28 283
Wijziging van de Wet bijzondere opnemingen in psychiatrische ziekenhuizen (zelfbinding)

nr. 10
AMENDEMENT VAN HET LID VEENENDAAL

Ontvangen 13 oktober 2005

De ondergetekende stelt het volgende amendement voor:

I

Artikel 34n, eerste lid wordt vervangen door:

1. Ten aanzien van een patiënt die op grond van een zelfbindingsmachtiging in een psychiatrisch ziekenhuis verblijft, is hoofdstuk III, met uitzondering van de artikelen 39, eerste lid, onder a, en 40, derde lid, onder c, niet van toepassing.

II

Aan artikel 39, eerste lid, wordt, onder aanduiding van de bestaande tekst vanaf «op wie hoofdstuk II toepassing heeft gevonden» als onderdeel a, een onderdeel toegevoegd, luidende:

b. ten aanzien van wie een zelfbindingsmachtiging is verleend, kan een middel of een maatregel slechts worden toegepast teneinde de behandeling als bedoeld in artikel 34n, tweede lid, mogelijk te maken.

III

Na artikel 40, derde lid, wordt een nieuw lid ingevoegd, luidende:

3a. In geval van een patiënt ten aanzien van wie een zelfbindingsmachtiging is verleend kan het recht op bewegingsvrijheid worden beperkt, indien dit noodzakelijk is om de behandeling, die is voorzien in de verklaring, zonder diens toestemming te kunnen toepassen.

Toelichting

In het voorliggend wetsvoorstel is er geen mogelijkheid om bij dwangbehandeling overeenkomstig de zelfbindingsverklaring de patiënt in noodsituaties bijvoorbeeld kortdurend te kunnen fixeren.

Een persoon die krachtens een zelfbindingsmachtiging gedwongen in het ziekenhuis verblijft, zal doorgaans op een gesloten afdeling moetenverblijven teneinde de behandeling waartoe de zelfbindingsverklaring strekt, adequaat te kunnen uitvoeren.

Veenendaal

Naar boven