Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2019-202027858 nr. 508

27 858 Gewasbeschermingsbeleid

Nr. 508 BRIEF VAN DE MINISTER VAN LANDBOUW, NATUUR EN VOEDSELKWALITEIT

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 14 mei 2020

Hierbij informeer ik uw Kamer over de voorgenomen Nederlandse standpunten inzake de onderwerpen die ter stemming worden voorgelegd aan het eerstvolgende Standing Committee on Plants, Animals, Food and Feed (SCoPAFF) over regelgeving voor gewasbescherming. Het overleg vindt plaats op 18 en 19 mei 2020. De standpunten zijn ambtelijk voorbereid met de ministeries van Infrastructuur en Waterstaat (IenW), Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) en Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS), op basis van advisering door het College voor de toelating van gewasbeschermingsmiddelen en biociden (Ctgb).

Daarnaast informeer ik uw Kamer hierbij over de uitkomsten van de SCoPAFF vergadering van 23 en 24 maart jl. welke, vanwege de corona-situatie, was omgezet naar een schriftelijke stemming, en beantwoord ik een vraag over de werkzame stof mancozeb gesteld door de Partij van de Dieren (PvdD)-fractie in het kader van het SO Landbouw- en Visserijraad van 2 juni 2020.

Het SCoPAFF is een permanent comité onder voorzitterschap van de Europese Commissie (EC). Het comité ondersteunt de EC bij de uitvoering van EU- regelgeving waarbij de EC de besluitvormende bevoegdheid heeft. Het SCoPAFF over regelgeving voor gewasbescherming gaat over technisch-wetenschappelijke of procedurele besluiten over de (hernieuwing van) goedkeuring van werkzame stoffen in de EU of de criteria waarlangs ze worden beoordeeld. Conform EU- regelgeving (Verordening EG 1107/2009) betreft het hoofdzakelijk besluiten op basis van de risico’s voor mens, dier en milieu, en niet de landbouwkundige noodzaak.

De onderstaande punten staan op de agenda ter (mogelijke) stemming (de zogenaamde B-punten).

Wijziging Annex III van Verordening (EC) 1107/2009

Deze Annex betreft de lijst met co-formulanten die niet mogen worden toegepast in gewasbeschermingsmiddelen of als toevoegingsstof omdat zij zorgwekkende eigenschappen hebben, bijvoorbeeld bepaalde classificaties van carcinogeniteit, mutageniteit en persistentie. De lijst bevat 147 chemische verbindingen. Lidstaten mogen geen gewasbeschermingsmiddelen of toevoegingsstoffen toelaten die co-formulanten van de lijst bevatten.

Het Ctgb adviseert positief op het voorstel van de EC. De Nederlandse delegatie is voornemens in te stemmen met het voorstel van de EC met inachtneming van het voorstel van het Ctgb.

De werkzame stof Thiofanaat-methyl

Deze werkzame stof wordt toegepast als fungicide. In Nederland zijn middelen op basis van deze stof toegelaten in de teelt van onder andere aardappelen, granen, bloembollen en bloemisterijgewassen. De EC stelt voor de goedkeuring van deze stof niet te hernieuwen vanwege mutagene, reprotoxische en hormoonverstorende risico’s. Het Ctgb adviseert positief op het voorstel. De Nederlandse delegatie is voornemens in te stemmen met het voorstel van de EC.

De werkzame stof Pyriproxifen

Deze werkzame stof wordt toegepast als insecticide. In Nederland zijn middelen op basis van deze stof toegelaten in de teelt van onder andere appel, peer, bloemisterijgewassen, boomkwekerijgewassen en vruchtgroenten.

De EC stelt voor de goedkeuring van deze stof te hernieuwen. Het Ctgb adviseert positief op het voorstel. De Nederlandse delegatie is voornemens in te stemmen met het voorstel van de EC.

De werkzame stof Beta-cyfluthrin

Deze werkzame stof wordt toegepast als insecticide. In Nederland zijn geen middelen op basis van deze stof toegelaten. De EC stelt voor om de goedkeuring van deze stof niet te hernieuwen vanwege risico’s voor werkers en omwonenden en risico’s voor het milieu. Het Ctgb adviseert positief op het voorstel. De Nederlandse delegatie is voornemens in te stemmen met het voorstel van de EC.

De werkzame stof Fenamiphos

Deze werkzame stof wordt toegepast als nematicide. In Nederland zijn geen middelen op basis van deze stof toegelaten. De EC stelt voor om de goedkeuring van deze stof niet te hernieuwen vanwege mogelijke risico’s voor de consument als gevolg van blootstelling aan residuen op voedingsproducten. Het Ctgb adviseert positief op het voorstel. De Nederlandse delegatie is voornemens in te stemmen met het voorstel van de EC.

De laagrisico stof Ferric pyrophosphate

Dit betreft een nieuwe werkzame stof die wordt toegepast voor de bestrijding van slakken. De EC stelt voor om deze stof goed te keuren als laagrisico stof. Het Ctgb adviseert positief op het voorstel. De Nederlandse delegatie is voornemens in te stemmen met het voorstel van de EC.

De laagrisico stof Natriumwaterstofcarbonaat

Dit betreft een nieuwe werkzame stof die wordt toegepast als fungicide. De EC stelt voor de stof goed te keuren als laagrisico stof. Het Ctgb adviseert positief op het voorstel. De Nederlandse delegatie is voornemens in te stemmen met het voorstel van de EC.

De werkzame stof Phlebiopsis gigantea VRA 1835, VRA 1984 en FOC PG 410.3

Deze werkzame stof betreft een micro-organisme dat wordt toegepast als fungicide. In Nederland zijn geen middelen op basis van deze stof toegelaten. De EC stelt voor de goedkeuring van deze werkzame stof te hernieuwen. Het Ctgb adviseert positief op het voorstel. De Nederlandse delegatie is voornemens in te stemmen met het voorstel van de EC.

De basisstof Koemelk

Deze basisstof wordt toegepast tegen schimmels en plantpathogene virussen. In Nederland is de toepassing van melk reeds toegestaan omdat deze is opgenomen in de Regeling Uitzondering Bestrijdingsmiddelen (RUB) lijst. De EC stelt voor koemelk goed te keuren als basisstof. Het Ctgb adviseert positief op het voorstel. De Nederlandse delegatie is voornemens in te stemmen met het voorstel van de EC.

Uitvoeringsverordening over toevoeging van werkzame stoffen aan de lijst met kandidaatstoffen om te worden vervangen

De EC stelt voor om zeven werkzame stoffen toe te voegen aan de lijst met kandidaatstoffen om te worden vervangen (uitvoeringsverordening (EU) 2015/408). De stoffen carbetamide, flurochloridon, halosulfuron-methyl en ipconazool worden aan de lijst toegevoegd omdat zij door ECHA inmiddels zijn geclassificeerd als reprotoxisch 1B. In Nederland zijn geen middelen op basis van deze stoffen toegelaten. Emamectine, tembotrione en gamma-cyhalotrin worden toegevoegd aan de lijst omdat de grenswaarden voor deze stoffen veel lager liggen dan de meerderheid van de in de EU goedgekeurde werkzame stoffen. Het Ctgb adviseert positief op het voorstel. De Nederlandse delegatie is voornemens in te stemmen met het voorstel van de EC.

Tijdelijke verlenging goedkeuringsperiode van 26 werkzame stoffen in verband met herbeoordeling

De EC stelt voor om de goedkeuring van 26 werkzame stoffen tijdelijk te verlengen met één jaar omdat de besluitvorming buiten de schuld van de aanvrager niet tijdig is afgerond. Deze procedure is vastgelegd in verordening EG 1107/2009 (artikel 17). Het Ctgb adviseert positief op het voorstel. De Nederlandse delegatie is voornemens in te stemmen met het voorstel van de EC.

Uitkomsten SCoPAFF vergadering maart

De werkzame stof Metalaxyl-M

Deze werkzame stof wordt toegepast als fungicide. In Nederland is een aantal middelen toegelaten die deze werkzame stof bevatten, onder andere voor zaadcoating. De EC heeft voorgesteld de goedkeuring van deze stof te hernieuwen maar met de beperking dat gecoat zaad niet buiten mag worden uitgezaaid vanwege de risico’s voor vogels en zoogdieren na consumptie van behandelde zaden. Dit voorstel stond in de december 2019 reeds geagendeerd voor besluitvorming maar de stemming is destijds doorgeschoven omdat de verplichte kennisgevingprocedure (TBT-procedure) bij de WTO nog niet was afgerond. De Nederlandse inzet is onveranderd gebleven en Nederland heeft, in lijn met het advies van het Ctgb, ingestemd met het voorstel. Het voorstel van de EC is met een gekwalificeerde meerderheid aangenomen.

De werkzame stof Foramsulfuron

Deze werkzame stof wordt toegepast als herbicide. In Nederland zijn middelen op basis van deze stof toegelaten in de teelt van bieten en mais. De EC heeft voorgesteld om de goedkeuring van deze werkzame stof te hernieuwen. Nederland heeft, in lijn met het advies van het Ctgb, ingestemd met het voorstel. Het voorstel van de EC is met unanimiteit aangenomen.

De laagrisico stof Lavandulyl senecioaat

Deze nieuwe werkzame stof betreft een feromoon die kan worden ingezet ter bestrijding van de ficuswolluis. De EC heeft voorgesteld de stof goed te keuren als laagrisico stof. Nederland heeft, in lijn met het advies van het Ctgb, ingestemd met het voorstel. Het voorstel van de EC is met een gekwalificeerde meerderheid aangenomen.

De basisstof Saponaria officinalis wortel-extract

Deze stof betreft een basisstof tegen mijten. De EC heeft voorgesteld de stof niet goed te keuren vanwege een bestanddeel met indicaties voor genotoxiciteit. Nederland heeft, in lijn met het advies van het Ctgb, ingestemd met het voorstel.

Het voorstel van de EC is met een gekwalificeerde meerderheid aangenomen.

De basisstof L-cysteine

Deze basisstof wordt toegepast tegen bladsnijdermieren. De EC heeft voorgesteld deze basisstof goed te keuren. Nederland heeft, in lijn met het advies van het Ctgb, ingestemd met het voorstel. Het voorstel van de EC is met een gekwalificeerde meerderheid aangenomen.

De basisstof Propolis-extract

Deze stof wordt toegepast tegen bestrijding van schimmels en bacteriën op vruchten na de oogst. De EC heeft voorgesteld deze stof niet goed te keuren omdat deze stof kan leiden tot allergische huidreacties. Bovendien is er onvoldoende informatie beschikbaar om te concluderen dat propolis-extract niet genotoxisch of hormoonverstorend is. Nederland heeft, in lijn met het advies van het Ctgb, ingestemd met het voorstel. Het voorstel van de EC is met een gekwalificeerde meerderheid aangenomen.

Correctiebesluit op de werkzame stof Carvone

Dit voorstel betreft een correctie van een eerder genomen besluit over de hernieuwing van de goedkeuring van de werkzame stof carvone. In het oorspronkelijke besluit is een onjuist CAS-nummer (specifiek identificatie nummer) gehanteerd. Met dit correctiebesluit wordt dit hersteld. Nederland heeft, in lijn met het advies van het Ctgb, ingestemd met het voorstel. Het voorstel van de EC is met unanimiteit aangenomen.

De werkzame stof Thiofanaat-methyl

Op verzoek van één lidstaat is de stemming over deze stof stopgezet en doorgeschoven naar de komende ScoPAFF vergadering van 18 en 19 mei.

Mancozeb

In het kader van het SO Landbouw- en Visserijraad van 2 juni 2020 heeft de fractie van de PvdD een vraag gesteld over de werkzame stof mancozeb.

Vraag

Op de agenda van de komende vergadering van het Standing Committee on Plants, Animals, Food and Feed (SCoPAFF) op 18 en 19 mei 2020 staat het voorstel van de Europese Commissie om de toelating van het landbouwgif mancozeb niet te verlengen. Aangezien de leden van de Partij voor de Dieren-fractie nog altijd geen antwoord hebben ontvangen op de gestelde Kamervragen (8 april 2020), vragen zij hierbij nogmaals of de Minister, gezien het vergrote risico voor agrariërs, hun gezinnen en omwonenden op de ziekte van Parkinson, het voorstel van de Europese Commissie zal steunen om het middel van de markt te halen. Is de Minister daarbij voornemens om andere lidstaten actief op te roepen om vóór het voorstel van de Europese Commissie te stemmen, met als doel een gekwalificeerde meerderheid voor het voorstel te vormen? Gaat de Minister er tot slot voor pleiten om het verbod op de verkoop en het gebruik van mancozeb op de kortst mogelijke termijn in te voeren en niet te wachten tot de termijn van de laatste automatische verlenging afloopt?

Antwoord

Op de agenda van de SCoPAFF vergadering van 18 en 19 mei 2020 staat het conceptvoorstel van de Europese Commissie over het niet verlengen van de goedkeuring van de werkzame stof mancozeb op de agenda ter discussie. Ik zal de Europese Commissie tijdens deze SCoPAFF-vergadering nogmaals verzoeken de besluitvorming over de werkzame stof zo spoedig mogelijk af te ronden en in werking te laten treden en daarbij niet te wachten totdat de termijn van de procedurele verlenging afloopt.

Er kleven volgens het conceptvoorstel van de Europese Commissie risico’s aan de werkzame stof mancozeb. Als het definitieve voorstel van de Europese Commissie straks overeenkomt met het conceptvoorstel en het advies van het Ctgb ongewijzigd blijft, dan zal ik instemmen met het voorstel van de Europese Commissie om de goedkeuring van de werkzame stof mancozeb niet te verlengen. Iedere lidstaat moet een eigen afweging maken of het een voorstel van de Europese Commissie zal steunen.

Ik zal uw Kamer – zoals gebruikelijk – tijdig informeren over de voorgenomen Nederlandse standpunten over de onderwerpen die ter stemming worden voorgelegd aan het SCoPAFF over regelgeving voor gewasbescherming.

Overig

Daarnaast heb ik een brief aan de EC gestuurd waarin ik aandacht vraag voor twee aan de volksgezondheid gerelateerde aspecten van het gebruik van bepaalde gewasbeschermingsmiddelen: de mogelijke effecten op het ontstaan van de ziekte van Parkinson en het ontwikkelen van resistentie tegen medicinale azolen. Met deze brief geef ik invulling aan de gewijzigde motie van het lid Dik-Faber c.s. (CU) over Parkinson (Kamerstuk 27 858, nr. 502) en een toezegging over azolen aan uw Kamer (Kamerstuk 27 858, nr. 486).

In de brief verzoek ik de EC om een traject te starten om de datavereisten op het gebied van neurologische aandoeningen te herzien voor verordening (EG) 1107/2009 zodat studies gericht op neurotoxische effecten voortaan standaard wordt opgenomen in het beoordelingsdossier voor de goedkeuring van chemisch gesynthetiseerde werkzame stoffen. Tevens vraag ik aan de EC om een integraal plan van aanpak te ontwikkelen voor het probleem van resistentie gerelateerd aan het gebruik van azool bevattende gewasbeschermingsmiddelen in combinatie meten langdurige en ongecontroleerde opslag van agrarische en natuurlijke (rest)producten. Tijdens de komende SCoPAFF-vergadering zal een reactie van de EC op de brief worden besproken.

De Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, C.J. Schouten