Ouders met een ontoereikende bijdrage van de werkgever of opdrachtgever ontvangen blijvend een tegemoetkoming van de overheid. Dit amendement geldt zolang als het wetvoorstel niet voorziet in verplichte werkgeversbijdragen. Het probleem van onwelwillende werkgevers mag niet eenzijdig bij ouders worden neergelegd, daarmee komt de toegankelijkheid van kinderopvang in gevaar.

Tonkens

Naar boven