28 191
Voorstel van wet van het lid Lambrechts tot wijziging van de Monumentenwet (nadere regels omtrent de advisering door de Rijksdienst voor de Monumentenzorg)

nr. 8
BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN ONDERWIJS, CULTUUR EN WETENSCHAP

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 13 juni 2005

Bij deze reageer ik op uw brief d.d. 16 december 2002: Adviesaanvraag inzake wijziging Monumentenwet. In deze brief vraagt u van de Rijksdienst voor de Monumentenzorg een advies over het initiatief wetsvoorstel van het lid Lambrechts (Kamerstuk 28 191). Het initiatief wetsvoorstel van het lid Lambrechts heeft betrekking op Artikel 16 van de Monumentenwet 1988. Momenteel ben ik bezig met het afschaffen van de dubbele adviesplicht. Dit houdt in het kort het volgende in. Indien een eigenaar van een Rijksmonument een wijziging wil aanbrengen aan zijn pand, dan dient hij of zij, ingevolge Artikel 11–17 van de Monumentenwet 1988, een vergunning daarvoor aan te vragen. De gemeente verleent deze vergunning, en dient daaraan voorafgaand twee adviezen te vragen: één van de gemeentelijke Monumentencommissie en één van de Rijksdienst voor de Monumentenzorg. Momenteel wordt bezien hoe de adviesplicht van de Rijksdienst voor de Monumentenzorg kan worden omgezet in een adviesbevoegdheid: de Rijksdienst zal dan in een beperkt aantal nader te bepalen aanvragen een advies uitbrengen. Het voordeel hiervan is dat dit zowel de gemeenten als de Rijksdienst voor de Monumentenzorg een vermindering van administratieve lasten oplevert. Als gevolg hiervan zal Artikel 16 van de Monumentenwet 1988 gewijzigd worden. Bij deze wijziging wordt ook gereageerd op het initiatief wetsvoorstel.

De huidige planning is dat het afschaffen van de dubbele adviesplicht vanaf 1 jan 2007 een feit is. Dus in de loop van 2006 zal het voorstel tot wijziging van artikel 16 aan u worden voorgelegd, inclusief de reactie op het initiatief wetsvoorstel van het lid Lambrechts.

Ik hoop u hiermee voldoende op de hoogte te hebben gebracht.

De staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,

M. C. van der Laan

Naar boven