Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2010-201126643 nr. 174

26 643 Informatie- en communicatietechnologie (ICT)

Nr. 174 BRIEF VAN DE MINISTER VAN VEILIGHEID EN JUSTITIE

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 22 februari 2011

Hierbij bied ik u, mede namens mijn collega’s van de ministeries van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie, Defensie en Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, de Nationale Cyber Security Strategie aan1. Met deze strategie zal het Kabinet de komende jaren inzetten op een integrale aanpak voor de veiligheid van een open en vrije digitale samenleving. Deze aanpak moet ertoe bijdragen dat Nederland tot de toplanden behoort in de wereld op het gebied van cyber security. Met deze strategie geeft het Kabinet vorm aan de in het regeerakkoord aangekondigde integrale aanpak voor cyber crime. Tevens komt het kabinet hiermee tegemoet aan de motie Knops en Hernandez om te komen tot een rijksbrede cyber security strategie.

ICT is van fundamenteel belang voor onze samenleving en economie en een katalysator voor (verdere) duurzame economische groei. Tegelijkertijd leidt de kwetsbaarheid, afhankelijkheid en complexiteit van ICT tot nieuwe dreigingen waartegen betrokken (inter)nationale organisaties intensief zullen moeten samenwerken en krachtiger moeten optreden. Door het grote belang van ICT voor de samenleving wordt het effect van misbruik van die voorzieningen steeds omvangrijker. Een innovatieve integrale aanpak is onontbeerlijk: een aanpak die beleidsterreinen, organisaties en scheidslijnen tussen publiek en privaat overstijgt. Deze strategie is dan ook in nauwe samenwerking met en door consultatie van een groot aantal publieke en private organisaties opgesteld. Dit onder het motto «Slagkracht door samenwerking».

De Nationale Cyber Security Strategie is op hoofdlijnen uitgewerkt in een aantal acties. De hoofdpunten hieruit zijn:

  • cyber security wordt integraler aangepakt door publieke en private partijen;

  • het zicht op dreigingen wordt vergroot door integrale dreigings- en risicoanalyses;

  • de weerbaarheid van de vitale infrastructuur tegen ICT-dreigingen en cyberaanvallen wordt vergroot;

  • responscapaciteit om ook in het digitale domein effectief te kunnen opereren wordt versterkt, onder andere bij Defensie;

  • de keten van opsporing en vervolging wordt versterkt. De komende jaren wordt capaciteit vrijgemaakt voor de opsporing en vervolging van cybercriminaliteit;

  • bestaande publieke en, zo mogelijk, wetenschappelijke en private onderzoeksprogramma’s en -budgetten worden op elkaar afgestemd.

Deze strategie is het begin. Niet voor niets heeft het werkplan als titel »Werk in uitvoering». We gaan snel stappen zetten maar er zal ook nog uitwerking plaats moeten vinden op een aantal onderdelen. In het bijzonder wil ik daarbij de Digitale agenda noemen die de minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie u binnenkort stuurt en de beleidsvisie Defensie waarin de minister van Defensie u binnenkort zal informeren over de cyber intensiveringen op het terrein van Defensie. Over de voortgang van de NCSS zult u regelmatig geïnformeerd worden via de voortgangsbrieven Nationale Veiligheid.

De minister van Veiligheid en Justitie,

I. W. Opstelten


X Noot
1

Ter inzage gelegd bij het Centraal Informatiepunt van de Tweede Kamer der Staten-Generaal.