Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummerDatum indiening
Tweede Kamer der Staten-Generaal1999-200026524 nr. 11

26 524
Uitvoering van de Richtlijn 96/71/EG van het Europees parlement en de Raad van de Europese Unie van 16 december 1996 betreffende de terbeschikkingstelling van werknemers met het oog op het verrichten van diensten (PbEG 1997, L 18) (Wet arbeidsvoorwaarden grensoverschrijdende arbeid)

nr. 11
MOTIE VAN HET LID VERBURG C.S.

Voorgesteld 29 september 1999

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

overwegende, dat de EU-detacheringsrichtlijn zijn oorsprong vindt in ontwikkelingen binnen de sectoren van de bouw;

overwegende dat, gelet op de arbeidsmarktontwikkelingen sinds begin jaren negentig de richtlijn ook in andere branches en sectoren een gewenste bijdrage kan leveren aan het detacheren van werknemers of het verlenen van diensten binnen de EU;

van oordeel, dat over verbreding van de implementatiewet in Nederland advies van de SER is gewenst is;

van oordeel, dat verbreding van de werking van de richtlijn in EU-verband aan de orde moet worden gesteld;

verzoekt de regering in de voorgenomen adviesaanvraag aan de SER inzake de arbeidsmobiliteit in de EU eveneens advies te vragen over verbreding van de implementatiewet naar andere branches en sectoren, alsmede verbreding van de werking van de richtlijn actief in Europees verband aan de orde te stellen en de Kamer op de hoogte te houden van ontwikkelingen en concrete stappen op dit punt,

en gaat over tot de orde van de dag.

Verburg

Weekers

Schimmel

Kuijper