De vaste commissie voor Defensie heeft de minister van Defensie de volgende vragen
ter beantwoording voorgelegd over de A-Brief project verwerving van beschermingspakketten
tegen Chemische Energie (CE-)wapens voor het Infanterie Gevechtsvoertuig (IGV) CV-90
(Kamerstuk 27 830, nr. 104). De daarop door de minister gegeven antwoorden zijn hierbij afgedrukt.
De fungerend voorzitter van de commissie, De Rouwe
De adjunct-griffier van de commissie, Dekker
1
Kunt u toelichten welke landen beschikken over Chemische Energie (CE-) wapens? Hoe
groot is de daadwerkelijke dreiging van CE-wapens voor de gemechaniseerde brigades
en de CV-90»s?
De CE-wapens doorboren het pantser door een speciaal gevormde lading die de kracht
van de explosie op één punt concentreert. Dit stelt het wapen in staat dik staal te
doorboren. De toepassing bestaat al vele decennia en de meeste landen, maar ook veel
niet-reguliere strijdgroepen beschikken over deze munitie. CE-wapens vormen daardoor
een aanzienlijke bedreiging voor de Nederlandse troepen tijdens het expeditionair
optreden.
Overigens behoren deze wapens in geen enkel opzicht tot de zogenoemde chemische strijdmiddelen
die hun werking ontlenen aan giftige eigenschappen.
2
Kunt u toelichten welke landen hun infanteriegevechtsvoertuigen op dit moment hebben
uitgerust met dergelijke beschermingspakketten? Welke landen hebben, net als Nederland,
plannen om dergelijke beschermingspakketten te verwerven?
CE-pakketten bestaan uit een combinatie van passieve, reactieve en actieve bescherming.
De strijdkrachten van onder andere Canada, Duitsland, Frankrijk en de Verenigde Staten
overwegen, evenals Nederland, de verwerving van CE-pakketten en zij voeren daartoe
beproevingen uit. De actieve beschermingscomponent, die onder andere is vereist tegen
meervoudige ladingen, is op dit moment alleen in gebruik bij Israël.
3
Wat gebeurt er met de huidige 100 demontabele pakketten voor de bescherming tegen
Kinetische Energie (KE-)wapens?
Het is nog niet duidelijk of, en zo ja in hoeverre de huidige KE-pakketten nog kunnen
worden gebruikt. In de vervolgfase van dit project zullen de mogelijkheden daartoe
worden onderzocht. Overigens voorziet de behoeftestelling niet in CE-pakketten voor
alle IGV’n.
4
Bent u niet van mening dat defensiematerieel (en het onderhoud hiervan) dat wordt
gebruikt ten behoeve van internationale missies, zoals deze beschermingspakketten
van de CV-90, gedeeltelijk moet worden gefinancierd vanuit HGIS-gelden?
Financiering vanuit HGIS is op dit moment alleen mogelijk voor de additionele uitgaven
die een direct gevolg zijn van de inzet van de krijgsmacht voor vredesoperaties. Dit
berust op het uitgangspunt dat de krijgsmacht gereed moet zijn voor de opgedragen
taken en beschikt over de hiervoor vereiste uitrusting. De uitgaven voor de reguliere
uitrusting worden daarom gefinancierd vanuit het investeringsbudget in de defensiebegroting.
In de recente verruiming van de HGIS-afspraken (Kamerstuk 32 503 nr. 7 d.d. 19 juni 2012) is vastgelegd dat investeringen ten behoeve van een specifieke
missie onder voorwaarden en in overleg met het ministerie van Buitenlandse Zaken ten
laste kunnen komen van het HGIS-budget. De CE-pakketen behoren tot de reguliere uitrusting
en worden niet aangeschaft met het oog op een specifieke missie. Financiering vanuit
HGIS is nu dan ook niet aan de orde.
5
Is het niet verstandiger om te wachten met de verwervingsfase totdat er meer duidelijkheid
is over de ervaringsgegevens, de doorontwikkeling en het risico van vertraging, aangezien
u het productrisico ten aanzien van de verwerving als gemiddeld tot hoog schat? Hoe
verhoudt het genoemde operationele risico zich op dit gebied met eventuele financiële
risico’s die vertragingen en onzekere technische ontwikkelingen met zich meebrengen?
De operationele behoefte aan de CE-pakketten is groot vanwege de dreiging van CE-wapens
voor Nederlandse militairen tijdens operationele inzet. Het aanwezige productrisico
moet hiertegen worden afgewogen. De ontwikkelingen bij producenten op het gebied van
CE-bescherming maken het aannemelijk dat het productrisico verder zal afnemen. Wel
zal de integratie van de CE-pakketten in de bestaande CV-90 voertuigen tijd in beslag
nemen. Tegen deze achtergrond is het nodig nu reeds met het project te beginnen.
6
Kunt u nader ingaan op de haalbaarheidsstudie die concludeert dat het budget naar
verwachting toereikend is?
In de haalbaarheidsstudie zijn verschillende productcombinaties beoordeeld op de criteria
kwaliteit, tijd en geld. Daarbij zijn er contacten geweest met de industrie. Op grond
van deze contacten verwacht Defensie dat meerdere fabrikanten binnen het beschikbare
budget kunnen voldoen aan de gestelde eisen.