28 025
Wijziging van enkele wetten in verband met de inwerkingtreding van de Reconstructiewet concentratiegebieden

nr. 3
MEMORIE VAN TOELICHTING

HOOFDSTUK 1. ALGEMEEN

Het advies van de Raad van State wordt niet openbaar gemaakt, omdat het zonder meer instemmend luidt (artikel 25a, vierde lid, onderdeel b, van de Wet op de Raad van State).

De voorgestelde Reconstructiewet concentratiegebieden werd op 14 december 2000 door de Tweede Kamer der Staten-Generaal aanvaard. Onder voorbehoud van de aanvaarding door de Eerste Kamer mag worden verwacht dat de Reconstructiewet nog in de loop van 2001 in werking kan treden. Daarmee zal naast de algemene Landinrichtingswet de Reconstructiewet concentratiegebieden als bijzondere inrichtingswet een vergelijkbare plaats innemen als de Reconstructiewet Midden-Delfland en de Herinrichtingswet Oost-Groningen en de Gronings-Drentse Veenkoloniën.

Het onderhavige wetsvoorstel behelst – met het oog op de te verwachten spoedige inwerkingtreding van de Reconstructiewet concentratiegebieden – technische aanpassing van enige voorzieningen die in vigerende wetgeving in relatie tot de algemene en bijzondere inrichtingswetten zijn getroffen, opdat het voor de Reconstructiewet concentratiegebieden en de overige inrichtingswetten geldende regime niet onbedoeld uiteen gaat lopen. In het artikelsgewijze gedeelte van deze memorie wordt hierop in de toelichting op de artikelen II tot en met VI nader ingegaan.

Voorts wordt met artikel I van dit wetsvoorstel een kleine verwijzingsfout in de tekst van de Reconstructiewet concentratiegebieden gecorrigeerd. Voor een nadere toelichting zij verwezen naar de artikelsgewijze toelichting op artikel I.

HOOFDSTUK 2. ARTIKELSGEWIJS

Artikel I

Aan artikel 11, eerste lid, van de Reconstructiewet concentratiegebieden is door het aanvaarden van een amendement-Waalkens/Meijer (kamerstukken II, 2000/2001, 26 356, nr. 35) een nieuw onderdeel d ingevoegd. Daarmee is het oorspronkelijke onderdeel d van dit artikellid vernummerd tot onderdeel e. Deze vernummering is in de gehele verdere wettekst doorgevoerd, maar abusievelijk niet in onderdeel f van artikel 11, eerste lid. Artikel I beoogt deze omissie op te heffen.

Artikel II

Artikel 58, eerste lid, van de Kadasterwet regelt dat wijzigingen in de kadastrale registratie van percelen onmiddellijk na doorvoering daarvan aan belanghebbenden worden medegedeeld. In het derde lid van dat artikel is op deze verplichting voor het Kadaster een uitzondering gemaakt voor wijzigingen die het gevolg zijn van de inschrijving van een notariële akte, die na een herverkaveling ingevolge de Landinrichtingswet, de Reconstructiewet Midden-Delfland of de Herinrichtingswet Oost-Groningen en de Gronings-Drentse Veenkoloniën wordt opgemaakt. Het ligt in de rede om deze uitzondering ook van toepassing te laten zijn voor wijzigingen in de kadastrale registratie naar aanleiding van de inschrijving van een ruilakte als bedoeld in de Reconstructiewet.

Artikel III

Artikel 14 van de Pachtwet bepaalt dat bij de bepaling van de pachtprijs elk beding ingevolge hetwelk de geldelijke lasten, welke de verpachter door publiekrechtelijke lichamen worden opgelegd, geheel of ten dele ten laste van de pachter komen, nietig is. Een uitzondering is daarbij in het tweede lid van genoemd artikel gemaakt voor bedingen waarbij de lasten, welke de verpachter ten gevolge van landinrichting op grond van de Landinrichtingswet, van reconstructie op grond van de Reconstructiewet Midden-Delfland of van herinrichting op grond van de Herinrichtingswet Oost-Groningen en de Gronings-Drentse Veenkoloniën worden opgelegd, ten dele ten laste van de pachter komen. Met de in artikel II voorgestelde wijziging wordt de Reconstructiewet concentratiegebieden evenals de andere inrichtingswetten opgenomen onder de werkingssfeer van de uitzonderingsbepaling van artikel 14, tweede lid, van de Pachtwet.

Artikel IV

Artikel 37 van de Wet agrarisch grondverkeer (WAG) biedt een basis om bepaalde gebieden bij algemene maatregel van bestuur aan te wijzen waarbinnen ter zake van vervreemding van gronden het voorkeursrecht voor het Bureau beheer landbouwgronden als bedoeld in genoemd artikel kan worden gevestigd. Van dit artikel is tot op heden geen gebruik gemaakt. De in artikel 37, tweede lid, van de WAG vervatte opsomming van gebieden waarin het voorkeursrecht kan worden gevestigd bevat onder meer gebieden waar landinrichting ingevolge de Landinrichtingswet plaatsvindt, en de gebieden bedoeld in de Reconstructiewet Midden-Delfland en de Herinrichtingswet Oost-Groningen en de Gronings-Drentse Veenkoloniën. Om op dit punt een uniform regime voor alle inrichtingswetten te handhaven dienen ook de gebieden, waar reconstructie op basis van de Reconstructiewet concentratiegebieden plaatsvindt, te worden opgenomen in deze opsomming. Hiertoe strekt de in onderdeel 1 van artikel IV vervatte wijziging.

Het nieuwe zevende lid, dat wordt toegevoegd door onderdeel 2 van artikel IV, regelt het vervallen van een eventuele aanwijzing van reconstructiegebieden als gronden waarop het voorkeursrecht betrekking heeft. Aangrijpingspunt daarvoor is de terinzaggelegging van een ontwerp van een ruilplan voor het desbetreffende gebied. Hiermee wordt aangesloten bij hetgeen in het bestaande zesde lid van artikel 37 van de Wet agrarisch grondverkeer is bepaald ten aanzien van de Landinrichtingswet, met dien verstande dat in dat verband wordt gesproken over de terinzagelegging van het plan van toedeling. In de Reconstructiewet concentratiegebieden is dit plan van toedeling evenwel onderdeel van het ruilplan.

Artikel V

Artikel 15, eerste lid, onderdeel l, van de Wet op belastingen van rechtsverkeer bevat een basis voor vrijstelling van overdrachtsbelasting van verkrijging van gronden krachtens de Landinrichtingswet, de Reconstructiewet Midden-Delfland en de Herinrichtingswet Oost-Groningen en de Gronings-Drentse Veenkoloniën. Uiteraard dient de verkrijging van gronden krachtens de Reconstructiewet concentratiegebieden op dit punt niet anders te worden behandeld dan die krachtens de genoemde reeds bestaande inrichtingswetten. Daartoe wordt aan genoemd artikelonderdeel de Reconstructiewet concentratiegebieden toegevoegd.

Artikel VI

Evenals in de Landinrichtingswet is het uitgangspunt voor herverkaveling onder de Reconstructiewet dat bestaande pachtovereenkomsten zoveel mogelijk gehandhaafd blijven. Niettemin kan het voorkomen dat pachters in het te herverkavelen gebied als gevolg van de herverkaveling te maken krijgen met een andere eigenaar-verpachter. In dat geval wordt door de grondkamer een nieuwe pachtovereenkomst – ter vervanging van de bestaande pachtverhouding en voor de resterende duur daarvan – ontworpen. In 1995 heeft een herziening van de Pachtwet plaatsgevonden; de desbetreffende wijzigingswet regelt in artikel II dat indien tengevolge van herverkaveling als bedoeld in de Landinrichtingswet, de Reconstructiewet Midden-Delfland en de Herinrichtingswet Oost-Groningen en de Gronings-Drentse Veenkoloniën een nieuwe pachtverhouding moet worden gevestigd ter vervanging van een pachtovereenkomst waarop de «oude» Pachtwet van toepassing was, de nieuwe overeenkomst ook door de «oude» Pachtwet wordt geregeerd. Ditzelfde zou ook moeten gelden voor de Reconstructiewet concentratiegebieden; met de onderhavige wijziging wordt dit bewerkstelligd.

Artikel VII

Omdat de Reconstructiewet concentratiegebieden in artikel 99 voorziet in inwerkingtreding op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat per artikel of artikelonderdeel verschillend kan worden vastgesteld, kan voor de inwerkingtreding van het onderhavige wetsvoorstel niet worden volstaan met de bepaling dat het in werking treedt tegelijk met de Reconstructiewet. Artikel VII van het voorliggend wetsvoorstel sluit aan bij de voor de Reconstructiewet gekozen wijze van inwerkingtreding, waarbij uiteraard ervoor zal worden zorggedragen dat die onderdelen van het voorliggende wetsvoorstel die samenhangen met bepaalde in werking te treden onderdelen van de Reconstructiewet, steeds tegelijkertijd in werking zullen treden.

De Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij,

L. J. Brinkhorst

Naar boven