nr. 92
BRIEF VAN DE MINISTER VAN VOLKSGEZONDHEID, WELZIJN EN SPORT
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 26 juni 2009
Tijdens het Algemeen Overleg over alcoholbeleid van 20 december 2007
(Handelingen der Kamer II, vergaderjaar 2008–2009, nr. 39, blz.
3089–3098) is door de leden Leijten en Voordewind een motie ingediend
waarin de regering wordt verzocht onderzoek te doen naar de mogelijkheden
om alcoholpromoties gericht op jongeren te beperken en zo mogelijk te verbieden1. Uw Kamer heeft met deze motie ingestemd. Met deze brief
reageer ik op deze motie, mede namens mijn collega voor Jeugd en Gezin.
Voordat ik inga op de mogelijkheden tot beperking en eventueel verbieden
van alcoholpromoties gericht op jongeren, hecht ik eraan eerst het huidige
kader aan wet- en regelgeving met betrekking tot alcoholreclame uiteen te
zetten.
Europese wet- en regelgeving
Op Europees niveau geldt sinds 1989 de richtlijn Televisie zonder Grenzen.
In artikel 15 van deze richtlijn is vastgelegd dat tv-reclame voor alcoholhoudende
dranken:
• niet specifiek gericht mag zijn op minderjarigen en in het bijzonder
geen minderjarigen mag tonen die dit soort dranken gebruiken;
• geen verband mag leggen tussen alcoholgebruik en een verbetering
van fysieke prestaties of gemotoriseerd rijden;
• niet de indruk mag wekken dat alcoholgebruik bijdraagt tot sociale
of seksuele successen;
• niet mag suggereren dat alcoholhoudende dranken therapeutische
kwaliteiten bezitten, dan wel stimulerend, kalmerend of spanningsreducerend
effect hebben;
• geen onmatig alcoholgebruik mag aanmoedigen dan wel onthouding
of matig alcoholgebruik in een negatief daglicht stellen;
• geen nadruk mag leggen op het hoge alcoholgehalte van dranken als
positieve eigenschap.
Dit artikel is in Nederland geïmplementeerd in de Reclamecode voor
Alcoholhoudende Dranken, die onderdeel vormt van de Nederlandse Reclame Code
(zie hierna). De Nederlandse Reclame Code geldt voor alle vormen van reclame.
Nationale wet- en regelgeving
Reclamecode voor Alcoholhoudende Dranken
In deze Code heeft de alcoholbranche voor zichzelf een kader aan regels
en richtlijnen gesteld, waarin naast algemene regels voor alcoholreclame (inclusief
internet en bioscoopreclame), ook een aparte richtlijn voor horecapromoties
is opgenomen. In deze richtlijn staat bijvoorbeeld dat geen gratis drankjes
mogen worden aangeboden en dat horecapromoties niet zijn toegestaan op plaatsen
waar meer dan 25% van het publiek minderjarig is. In de reclamecode
zelf is deze 25%-norm van toepassing op alle andere vormen van reclame,
inclusief bioscoopreclames. Ook voor internetsites zijn aanvullende bepalingen
opgenomen ter bescherming van minderjarigen tegen alcoholpromoties.
De Code is opgesteld door de Stichting Verantwoord Alcoholgebruik (STIVA),
waarin alle Nederlandse producenten en importeurs van bier, wijn en gedestilleerd
verenigd zijn. In deze stichting is de horecabranche zelf echter niet vertegenwoordigd.
Zoals ook in de algemene bepalingen van de Code is vermeld, is handhaving
daarom niet mogelijk in de horeca zelf, behoudens op vrijwillige basis of
met medewerking van de betrokken media.
Mediawet
Naast de regelgeving die is opgenomen in voornoemde Code, is in het Coalitieakkoord
van het huidige kabinet afgesproken een verbod op alcoholreclame op radio
en televisie tot 21.00 uur in te voeren. Ter uitvoering van deze afspraak
in het Coalitieakkoord, is in artikel 3.7, tweede lid, onder c, van de nieuwe
Mediawet, een verbod voor radio- en televisiereclame tussen 6.00 en 21.00
uur opgenomen (Mediawet 2008, Staatsblad 5831
).
Drank- en Horecawet
Tenslotte geeft artikel 2 van de Drank- en Horecawet sinds 2000 een grondslag
voor een reclamebesluit, waarbij nadere regels aan reclame kunnen worden gesteld.
Deze regels kunnen betrekking hebben op de inhoud van alcoholreclame, de doelgroepen
waarop deze is gericht, alsmede het tijdstip en wijze waarop en de plaats
waar reclame wordt gemaakt. Een reclamebesluit kan echter niet zien op de
aanduiding betreffende merk, soort, prijs en plaats van verstrekking. Voor
het instellen van een reclamebesluit geldt een voorhangprocedure. De regering
heeft van de mogelijkheid van artikel 2 tot op heden geen gebruik gemaakt.
Conclusie
Uit het voorgaande blijkt dat de meeste vormen van alcoholpromotie thans
al via zelfregulering zijn beperkt. Er is op dit terrein echter geen specifieke
nationale wetgeving van toepassing, met uitzondering dan van het reclameverbod
tussen 6.00 en 21.00 uur op radio en televisie.
In reactie op uw vraag wat de mogelijkheden zijn om alcoholpromoties gericht
op jongeren te beperken, wijs ik op de mogelijkheid tot het instellen van
een reclamebesluit zoals hiervoor beschreven. Daarin kan een verdere
beperking van bijvoorbeeld bioscoopreclame en van alcoholpromotie in de foyers
van bioscopen worden opgenomen.
Het kabinet hecht veel belang aan de zelfregulering, mede gelet op de
langs die weg reeds bereikte beperkingen van reclame. Mede tegen die achtergrond
is het kabinet niet voornemens thans over te gaan tot het instellen van een
reclamebesluit. Wel zal het kabinet actief blijven volgen of de Code wordt
nageleefd en zal tevens in het overleg met betrokken partijen het belang van
verruiming van de Code worden uitgedragen.
Buzz-marketing
In mijn antwoord op kamervragen ingediend door het lid Leijten1 is toegezegd het fenomeen buzz-marketing in het onderzoek
naar de beperking van alcoholpromotie te betrekken. Enige tijd geleden heeft
STAP Nederlands Instituut voor Alcoholbeleid naar aanleiding van een buzz
actie voor Grolsch Weisen bier de Reclame Code Commissie gevraagd een uitspraak
te doen over deze uitingen.
De Commissie heeft in haar uitspraak van 1 juli 2008 geoordeeld dat
bij de betreffende uiting geen sprake was van een openbare aanprijzing zoals
bedoeld in artikel 1 van de Nederlandse Reclame Code, zodat geen sprake is
van reclame in die zin van de Code.2 Deze nieuwe
wijze van marketing moet worden beschouwd als een vorm van marktonderzoek.
De Reclamecode voor Alcoholhoudende Dranken is derhalve niet van toepassing
op buzz-marketing en ook een reclamebesluit op grond van de Drank- en Horecawet
zal niet voor deze vorm van marketing gelden. Binnen de bestaande kaders zijn
er derhalve geen mogelijkheden om tegen dergelijke nieuwe vormen van onderzoeksmarketing
op te treden, mocht daar al behoefte toe zijn.
De minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,
A. Klink