28 192
Drugssmokkel Schiphol

nr. 24
BRIEF VAN DE MINISTER VAN JUSTITIE

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 2 december 2003

Op 20 november jl. heeft de vaste commissie voor Justitie een algemeen overleg met mij gevoerd over de vijfde voortgangsrapportage drugssmokkel Schiphol. Tijdens dat overleg hebben leden van de commissie gevraagd aan te geven waarom verdachten die in het kader van de in de voortgangsrapportage omschreven aanpak (intensivering van de stofgerichte aanpak met behulp van integrale 100%-controles op de grootste risicovluchten) worden aangehouden niet, zoals dat thans onder specifieke voorwaarden het geval is, met een dagvaarding kunnen worden heengezonden. Dit naar aanleiding van mijn voornemen verdachten, eveneens onder specifieke voorwaarden, zonder dagvaarding heen te zenden. Ik heb toegezegd de commissie daarover nader schriftelijk te informeren. Bij brief van 26 november jl., met kenmerk Min-40-2003, heeft de commissie mij verzocht dit met spoed te doen, mede met het oog om hierover binnen afzienbare tijd in een voortgezet algemeen overleg nader met mij van gedachten te wisselen. Middels deze brief doe ik mijn toezegging gestand.

Van belang is de functie van de dagvaarding in het Nederlands strafprocesrecht voorop te stellen. Ingevolge het wetboek van strafvordering (artikel 258, eerste lid) vormt de dagvaarding namelijk het document waarmee een strafzaak ter terechtzitting aanhangig wordt gemaakt. Voordat dat daartoe kan worden overgegaan, is het noodzakelijk dat het openbaar ministerie over voldoende bewijs beschikt om de zaak aan de rechter voor te leggen. Als dit geen uitgangspunt zou zijn, zouden vele verdachten ten onrechte worden gedagvaard. Bovendien zal de rechter op die dagvaarding alleen veroordelen als uit het dossier blijkt dat aan de strafprocessuele eisen, zoals aanhouding, inverzekeringstelling en verhoor is voldaan.

In «eenvoudige» strafzaken, zoals het rijden onder invloed, kan relatief snel tot dagvaarden worden overgegaan, omdat het bewijs snel rond te krijgen is op basis van een blaastest of bloedproef en de verdachte dus slechts enkele uren wordt opgehouden. Bij drugskoeriers ligt dat anders. Bewezen moet immers worden dat iemand opzettelijk drugs binnen Nederlands grondgebied heeft gebracht. Het bewijs daarvoor is op voorhand niet aanwezig. Veelal, behoudens bolletjesslikkers, verklaren koeriers dat zij niet wisten dat er drugs in hun bagage zaten of dat zij gedwongen waren drugs te smokkelen. Om toch het bewijs rond te krijgen is nader onderzoek vereist. Dit leidt er toe dat in koerierszaken het openbaar ministerie meestal pas tijdens de voorlopige hechtenis tot het heenzenden met dagvaarding kan over gaan.

Het vorenstaande brengt met zich mee dat voordat een dagvaarding kan worden uitgebracht door de verschillende ketenpartners al verschillende werkzaamheden moet worden verricht. Te denken valt in ieder geval aan: het aanhouden van de verdachte en het opmaken van een proces-verbaal van aanhouding, het in beslag nemen van de drugs, het wegen daarvan, het uitvoeren van een test en vernietiging van de drugs, het horen van de verdachte, het verkrijgen van inlichtingen cq. het horen van getuigen dan wel medeverdachten, het regelen van een tolk en van rechtsbijstand, het in verzekeringstellen van de verdachte, het opmaken van een voorgeleidingsproces-verbaal, het nader horen van de verdachte, het opmaken van een proces-verbaal en het inzenden daarvan naar het openbaar ministerie, het voorgeleiden van de verdachte aan de officier van justitie en de rechter-commissaris, het registreren en complementeren van het proces-verbaal bij het openbaar ministerie, het vorderen door het openbaar ministerie van de inbewaringstelling bij de rechter-commissaris en de daarbij behorende vorderingen, het oproepen van tolken en raadslieden, het vorderen door het openbaar ministerie van de gevangenhouding met de daarbij behorende vorderingen en oproepingen (tolken en raadslieden), het nemen van een vervolgingsbeslissing door het openbaar ministerie na bestudering van het dossier.

Ook nadat de dagvaarding is uitgebracht, moeten de ketenpartners de nodige werkzaamheden verrichten. De officier en de rechters moeten de zitting inhoudelijk voorbereiden in verband met het requisitoir respectievelijk de ondervraging van de verdachte ter zitting. Daarnaast dienen in ieder geval nog de volgende werkzaamheden te worden verricht: het oproepen van de raadslieden en eventuele getuigen, het afdoen van correspondentie, het doen van een uitspraak, het opstellen van een vonnis en het verzenden daarvan en de executie van het vonnis

Indien het uitbrengen van een dagvaarding uitgangspunt zou blijven, horen daarbij alle werkzaamheden die voorafgaan aan de dagvaarding en volgen op het uitreiken daarvan. Met het oog op de geschatte omvang van de problematiek, zoals aangegeven in de vijfde voortgangsrapportage, zullen tijdens de integrale 100%-controles op de grootste risicovluchten veel meer verdachten worden aangehouden dan thans het geval is. Als zij allen met een dagvaarding moeten worden heengezonden, zal dit de verwerkingscapaciteit van de justitieketen overstijgen1. Ik noem de 100%-controles, in aanvulling op de vijfde voortgangsrapportage, hier overigens bewust integraal, om een duidelijk onderscheid te maken met eerder aangekondigde 100%-controles. Wegens de grenzen in de verwerkingscapaciteit van de justitieketen hebben deze controles tot op heden incidenteel plaatsgevonden, waarbij deze zich voornamelijk richtten op de passagiers. De thans voorgestelde integrale 100%-controles zullen daarentegen ook zien op controle van bagage, vracht, cabinepersoneel en het vliegtuig zelf. Daarnaast zullen ze niet meer incidenteel worden uitgevoerd. Daar komt bij dat de reguliere controles op Schiphol gewoon doorgaan, waarbij ook aanhoudingen worden verricht.

Het realiseren van de maatregelen, zoals vermeld in de vijfde voortgangsrapportage, is alleen mogelijk wanneer de grenzen van de justitieketen niet bepalend zijn voor de mate waarin controles worden uitgevoerd. De enige manier om dat binnen de beschikbare capaciteit te bereiken, is om gedurende de tijd dat de integrale 100%-controles worden uitgevoerd een bepaalde categorie drugskoeriers zonder dagvaarding heen te zenden. Immers, alleen het niet uitbrengen van een dagvaarding voorkomt dat het merendeel van de werkzaamheden moet worden verricht, die voorafgaan aan en volgen op de uitreiking van een dagvaarding. Wel zullen van deze koeriers uiteraard de drugs in beslag worden genomen en worden vernietigd. Tevens wordt van hen een registratie bij gehouden met het oog op herkenning van eventuele recidive. Voorts zullen de relevante gegevens aan de luchtvaartmaatschappijen worden verstrekt. Het is de bedoeling dat de luchtvaartmaatschappijen jegens deze personen op basis van hun eigen vervoersvoorwaarden speciale maatregelen treffen, waaronder het voor een bepaalde periode weigeren van de vlucht van en naar Schiphol en eventueel andere bestemmingen. Ten aanzien van koeriers die niet tot de categorie behoren die voor het heenzenden zonder dagvaarding in aanmerking komen, zal vervolging blijven plaatsvinden. Ook zal betrekkelijk kort nadat met de integrale 100%-controles is aangevangen, een evaluatie plaatsvinden. Aan de hand daarvan zal worden bezien of continuering zinvol is en of een vluchtverbod tot de mogelijkheden behoort.

Graag wil ik gegeven de urgentie van de problematiek op Schiphol zo spoedig mogelijk met het voorgenomen beleid aanvangen. Ik hoop dan ook dat, zoals de vaste commissie in het schrijven van 26 november jl. heeft aangegeven, binnen afzienbare tijd het voortgezet algemeen overleg zal plaatshebben.

De Minister van Justitie,

J. P. H. Donner


XNoot
1

Thans worden op Schiphol elke maand gemiddeld 200 drugskoeriers aangehouden. De capaciteit van het Schipholteam, dat is belast met de aanpak van de drugskoeriers, is berekend op het kunnen afdoen van 180 koerierszaken per maand. Naast koerierszaken worden door het openbaar ministerie en de zittende magistratuur op Schiphol ook andere strafzaken behandeld (ongeveer 6000 op jaarbasis), waaronder vermogensdelicten, mensensmokkel, wapens, witwassen, geweldsdelicten, overtredingen van de vreemdelingenwet en luchtvaartdelicten. De omvang van het openbaar ministerie en de zittende magistratuur is hierop afgestemd.

Naar boven