26 732
Algehele herziening van de Vreemdelingenwet (Vreemdelingenwet 2000)

nr. 83
MOTIE VAN HET LID WIJN C.S.

Voorgesteld 8 juni 2000

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

overwegende, dat voor een verantwoorde invoering van de nieuwe Vreemdelingenwet per 1 januari 2001 aan een aantal randvoorwaarden moet zijn voldaan;

overwegende, dat het belang daarvan door de verschillende schakels in de asielketen nadrukkelijk is aangegeven in de in het kader van de nieuwe Vreemdelingenwet verrichte uitvoeringstoetsen;

overwegende, dat op dit moment onvoldoende duidelijk is of tijdig aan de gestelde randvoorwaarden kan worden voldaan;

verzoekt de regering vóór 1 juli 2000 de Kamer te informeren over de concrete invulling van de minimale randvoorwaarden voor verantwoorde invoering van de nieuwe Vreemdelingenwet per 1 januari 2001, onder andere bezien naar: de acceptabele omvang van werkvoorraden bij IND (eerste aanleg respectievelijk bezwaar) en rechtbanken; de benodigde omvang en kwaliteit van personeel bij IND, rechtbanken en Raad van State; de benodigde omvang van het bestand aan tolken, vertalers en rechtshulpverleners; de afstemming tussen de verschillende ketenpartners,

en gaat over tot de orde van de dag.

Wijn

Van der Staaij

Rouvoet

Halsema

Naar boven