28 122
Hervorming van het toezicht op de financiële marktsector

nr. 7
BRIEF VAN DE MINISTER VAN FINANCIËN

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 18 september 2002

Begin 2002 is besloten tot een stapsgewijze hervorming van het toezicht op de financiële marktsector langs de lijnen aangegeven in de kabinetsnota «Hervorming van het toezicht op de financiële marktsector»1 van 26 november 2001. De noodzaak voor deze hervorming is ingegeven door het verdwijnen van sectorgrenzen in producten en financiële instellingen, de daarmee gepaard gaande ontwikkeling van cross sector consistent beleid, alsmede de internationale tendens van de cross sector integratie van financiële toezichthouders. Met de hervorming is het sectorale toezichtmodel in ons land gekanteld naar een functioneel toezichtmodel.

Het functionele toezichtmodel kent een splitsing tussen twee typen toezicht met naar hun aard verschillende doelstellingen: prudentieel toezicht en gedragstoezicht. Prudentieel toezicht richt zich op het bevorderen van de financiële soliditeit van financiële instellingen. Het gedragstoezicht is gericht op het bevorderen van een ordelijk en transparant marktproces, zuivere verhoudingen tussen marktpartijen, en in dat verband bescherming van de consument. Het prudentieel toezicht is ondergebracht bij de Nederlandsche Bank (DNB) en de Pensioen- & Verzekeringskamer (PVK), waarbij de samenwerking tussen beide instellingen is geïntensiveerd en kruislingse benoemingen hebben plaatsgevonden op bestuurlijk niveau. Door de plaatsing van het prudentieel toezicht bij DNB/PVK is een uitdrukkelijke keuze gemaakt voor de situering van het prudentieel toezicht dicht bij DNB, vanwege de nauwe samenhang die dit toezicht kent met het systeemtoezicht (stabiliteit van het financiële bestel als geheel) dat door DNB als centrale bank wordt uitgeoefend. Op het terrein van het gedragstoezicht is de voormalige Stichting toezicht effectenverkeer (STE) omgevormd tot de gedragstoezichthouder, de Autoriteit Financiële Markten (Autoriteit-FM).

Tijdens het algemeen overleg van 5 februari 2002 (28 122, nr. 3) heeft de Vaste Kamercommissie voor Financiën steun gegeven aan deze hervorming, alsmede aan de in de kabinetsnota geschetste aanpak om deze tot stand te brengen.

In de eerste fase is de hervorming ter hand genomen op basis van het bestaande wettelijk kader via lagere regelgeving, besluiten en operationele verschuivingen. Bij verschillende gelegenheden bent u volledig geïnformeerd over de voortgang1. Daarbij is aangegeven dat deze zomer de eerste fase van de hervorming, gegeven de huidige wetgeving, wordt afgerond. Ter informatie treft u bijgaand een actueel totaaloverzicht aan van de verschillende stappen die hiertoe dit jaar zijn genomen.

De laatste stappen zijn in september jl. conform plan voltooid. Daarbij is het toezicht op algemene informatieverstrekking aan consumenten2 en het volledige gedragstoezicht op beleggingsinstellingen, banken en verzekeraars3 aan de Autoriteit-FM overgedragen. Voorheen behoorde dit gedragstoezicht tot de competentie van DNB en de PVK. Voorts is prudentieel toezicht thans bij DNB/PVK geplaatst, doordat het prudentieel toezicht op effecteninstellingen van de Autoriteit-FM naar DNB is overgegaan4.

Tenslotte hebben DNB/PVK en de Autoriteit-FM in september een op de nieuwe rolverdeling toegespitst samenwerkingsconvenant getekend. De achtergrond hiervan is dat de toezichthouders actief zijn binnen dezelfde financiële sector. Om de voordelen van het functionele model optimaal tot hun recht te laten komen, dient het risico op eventuele inefficiënties te worden ondervangen door samenwerking, waar geboden, tussen prudentieel toezicht en gedragstoezicht. In het convenant is de uitwerking en coördinatie van de nieuwe taakverdeling en operationele samenwerking tussen de toezichthouders opgenomen. Het uitgangspunt daarbij is om overlap van toezichtinspanningen te voorkomen en de belasting voor onder toezichtstaande instellingen waar mogelijk te beperken. Voorts bevat het convenant afstemmingsmechanismen in het operationele toezicht, zoals bij de vergunningverlening. Dit convenant is op 9 september 2002 in werking getreden. Bijgaand treft u een afschrift.5

In de brief van 14 mei 20026 is aangegeven dat het vervolgens (de tweede fase van de hervorming) noodzakelijk is om ook de structuur van de financiële toezichtwetgeving te kantelen van een sectoraal naar een functioneel model. Dit dient ertoe om de voordelen van het nieuwe model, namelijk betere doeltreffendheid, marktgerichtheid en efficiëntie van het toezicht op de financiële marktsector, volledig te kunnen benutten. Thans wordt deze wetsoperatie inhoudelijk, alsmede qua projectorganisatie verder uitgewerkt. Zoals in de genoemde brief gemeld, zal ik u dit najaar hierover nader berichten.

Met de hierboven en in bijgevoegde tabel aangeduide veranderingen is in de eerste helft van dit jaar de eerste fase van de hervorming conform het met de Tweede Kamer op 5 februari 2002 besprokene afgerond, en is de kanteling van sectoraal naar functioneel toezicht geëffectueerd.

De Minister van Financiën,

J. F. Hoogervorst

BIJLAGE

Kanteling van sectoraal naar functioneel toezicht op de financiële marktsector in Nederland

Prudentieel toezichtGerealiseerd
• Kruislingse benoemingen bij DNB/PVK op bestuurlijk niveau4 maart 2002
• Convenant DNB/PVK voor samenwerking op het terrein van het prudentieel toezicht11 mei 2002
• Prudentieel toezicht effecteninstellingen van Autoriteit-FM naar DNB1 september 2002
GedragstoezichtGerealiseerd
• Naamswijziging van de Stichting Toezicht Effectenverkeer (STE) in Stichting Autoriteit Financiële Markten (Autoriteit-FM)1 maart 2002
• Overdracht toezicht op Wet consumentenkrediet van DNB naar Autoriteit-FM4 maart 2002
• Toezicht op de financiële bijsluiter naar Autoriteit-FM (was voorheen een gedeelde verantwoordelijkheid van DNB, PVK en STE)8 maart 2002
• Toezicht op algemene informatieverstrekking aan de consument en het volledige gedragstoezicht op beleggingsinstellingen, banken en verzekeraars van DNB/PVK naar Autoriteit-FM1 september 2002
Samenwerking prudentieel/gedragGerealiseerd
• Samenwerkingsconvenant tussen DNB/PVK en Autoriteit-FM9 september 2002

1 Samenwerking betreft een viertal gebieden, namelijk: (1) uitvoerend toezicht; (2) beleidsvorming en onderzoek; (3) facilitaire projecten; en (4) juridische aspecten van de samenwerking.


XNoot
1

Kamerstukken II, 2001–2002, 28 122, nr. 2.

XNoot
1

Kamerstukken II, 2001–2002, 28 122, nr. 4–6.

XNoot
2

Besluit van 23 augustus 2002, Staatsblad 2002, 451.

XNoot
3

Besluit van 23 augustus 2002, Staatsblad 2002, 452.

XNoot
4

Besluit van 23 augustus 2002, Staatsblad 2002, 452.

XNoot
5

Ter inzage gelegd bij het Centraal Informatiepunt Tweede Kamer.

XNoot
6

Kamerstukken II, 2001–2002, 28 122, nr. 5.

Naar boven