28 024
Wijziging van onder meer de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek en de Wet studiefinanciering 2000 in verband met de invoering van de bachelor-masterstructuur in het hoger onderwijs

nr. 26
AMENDEMENT VAN HET LID SLOB

Ontvangen 22 januari 2002

De ondergetekende stelt het volgende amendement voor:

I

In artikel III, onderdeel BB, komt het vijfde lid van artikel 7.20 als volgt te luiden:

5. De betrokkene voert binnen Nederland een titel als bedoeld in dit artikel. Buiten Nederland maakt de betrokkene een keuze uit het tot uitdrukking brengen in de eigen naamsvermelding van een graad als bedoeld in artikel 7.10a en het voeren van een titel als bedoeld in dit artikel.

II

In artikel III, onderdeel EE, komt het vierde lid van artikel 7.22 als volgt te luiden:

4. De betrokken voert binnen Nederland de titel bedoeld in het tweede lid. Buiten Nederland maakt de betrokkene een keuze uit het tot uitdrukking brengen in de eigen naamsvermelding van de graad, bedoeld in het eerste lid, en het voeren van de titel, bedoeld in het tweede lid.

Toelichting

Het zou een verarming van de Nederlandse taal betekenen als de huidige titulatuur die afgestudeerden aan hoge scholen en universiteiten gerechtigd zijn te voeren, uit het taalgebruik verdwijnt. Dit amendement beoogt deze mogelijkheid uit te sluiten door te bepalen dat binnen Nederland afgestudeerden Nederlandse titels als doctorandus, meester en ingenieur voeren. Buiten Nederland hebben de afgestudeerde de keus tot het gebruik van de graden master en bachelor of tot het voeren van de Nederlandse titels.

Slob

Naar boven