nr. 1
KONINKLIJKE BOODSCHAP
Aan de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Aan de Staten van de Nederlandse Antillen
Aan de Staten van Aruba
Wij bieden U hiernevens ter overweging aan een voorstel van rijkswet houdende
wijziging van de Paspoortwet, onder andere in verband met het toepassen van
biometrie in reisdocumenten.
De memorie van toelichting, die het wetsvoorstel vergezelt, bevat de gronden
waarop het rust.
En hiermede bevelen Wij U in Godes heilige bescherming.
's-Gravenhage
22 april 2002
Beatrix
nr. 2
VOORSTEL VAN WET
Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van
Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is de Paspoortwet
te wijzigen, onder andere in verband met het toepassen van biometrie in reisdocumenten;
Zo is het, dat Wij, de Raad van State van het Koninkrijk gehoord, en met
gemeen overleg der Staten-Generaal, de bepalingen van het Statuut voor het
Koninkrijk in acht genomen zijnde, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk
wij goedvinden en verstaan bij deze:
ARTIKEL I
De Paspoortwet wordt als volgt gewijzigd:
A
In artikel 1 wordt, onder verlettering van de onderdelen j, k en l tot
k, l en m, een nieuw onderdeel j ingevoegd, luidende:
j. biometrische kenmerken: unieke lichaamskenmerken van een persoon, aan
de hand waarvan diens identiteit kan worden geverifieerd.
B
In artikel 3 wordt het achtste lid vervangen door acht leden, luidende:
8. In een reisdocument kunnen, naast de foto en de handtekening, in elektronische
vorm gegevens omtrent biometrische kenmerken van de houder worden vastgelegd
met het doel om te verifiëren of de houder dezelfde persoon is als degene
aan wie het reisdocument is verstrekt.
9. Bij algemene maatregel van rijksbestuur wordt bepaald in welke reisdocumenten
gegevens omtrent biometrische kenmerken van de houder kunnen worden vastgelegd
en welke biometrische kenmerken het betreft.
10. De in een reisdocument vast te leggen gegevens omtrent biometrische
kenmerken van de houder worden door de tot het in ontvangst nemen van de aanvraag
bevoegde autoriteit bij de betrokken persoon afgenomen en terstond zodanig
in elektronische vorm omgezet dat daaruit geen fysieke of persoonlijke kenmerken
van de houder kunnen worden gereconstrueerd. Deze gegevens worden vervolgens,
samen met de overige bij de aanvraag overgelegde gegevens, in het reguliere
aanvraag- en produktieproces vastgelegd in het reisdocument.
11. De gegevens omtrent biometrische kenmerken van de houder worden na
uitreiking van het reisdocument opgenomen in de in het veertiende lid, laatste
volzin, bedoelde administratie en kunnen uitsluitend in het kader van de uitvoering
van deze wet aan de daarmee belaste autoriteiten of bij een vermoeden van
fraude dan wel misbruik van het reisdocument aan met de opsporing daarvan
belaste ambtenaren worden verstrekt ten behoeve van de verificatie van de
identiteit van de houder.
12. Bij algemene maatregel van rijksbestuur wordt bepaald op welke wijze
gegevens omtrent biometrische kenmerken van de houder worden verzameld, vastgelegd
en beveiligd, in welke gevallen en aan wie zij uit de in het veertiende lid,
laatste volzin, bedoelde administratie kunnen worden verstrekt, alsmede wanneer
en op welke wijze zij worden vernietigd.
13. Bij ministeriële regeling kunnen nadere technische en organisatorische
voorschriften worden gegeven met betrekking tot het bepaalde in het tiende,
elfde en twaalfde lid.
14. De tot uitreiking bevoegde autoriteiten houden een administratie bij
met betrekking tot uitgereikte reisdocumenten en daarin bijgeschreven personen.
Deze administratie bevat de gegevens bedoeld in het eerste lid, tweede lid,
eerste volzin, vierde lid, vijfde lid en zesde lid van dit artikel, alsmede
de documentnummers. In deze administratie kunnen voorts ten hoogste de gegevens
die bij de aanvraag zijn overgelegd, worden opgenomen. De foto, de handtekening
en de gegevens omtrent biometrische kenmerken van de houder, alsmede de foto
van de bijgeschreven persoon worden bewaard door de autoriteit die het reisdocument
heeft verstrekt onderscheidenlijk de bijschrijving heeft verricht, in een
administratie die uitsluitend op naam en op documentnummer toegankelijk is.
15. Na de plaatsing in het Staatsblad van een krachtens het negende lid
vastgestelde algemene maatregel van rijksbestuur wordt een voorstel van rijkswet
tot regeling van het betrokken onderwerp zo spoedig mogelijk bij de Staten-Generaal,
de Staten van de Nederlandse Antillen en de Staten van Aruba ingediend. Indien
het voorstel wordt ingetrokken of indien een van de beide kamers der Staten-Generaal
besluit het voorstel niet aan te nemen, wordt de algemene maatregel van rijksbestuur
onverwijld ingetrokken. Wordt het voorstel tot wet verheven, dan
wordt de algemene maatregel van rijksbestuur ingetrokken op het tijdstip van
inwerkingtreding van die wet.
C
In de aanhef van artikel 22 wordt «het gemeentebestuur, het provinciaal
bestuur» vervangen door: het college van Burgemeester en Wethouders,
het college van Gedeputeerde Staten.
ARTIKEL II
Deze rijkswet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen
tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend
kan worden vastgesteld.
Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad, in het Publicatieblad van
de Nederlandse Antillen en in het Afkondigingsblad van Aruba zal worden geplaatst
en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat,
aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Gegeven
De Minister voor Grote Steden- en Integratiebeleid,