Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummerDatum brief
Tweede Kamer der Staten-Generaal2000-200127830 nr. 1

27 830
Materieelprojecten

nr. 1
BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN DEFENSIE

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

's-Gravenhage, 7 maart 2001

Naar aanleiding van mijn brief van 29 november 2000 (antwoorden op Kamervragen over de evaluatie van het project M-fregatten (27 011, nr. 3)) vroeg de vaste commissie voor Defensie nadere informatie over de criteria op grond waarvan wordt besloten tot het evalueren van materieelprojecten, inclusief de aan de krijgsmachtdelen gemandateerde projecten.

Zoals in het Defensie Materieelkeuzeproces is verwoord, wordt de beslissing een evaluatierapport op te stellen genomen aan de hand van de financiële omvang van het project (groter dan f 500 miljoen) of aan de hand van bijzondere aspecten, zoals complexiteit, internationale samenwerking, politieke gevoeligheid, uitzonderlijke commerciële facetten of met deze aspecten samenhangende speciale publieke en parlementaire belangstelling. Een evaluatie wordt gehouden nadat het desbetreffende materieel is ingestroomd.

Op grond van de genoemde criteria kunnen ook projecten met een financiële omvang kleiner dan f 500 miljoen in aanmerking komen voor een evaluatie. Hieronder vallen eveneens de aan de krijgsmachtdelen gemandateerde projecten.

Voorbeelden van materieelprojecten die zijn onderworpen aan een evaluatie zijn het project M-fregatten (vanwege de financiële omvang) en het project KDC-10. De evaluatie hiervan was ingegeven door het verloop van het project en de ontwikkeling van de kosten.

In de komende jaren wordt bij een aantal grote materieelprojecten een evaluatieonderzoek gehouden. Dit betreft onder meer de projecten MLU-F16 jachtvliegtuigen, Luchtverdedigings- en commandofregatten, Bewapende helikopters en Vervanging pantservoertuigen. Een voorbeeld van een kleiner project dat de komende jaren op grond van genoemde

criteria voor evaluatie in aanmerking kan komen is het Licht Verkennings- en Bewakingsvoertuig voor de Koninklijke landmacht.

De Staatssecretaris van Defensie,

H. A. L. van Hoof