Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 20 april 2010
Inleiding
Bij de behandeling van de defensiebegroting voor 2010 heeft de Kamer op 8 december 2009 (Handelingen der Kamer II, vergaderjaar
2009–2010, nr. 34, blz. 3259) een motie aangenomen van de leden Eijsink, Knops, Ten Broeke en Voordewind over de instandhouding
van defensiematerieel (Kamerstuk
32 123 X nr. 74). In deze motie wordt de regering verzocht een gezamenlijk plan van aanpak met het bedrijfsleven op te stellen, gericht op
het in stand houden van nieuwe materieelsystemen en de Kamer daarover uiterlijk 1 maart 2010 te rapporteren.
De instandhouding van materieel is een essentieel proces voor zowel de operationele ondersteuning als de operationele gereedstelling
van Defensie. Het uitgangspunt voor de samenwerking met het bedrijfsleven, onder meer op het gebied van instandhouding, is
de sourcingstrategie. Deze strategie schetst een kader en formuleert normen op grond waarvan wordt besloten tot uitvoering
van werkzaamheden door Defensie, tot uitbesteding of tot samenwerking. Defensie betrekt andere partijen bij de dienstverlening
als daardoor de prestaties verbeteren of de kosten dalen. Bij investeringsprojecten waarmee een bedrag van € 25 miljoen of
meer is gemoeid wordt de sourcingtoets, als onderdeel van de sourcingstrategie, altijd uitgevoerd. Daarnaast plaatst Defensie
bestaande activiteiten waarop de sourcingstrategie van toepassing kan zijn op de sourcingsagenda. Bij investeringsprojecten
waarmee een bedrag kleiner dan € 25 miljoen is gemoeid, wordt toepassing van de scourcingstrategie aangemoedigd.
Op 15 februari jl. hebben de Defensie Materieel Organisatie (DMO) en de Stichting Nederlandse Industrie voor Defensie en Veiligheid
(NIDV) een aantal afspraken gemaakt die in deze brief worden toegelicht. Daarnaast worden in deze brief een aantal bestaande
vormen van samenwerking tussen Defensie en het bedrijfsleven uiteengezet.
Resultaten van het overleg tussen Defensie en de NIDV
• Ieder half jaar zullen de directeur van de DMO, de directeur van de NIDV en een vertegenwoordiger van de Commandant der Strijdkrachten
(CDS) tijdens een gezamenlijk strategisch overleg de instroom van nieuw materieel bij Defensie bespreken alsmede de rol van
het Nederlandse bedrijfsleven hierbij. Ook zal de zogeheten «Instandhoudingsagenda» worden besproken. Hierbij gaat het om
de voorziene instroom van materieel en de wijze van instandhouding daarvan. Het doel van de Instandhoudingsagenda is de Nederlandse
defensie-industrie tijdig te informeren over ontwikkelingen op dit gebied en haar bij de ontwikkeling, productie en instandhouding
van defensiematerieel te betrekken, met inachtneming van de Europese regelgeving. Zoals bekend is dit laatste ook de hoofddoelstelling
van de Defensie Industrie Strategie (DIS), zoals uiteengezet in de brief van 3 september 2007 (Kamerstuk 31 125 nr. 1).
• Er bestaan nu negen NIDV-platforms op uiteenlopende gebieden, zoals technologie, simulatoren en de ontwikkeling van nieuw
materieel waaraan Defensie deelneemt. De instandhouding van materieel vormt een onderdeel van de bijeenkomsten van de negen
platforms. De werkwijze van het platform Netherlands Industrial Fighter Aircraft Replacement Platform (NIFARP), waarbij constructief wordt samengewerkt met oog voor de wederzijdse belangen, is voor de platforms een voorbeeld.
Tijdens de bijeenkomst op 15 februari jl. is besloten voor de instandhouding van materieel geen extra platform in het leven
te roepen. Wel is het streven bij overleg over de instandhouding van materieel een nieuwe, soortgelijke constructieve samenwerking
als bij het NIFARP tot stand te brengen.
• Onder auspiciën van de NIDV zal in april 2010 een bijeenkomst worden georganiseerd voor bedrijven die belangstelling hebben
voor werkzaamheden op het gebied van de instandhouding. Hieraan zal ook het ministerie van Defensie deelnemen. Het onderwerp
van deze bijeenkomst is de aanbestedingen van de instandhouding van defensiematerieel die op korte termijn zijn te verwachten.
In het bijzonder zal de instandhouding van materieel dat terugkomt uit Afghanistan worden besproken. Daarnaast is het de bedoeling
te komen tot een eerste versie van de Instandhoudingsagenda ten behoeve van het halfjaarlijkse strategische overleg. De vertegenwoordigers
in dit strategische overleg zullen de Instandhoudingsagenda actueel houden, waarbij de inbreng van de NIDV-platforms van aanzienlijk
belang zal zijn.
• De Projectendagen land-, zee-, en luchtsystemen van de NIDV zullen, met als doel overleg en kennisuitwisseling tussen vooral
de DMO en de NIDV, blijven voortbestaan. Een nieuw onderwerp tijdens deze bijeenkomsten is ook de uitwisseling van informatie
over de instandhouding van materieel en de rol die het bedrijfsleven hierbij kan spelen.
Bestaande en toekomstige vormen van samenwerking met het bedrijfsleven
De nieuwe initiatieven voor de instandhouding van materieel door Defensie in samenwerking met het bedrijfsleven vullen bestaande
maatregelen aan. Momenteel voert Defensie in samenwerking met het Nederlandse bedrijfsleven al instandhoudingsprojecten uit.
Voorbeelden hiervan zijn onderhoudswerkzaamheden aan de wissellaadsystemen, de Fennek-voertuigen, fregatten van het Commando
zeestrijdkrachten, de Liebherr-kranen, de trekkeropleggers en de F100-motoren van de F-16. Daarnaast betreft het de instandhouding
van materieel bij de projecten TACTIS en Mobile Combat Training Center (MCTC). Ook is de DMO begonnen aan een aantal verwervingstrajecten voor het onderhoud van nieuw materieel. Voorbeelden hiervan
zijn de projecten Groot Pantserwielvoertuig (Boxer), het Infanterie Gevechtsvoertuig CV-90 en de NH-90 helikopter.
De staatssecretaris van Defensie,
J. G. de Vries