27 842
Wijziging van de Wet op de jeugdhulpverlening in verband met de advies- en meldpunten kindermishandeling

nr. 9
AMENDEMENT VAN DE LEDEN ARIB EN VAN VLIET

Ontvangen 19 maart 2002

De ondergetekenden stellen het volgende amendement voor:

In artikel I, onderdeel C, wordt na artikel 34d een artikel ingevoegd, luidende:

Artikel 34e

1. Indien het bestuur van een voorziening of instelling bekend is geworden dat een persoon die werkzaam is bij een voorziening of instelling zich mogelijk schuldig maakt of heeft gemaakt aan kindermishandeling als bedoeld in artikel 34a, derde lid, treedt het bestuur van de desbetreffende voorziening of instelling onverwijld in overleg met het advies- en meldpunt kindermishandeling, bedoeld in artikel 34a.

2. Indien uit het overleg, bedoeld in het eerste lid, moet worden geconcludeerd dat er sprake is van een redelijk vermoeden dat de desbetreffende persoon zich schuldig heeft gemaakt aan een misdrijf als bedoeld in het eerste lid jegens een jeugdige, doet het bestuur onverwijld aangifte bij een opsporingsambtenaar als bedoeld in artikel 127 juncto artikel 141 van het Wetboek van Strafvordering, en stelt het bestuur het advies- en meldpunt kindermishandeling daarvan onverwijld in kennis. Voordat het bestuur overgaat tot het doen van aangifte, stelt het de ouders van de jeugdige hiervan op de hoogte.

3. Indien een in de jeugdhulpverlening werkzame persoon op enigerlei wijze bekend is geworden dat een bij een voorziening of instelling werkzame of betrokken persoon zich mogelijk schuldig maakt of heeft gemaakt aan een misdrijf als bedoeld in het eerste lid jegens een jeugdige, stelt hij het bestuur daarvan onverwijld in kennis.

Toelichting

Kinderen kunnen ernstige schade ondervinden van seksueel misbruik (door beroepskrachten), en daarom is vroegtijdige signalering van belang ter voorkoming van zulke ernstige schade. In het onderwijs bestaan er reeds verplichte gedragsregels en gedragscodes. Binnen de sectoren waar kinderen/jeugdigen deel van uitmaken (voorzieningen voor verstandelijk gehandicapte kinderen, Scouting, Jeugdhulpverlening, Jeugdbescherming, Jeugd-GGZ, Justitiële Jeugdinrichtingen) doen zich soms situaties voor waarbij volwassenen, met name hulpverleners, zich schuldig maken aan seksueel misbruik van kinderen. Doordat wet- en regelgeving ontbreekt, wordt melding van misbruik afhankelijk van personen. Dit amendement strekt ertoe een meldplicht op te nemen.

Arib

Van Vliet

Naar boven