Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2016-201727923 nr. 262

27 923 Werken in het onderwijs

26 643 Informatie- en communicatietechnologie (ICT)

Nr. 262 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN ONDERWIJS, CULTUUR EN WETENSCHAP

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 23 mei 2017

Het programma Lerarenregister voor Krachtig Leraarschap maakt via het register zichtbaar of de kennis en vaardigheden van de leraar op niveau zijn en of hij deze ook bijhoudt. Het programma bevordert dat hij aan zijn professionaliteit werkt en dat hij dat doet in samenspraak met zijn collega’s in de school en met inachtneming van de normen van zijn beroepsgroep.

In deze brief herhaal ik kort de adviezen van de toets die het Bureau ICT-toetsing (BIT) heeft uitgevoerd en licht ik de maatregelen, die ik binnen het programma Lerarenregister voor Krachtig Leraarschap neem, vervolgens toe. De toets is bedoeld om inzicht te krijgen in de risico's en daarmee in de kans van welslagen van dit grote ICT-programma. Het advies van het BIT is als bijlage toegevoegd1.

Mede gelet op het duale karakter van het programma is deze beleidsreactie afgestemd met de Onderwijscoöperatie.

Invulling geven aan de adviezen

De adviezen van het BIT volg ik op. Een deel van de adviezen bevestigt de acties die al zijn ondernomen. Daaraan blijf ik voortvarend invulling geven.

Aanbeveling 1: Stel de functionaliteit vast en de gegevens die worden vastgelegd

Het BIT adviseert om de specificaties van de gegevensaanlevering, van scholen naar het register, zo spoedig mogelijk definitief te maken om softwareleveranciers en de bouwers van het register te voorzien van definitieve versies.

Sinds het passeren van de wet in de Eerste Kamer en de uitwerking van het amendement Rog/Grashoff is de berichtenstructuur definitief vastgesteld en wettelijk verankerd in een AMvB.2, 3 Met de softwareleveranciers is in de maanden maart en april actief de communicatie en afstemming gezocht over het definitieve berichtenboek, de planning in de releasekalenders en de implementatie-aanpak zoals door de Dienst Uitvoering Onderwijs (DUO) voorgestaan.

Het BIT adviseert om de beroepsgroep de gegevens die nodig zijn voor de herregistratiecriteria zo snel mogelijk te laten vaststellen om wijzigingen op de gegevensaanlevering te voorkomen.

De voorbereidingen voor het voorstel voor herregistratiecriteria zijn gaande. De oplevering van het voorstel door de Deelnemersvergadering aan OCW is gekoppeld aan de planning van de bouw van dat deel van het register (het zogeheten professionaliseringssysteem). Hierdoor is tijdig duidelijk wat de impact van de criteria is op de gewenste functionaliteit.

Het BIT adviseert om verder te gaan met het vertalen van de wet naar praktische functionele implicaties voor het lerarenregister.

Het verder uitwerken van de praktische en functionele aspecten van het register is mede onderdeel van het programma. Het gaat hierbij om zaken als het inrichten van bezwaar- en beroepsmogelijkheden, het bieden van ondersteuning bij het aanleveren van de juiste benoemingsgrondslag voor het register en het inrichten van de adviescommissie ter voorbereiding op de ministeriële besluiten voor de herregistratie.

Aanbeveling 2: Ondersteun de scholen beter bij implementatie en gebruik

Het BIT adviseert gerichte communicatie naar de scholen zodat onduidelijkheid bij scholen wordt weggenomen over de interpretatie van de benoemingsgrondslagen en onderwijsbevoegdheden van leraren.

De inzet van leraren, scholen en schoolbesturen is van groot belang voor een succesvolle implementatie van het register. Na het aannemen van de wet is medio april een brede campagne gestart voor leraren en betrokken schoolbesturen. De campagne bestaat onder meer uit algemene communicatie op websites, artikelen in vakbladen en bladen van aangesloten partijen, een brief aan schoolbesturen, een netwerk van contactpersonen per schoolbestuur en het deelnemen aan gebruikersdagen van softwareleveranciers.

Het BIT adviseert om heldere afspraken te maken met de softwareleveranciers over de tijdlijn voor het aanpassen van de administratiesystemen die scholen gebruiken. En om hierbij rekening te houden dat scholen voldoende tijd krijgen om de aangepaste systemen te implementeren.

Er is afstemming met de softwareleveranciers over het aanpassen van de administratiesystemen die scholen gebruiken. Na de zomervakantie 2017 kunnen alle scholen benoemingsgrondslagen vastleggen en versturen naar DUO.

Er is gekozen voor een geleidelijke implementatie met een ruimere doorlooptijd voor scholen. Ik start met koploperscholen en vanaf 2018 volgen de overige scholen. Hierdoor zijn de vooraf ingevulde gegevens bij de start van het register op 1 augustus 2018 voor leraren beschikbaar.

Het BIT adviseert om de werking van de gegevenslevering te toetsen aan de hand van een aantal pilots bij scholen van verschillende onderwijssectoren. Op deze wijze kan ook een eerste werking van het lerarenregister als instrument voor professionalisering worden getoetst.

Voor de professionaliseringssoftware, projectstart juni 2017, is de opzet dat gewerkt wordt met betrokken leraren in het ontwerpproces, met een grotere groep van koplopers tijdens een proefperiode en met een gemigreerd (vrijwillig) portfolio bij registratie in het lerarenregister.

Ik onderken het belang van samenwerking met scholen voor een goede werking van het lerarenregister. Hierover is ook contact met de sectorraden. Er is een relatie tussen het register en de schoolcontext. De herregistratiecriteria moeten op draagvlak van de scholen kunnen rekenen.

Aanbeveling 3: Heroverweeg gemaakte keuzes

Het BIT adviseert om scholen ook het gegeven vak te laten aanleveren voor bevoegde leraren. De betrouwbaarheid van het register is dan niet meer afhankelijk van de eigen opgave van een leraar.

Het «aanleveren door de leraar» is een bewuste keuze – zowel in politiek als in organisatorisch opzicht – na commentaar op de initiële versie van het wetsvoorstel («aanleveren door schoolbestuur») door de Onderwijsraad en Raad van State. Aanleveren door de leraar onderstreept het eigenaarschap bij, de professionaliteit van en het vertrouwen in de beroepsgroep.

Om de correcte opgave van de component «vak» door de leraar te stimuleren, en daarmee de betrouwbaarheid van diens invoer te borgen, wordt onderzocht of tijdens die invoer een technische relatie kan worden gelegd met informatie uit het Diplomaregister. Verkend wordt of een dergelijke relatering initieel mogelijk is dan wel of deze gefaseerd ingevoerd kan worden.

Het BIT adviseert om de kunstmatige scheiding tussen het lerarenregister en het registervoorportaal minder groot te maken. Zorg ervoor dat gebruikers vanuit één omgeving de gegevens in het lerarenregister en het registervoorportaal kunnen inzien en aanpassen, bijvoorbeeld door het ontsluiten van dit registervoorportaal in een apart tabblad of onder een hyperlink in het lerarenregister.

Na evaluatie van de eerste gebruikerstesten door leraren, het BIT-advies en het CIO-oordeel is ingestemd met het toegankelijk maken van het register en het voorportaal via één website, één URL en één DigiD-inlogroutine. Daarmee wordt voorzien in een consistente gebruikerservaring en eenduidige informatievoorziening, terwijl de bestuurlijke scheiding geborgd is.

Goede ervaringen in de ontwikkelfase zal ik ook doorzetten naar de beheerfase. Met een gemeenschappelijke agenda en gezamenlijke aanpak worden ook toekomstige beleidsvoornemens recht gedaan in deze voor leraren vitale informatiehuishouding.

De Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, S. Dekker


X Noot
1

Raadpleegbaar via www.tweedekamer.nl

X Noot
2

Kamerstuk 34 458; Handelingen I 2016/17, nr. 19, item 4

X Noot
3

Kamerstuk 34 458, nr.12