Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2020-202128165 nr. 337

28 165 Deelnemingenbeleid rijksoverheid

Nr. 337 BRIEF VAN DE MINISTER VAN FINANCIËN

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 2 februari 2021

In mei 2020 is uw Kamer geïnformeerd1 over de mogelijke oplossingen voor de financiering van de kapitaalbehoefte van TenneT. Er is toen aangegeven dat verschillende opties zijn overwogen en dat de voorkeursoptie van het kabinet een minderheidsbelang in TenneT door de Duitse staat is. Daartoe is op 19 mei 2020 ook een Joint Declaration of Intent (JDI) met de Duitse staat getekend, waarin onder meer is afgesproken dat er tot 31 december 2020 exclusieve onderhandelingen met Duitsland zouden plaats vinden. Hierbij informeer ik u, mede namens de Minister van Economische Zaken en Klimaat en de Minister van Justitie en Veiligheid, over de voortgang van de gesprekken met de Duitse staat en de vervolgstappen.

Invulling van de kapitaalbehoefte voor het Duitse deel van TenneT

In mei 2020 (Kamerstuk 28 165, nr. 325) is een start gemaakt met gesprekken met de Duitse staat langs de twee pijlers zoals beschreven in de JDI. Het doel van de eerste pijler is het verder op elkaar afstemmen van de samenwerking tussen beide staten op het gebied van elektriciteitsnetten, in het bijzonder transmissienetten. De tweede pijler kent als doelstelling het uitwerken en realiseren van een mogelijke investering in TenneT door de Duitse staat. De gesprekken met betrekking tot de eerste pijler zijn goed van start gegaan.

De gesprekken met betrekking tot de tweede pijler hebben ruimte gegeven om de voorkeuren en ideeën uit te wisselen over een gedeeld aandeelhouderschap in TenneT. Belangrijke thema’s in deze gesprekken waren onder meer de zeggenschapsstructuur en het aandelenpercentage dat de Duitse staat in geval van een deelname zal krijgen. In de gesprekken is gebleken dat Duitsland denkt aan een investering in TenneT Duitsland. Uitgangspunt hierbij was het principe uit de JDI dat beide staten verantwoordelijk zijn voor de investeringen op hun eigen grondgebied. Op basis van dit principe en eigen calculaties is het perspectief van Duitsland dat zij, of een samenwerkingsverband tussen de Duitse staat en partners, zullen uitgroeien tot meerderheidsaandeelhouder. Op basis van de berekeningen van TenneT verwacht het kabinet dit scenario op korte tot middellange termijn niet, maar dit is afhankelijk van hoe de investeringen en gereguleerde inkomsten van TenneT zich in het komend decennium verder ontwikkelen.

Een meerderheidsbelang in TenneT Duitsland, inclusief de daarbij behorende zeggenschap, wijkt af van de in de Kamerbrief gepresenteerde voorkeursoptie, die uitging van een minderheidsbelang. Dit vraagt om een heroverweging van de voorkeursoptie en alternatieve opties. Hierbij wordt het gehele spectrum van opties overzien. Daarbij zijn de randvoorwaarden en de doelstellingen zoals eerder geformuleerd nog altijd leidend:

  • Randvoorwaarde 1: Borgen publieke belangen

  • Randvoorwaarde 2: Borgen nationale veiligheid

  • Doelstelling 1: Behoud voordelen van grensoverschrijdende activiteiten

  • Doelstelling 2: Verlaging financiële risico over de Duitse activiteiten

De conclusies uit de eerder uitgevoerde nationale veiligheidsanalyse zijn ook relevant bij een heroverweging van de opties. Zoals aangegeven in de brief van mei 2020, zal er nog een specifieke investeringstoets op de risico’s voor de nationale veiligheid plaatsvinden, zodra meer bekend is over de beoogde investeerder en de organisatie- en zeggenschapsstructuur. Dit kan aanleiding geven om aanvullende maatregelen te nemen dan wel voor een andere optie te kiezen.

In de JDI met de Duitse staat is afgesproken dat tot 31 december 2020 exclusief met de Duitse staat onderhandeld zou worden over een oplossing voor de kapitaalbehoefte van TenneT Duitsland. Het besluit om de opties te heroverwegen betekent dat de onderhandelingen pas worden hervat als deze analyse is afgerond en een transactie met de Duitse staat op basis daarvan nog steeds de voorkeur geniet. In dat kader is eveneens besloten om de exclusiviteitsperiode niet te verlengen. Dit is met de Duitse staat besproken.

Investeringsagenda en kapitaalbehoefte

TenneT actualiseert momenteel haar berekeningen met betrekking tot de investeringsagenda en kapitaalbehoefte. TenneT heeft ons geïnformeerd dat de investeringsagenda in zowel Duitsland als Nederland opnieuw zal toenemen, hetgeen ook leidt tot een hogere kapitaalbehoefte. De exacte omvang wordt op dit moment nog door TenneT berekend. TenneT zal dit na de publicatie van het jaarverslag (in maart 2021) bekend maken. Ik zal dan uw Kamer over deze nieuwe cijfers informeren.

TenneT heeft ook aangegeven dat het moment dat de kapitaalbehoefte ontstaat, zal wijzigen. Doordat TenneT in juli 2020 een hybride obligatie heeft uitgegeven, die gedeeltelijk wordt aangemerkt als eigen vermogen, en door gewijzigde aannames rondom geplande investeringen, is de kapitaalbehoefte naar achteren geschoven. Eerder was de verwachting dat er al op 1 januari 2022 kapitaal nodig zou zijn. TenneT verwacht nu dat voor het Nederlandse deel op 1 januari 2023 kapitaal nodig is. Voor het Duitse deel van TenneT is het eerste gedeelte van het benodigde kapitaal pas op 1 januari 2024 nodig. Dit geeft voldoende tijd voor een heroverweging van de verschillende opties. Het voornemen is nog steeds de kapitaalbehoefte van het Nederlandse deel in te vullen door een storting door de Nederlandse staat.

Tijdlijn

De keuze om een breder spectrum van opties te overwegen, betekent dat finale besluitvorming op korte termijn niet mogelijk is. Omdat de kapitaalbehoefte pas op een later moment ontstaat, zal deze latere besluitvorming niet tot problemen voor de onderneming leiden. Een nieuw kabinet zal, op basis van de hierboven beschreven heroverweging, een besluit nemen over de invulling van de kapitaalbehoefte van TenneT Duitsland.

De Minister van Financiën, W.B. Hoekstra


X Noot
1

Kamerstuk 28 165, nr. 325