Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 3 maart 2026
Leren van conflicten heeft al geruime tijd aandacht en prioriteit. Niet alleen binnen
de politieke en ambtelijke top van Defensie, maar ook in het parlement, zoals blijkt
uit de aangenomen motie-Van der Werff, Boswijk en Van der Wal (Kamerstuk 36 600 X, nr. 26, d.d. 14 november 2024). Deze motie vroeg om structurele capaciteit binnen de Defensieorganisatie
om te kunnen leren van zowel hybride als conventionele conflicten. Dit was aanleiding
tot de oprichting van een Werkgroep «Leren van conflicten», waar een aanzienlijk aantal
organisatiedelen binnen Defensie bij aangesloten zijn. Tijdens het Commissiedebat
Voortgang en Evaluatie Missies en Operaties d.d. 1 oktober jl. (Kamerstuk 27 925, nr. 840) is toegezegd om voorde behandeling van de Defensiebegroting voor 2026 een schriftelijke
terugkoppeling te delen vanuit deze werkgroep (TZ202510–033). Deze brief komt aan
die toezegging tegemoet.
Een professionele en geïntegreerde benadering van «leren van conflicten» – ook wel
lessons identified / lessons learned (LI/LL) genoemd, is een absolute noodzaak gezien de uiteenlopende conflicten en dreigingen
waarmee het Koninkrijk, de NAVO en de Europese Unie te maken hebben. Met name de oorlog
in Oekraïne toont aan dat lessen borgen, van het tactische tot en met het militair-
en politiek-strategische niveau, van levensbelang is voor effectief en toekomstbestendig
optreden op het slagveld. Zo heeft Nederland vanuit Oekraïne inzicht opgedaan over
de inzet van en verdediging tegen onbemenste systemen en de noodzaak tot inrichting
van een accuraat IT-platform dat de realiteit op het slagveld linkt aan militaire
en politieke besluitvorming. Dergelijke lessen moeten we (in de toekomst beter) kunnen
delen met onze kennispartners zoals TNO, NLR en Marin, zodat toegepaste Defensie-specifieke
kennisopbouw en technologieontwikkeling slim gericht kan worden, ook buiten vaststaande
beleidscycli om.
Het afgelopen jaar heeft de werkgroep allereerst het LI/LL-netwerk binnen Defensie
opgezet en versterkt, zodat betrokken directies en commando’s op dit thema informatie
en kennis uitwisselen. Daarbij is gekeken hoe de huidige inspanningen zich verhouden
tot onder meer NAVO-protocollen. Hieruit bleek dat er op allerlei plekken in de Defensieorganisatie
aanzienlijke inspanningen worden geleverd. Zo worden observaties en lessons identified vanuit oefeningen en inzetten geregistreerd. Ook hebben conclusies en aanbevelingen
van zowel interne monitoring als externe evaluaties, onder meer door de Directie Internationaal
Onderzoek en Beleidsevaluatie van het Ministerie van Buitenlandse Zaken (IOB), geresulteerd
in een checklist die betrokken wordt bij de advisering en inrichting van toekomstige missies en operaties.
In contacten met partnerlanden en -organisaties wordt daarnaast informatie uitgewisseld
om te leren van conflicten. Bovendien investeren operationele commando’s, onder meer
binnen Warfare Centra, fors in op adaptief vermogen, en zet Defensie in op snelheid en innovatie bij de
ontwikkeling en verwerving van materieel.
Tegelijk zijn er enkele overkoepelende uitdagingen. Denk aan het nog breder binnen
Defensie uitwisselen van relevante informatie, het uniformeren van LI/LL-processen,
en het inrichten van een gedegen informatiemanagementsysteem. In samenwerking tussen
de werkgroep en TNO is daarom een Roadmap opgesteld. Langs de lijnen van «werkwijze», «systeem», «leren en verbeteren» en «inrichting»
(het hoe), zullen de inspanningen inzake LI/LL de komende jaren geprofessionaliseerd en versterkt
worden ten aanzien van netwerk, proces, eigenaarschap, tools, cultuur, leren, leiderschap
en R&D (het wat). Ook advisering over de gewenste, slagkrachtige regie inzake LI/LL in de toekomst,
is hier onderdeel van. Hoewel de inspanningen op korte termijn vooral gaan over processen
en governance, is dat voorwaardelijk voor het versterken van de uitwisseling van inhoudelijke LI/LL
op middellange en lange termijn.
Bij de implementatie van de Roadmap in de komende periode, wordt niet alleen de binnen Defensie aanwezige expertise en
knowhow benut, maar wordt ook samengewerkt met kennisinstellingen en met partners in bilateraal
en multinationaal verband (NAVO, EU, VN en bondgenoten). Zo zijn er contacten met
Oekraïne om te leren van hun best practices in de oorlog van Oekraïne met Rusland. Bij dit alles gaat Defensie doelgericht en
pragmatisch te werk. Met als uiteindelijke doel een zo effectief mogelijke krijgsmacht.
De Minister van Defensie, D. Yeşilgöz-Zegerius