Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummerDatum ontvangst
Tweede Kamer der Staten-Generaal1998-199926524 nr. 9

26 524
Uitvoering van de Richtlijn 96/71/EG van het Europees parlement en van de Raad van de Europese Unie van 16 december 1996 betreffende de terbeschikkingstelling van werknemers met het oog op het verrichten van diensten (PbEG 1997, L 18) (Wet arbeidsvoorwaarden grensoverschrijdende arbeid)

nr. 9
AMENDEMENT VAN HET LID WEEKERS C.S.

Ontvangen 15 september 1999

De ondergetekenden stellen het volgende amendement voor:

In artikel 3 wordt het voorgestelde zevende lid van artikel 2 van de Wet op het algemeen verbindend en het onverbindend verklaren van bepalingen van collectieve arbeidsovereenkomsten vervangen door:

7. Het zesde lid is slechts van toepassing voorzover de arbeid betrekking heeft op bij algemene maatregel van bestuur aangewezen activiteiten. De algemene maatregel van bestuur, bedoeld in de eerste volzin, treedt niet eerder in werking dan acht weken na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin hij is geplaatst. Van de plaatsing wordt onverwijld mededeling gedaan aan de beide kamers der Staten-Generaal.

Toelichting

De in de bijlage bij de Richtlijn gehanteerde terminologie sluit niet goed aan op de in ons land geldende sectorindeling. Om volstrekte helderheid te bieden over de activiteiten waarop het wetsvoorstel van toepassing is en over de sectoren waarbinnen die activiteiten zich afspelen achten ondergetekenden het gewenst bij algemene maatregel van bestuur die activiteiten en sectoren aan te wijzen. De amvb strekt tot verduidelijking van de bijlage bij de Richtlijn; de regeling zal moeten aangeven onder welke cao de activiteiten ressorteren. Tevens ontstaat de mogelijkheid, het werklandbeginsel ook van toepassing te verklaren op andere sectoren dan de bouw, omdat ook buiten de in de richtlijn genoemde sectoren sprake is van grensoverschrijdende arbeid. Vooral met het oog op een mogelijke uitbreiding van sectoren bevat het amendement een bepaling betreffende uitgestelde inwerkingtreding van de algemene maatregel van bestuur, die overleg over de inhoud van de amvb tussen minister en de Kamer mogelijk maakt.

Weekers

Schimmel

Bussemaker