Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 11 december 2025
We hebben iedereen nodig voor een sterke en toekomstbestendige arbeidsmarkt: om de
zorg en het onderwijs draaiende te houden, of om de transitie naar een duurzame economie
te maken. Helaas zijn er in Nederland echter nog steeds ongeoorloofde loonverschillen
tussen mannen en vrouwen. Dit is niet alleen onrechtvaardig, maar ook onacceptabel
in een tijd waarin we alle talent en inzet hard nodig hebben.
Om de loonverschillen tussen mannen en vrouwen in Nederland in beeld te brengen voert
het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) in opdracht van het Ministerie van SZW
periodiek onderzoek uit. Hierbij deel ik het meest recente onderzoek van het CBS met
uw Kamer, Monitor Loonverschillen mannen en vrouwen, 2024 (Monitor Loonverschillen 2024). In de Monitor staan loonverschillen tussen mannen
en vrouwen in het bedrijfsleven en bij de overheid centraal. Daarbij is gekeken naar
de loonverschillen in 2024 en de ontwikkeling ten opzichte van eerdere jaren.
Feitelijke loonverschil
Uit de Monitor Loonverschillen 2024 volgt dat in het bedrijfsleven het uurloon van
vrouwen in 2024 gemiddeld 14,5 procent lager lag dan dat van mannen. In 2022 bedroeg
dit percentage nog 16,4 procent. Voor de overheid was dit percentage 4,5 procent in
2024 en 5,1 procent in 2022. Voor beide sectoren geldt dus dat het verschil in uurloon
langzaam afneemt.
Statistisch gecorrigeerde loonverschil
Naast het feitelijke loonverschil heeft het CBS ook het loonverschil berekend waarbij
rekening wordt gehouden met achtergrondkenmerken zoals opleidingsniveau, leidinggeven
of bedrijfstak (het zogenoemde statistisch gecorrigeerde loonverschil). Gekeken is
in welke mate geslacht nog een rol speelt in de beloning van werknemers wanneer hiermee
rekening wordt gehouden.1
In 2024 lag het statistisch gecorrigeerde uurloon van vrouwen in het bedrijfsleven
6,1 procent lager dan dat van mannen. Daarmee is dit verschil verder afgenomen ten
opzichte van 2022. Bij de overheid lag dit percentage in 2024 op 1,7 procent. Dit
verschil is vergelijkbaar aan het percentage in 2022. Hiermee is een einde gekomen
aan de dalende trend bij de overheid sinds 2014.
Het CBS geeft in haar onderzoek aan dat deze cijfers kunnen wijzen op beloningsdiscriminatie,
waarbij werkgevers hun werknemers ongelijk belonen voor gelijkwaardige arbeid. Of
dit daadwerkelijk het geval is, kan niet op basis van dit onderzoek worden geconcludeerd.
Wetsvoorstel implementatie richtlijn loontransparantie
Bovenstaande cijfers laten zien dat het hard nodig is om gelijke beloning voor mannen
en vrouwen te bevorderen. Daarom werkt het kabinet op dit moment aan de implementatie
van de Europese richtlijn loontransparantie, die hier met verschillende transparantiemaatregelen
aan wil bijdragen.2 Ik streef ernaar het wetsvoorstel nog voor het einde van dit jaar voor advies aan
te bieden aan de Raad van State.
De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,
M.L.J. Paul