Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2010-201126488 nr. 274

26 488 Behoeftestelling vervanging F-16

Nr. 274 LIJST VAN VRAGEN EN ANTWOORDEN

Vastgesteld 24 juni 2011

De vaste commissie voor Defensie1 heeft een aantal vragen voorgelegd aan de minister van Defensie over de brief van 25 juni 2011 inzake informatie over het kopie van het getekend contract en afschrift brief tweede F-35 testtoestel (Kamerstuk 26 488, nr. 270).

De minister heeft deze vragen beantwoord bij brief van 22 juni 2011. Vragen en antwoorden zijn hierna afgedrukt.

De voorzitter van de commissie,

Van Beek

De griffier van de commissie,

De Lange

1, 2a, 7, 8, 9, 11, 12 en 13

Is de dagtekening van de begeleidende brief aan de Admiraal Venlet (USA) gelijk aan de dagtekening van het contract voor het tweede testtoestel? Is de aanschaf van het tweede toestel alleen bevestigd door middel van een brief of gaat de desbetreffende brief veel verder? Letterlijk staat er: deelneming in de volledige financiering van de LRIP4 (LRIP4 full funding). Kunt u een letterlijke vertaling van de brief aan Admiraal Venlet geven? Wat staat er nu exact?

Hoeveel contracten zijn er nu getekend?

Kunt u een exacte omschrijving geven van wat de «ancillary mission equipement» inhoudt?

Kunt u een exacte omschrijving geven van een «propulsion system with its initial spares»?

Betekent dit dat er naast de «initial spares» nog meer «spares» aangeschaft moeten worden? Zo ja, hoe verloopt dat traject en wat zijn de bijkomende kosten?

Kunt u een exacte omschrijving geven van wat er nu met de «procurement of the other items in LRIP4 for the Netherlands in accordance with the provisions of the JSF PSFD MoU» bedoeld wordt?

Hoe kunt u dit verzoek tot «procurement of the other items in LRIP4 for the Netherlands in accordance with the provisions of the JSF PSFD MoU» doen zonder vooraf de financiële gevolgen te kunnen overzien?

Hoe kunt u dit verzoek tot «procurement of the other items in LRIP4 for the Netherlands in accordance with the provisions of the JSF PSFD MoU» doen zónder een financieel commitment? Wat zijn de gevolgen wanneer u voor deze items geen of een te klein financieel commitment wilt aangaan? Is er al een financieel commitment en zo ja, voor welk bedrag?

Met de brief van 29 april jl. aan de Directeur van het JSF Program Office heeft Defensie de aanschaf van het tweede testtoestel geëffectueerd. Er is geen andere brief. De Amerikaanse overheid heeft twee contracten gesloten voor de LRIP 4-productieserie. Daarin was de optie voor het tweede Nederlandse testtoestel opgenomen. Het contract met Lockheed Martin is gesloten op 19 november 2010 en dat met motorenfabrikant Pratt & Whitney op 13 mei 2011.

De brief van 29 april heeft verplichtingen voor Nederland tot gevolg voor het tweede testtoestel zonder motor, de motor zelf met initiële reservedelen (propulsion system and its initial spares) en de ancillary mission equipment (vliegeruitrusting en wapenrekken) die deel uitmaken van de bijkomende middelen. Er zijn op dit moment geen plannen voor de aanschaf van meer reservedelen voor de motor van het tweede testtoestel. Tijdens de operationele testfase en de daaraan voorafgaande opleidingen zullen de toestellen en reservedelen worden ingebracht in een gezamenlijke pool van de deelnemende landen.

De Amerikaanse overheid moet de resterende bijkomende middelen (other items) nog toevoegen aan het contract met Lockheed Martin over de LRIP 4-productieserie. Met de formulering die is aangehaald in de vragen 11, 12 en 13 verzoekt Defensie de Amerikaanse overheid om de resterende bijkomende middelen voor het tweede Nederlandse testtoestel aan te schaffen in overeenstemming met het Memorandum of Understanding (MoU) over de productie, instandhouding en doorontwikkeling (PSFD). Dit MoU bepaalt dat conceptcontracten ter goedkeuring aan de betrokken partnerlanden moeten worden voorgelegd voordat de Amerikaanse overheid een verplichting kan aangaan ten behoeve van die landen. Nederland zal dan ook pas een verplichting aangaan voor deze resterende bijkomende middelen als de prijs bekend is en na een beoordeling van het conceptcontract. Over de raming van alle bijkomende middelen is de Kamer onder meer op 4 april jl. commercieel vertrouwelijk geïnformeerd (kenmerk BS2011010036). Een raming voor een verplichting die nog moet worden aangegaan is een gebruikelijke procedure.

In de bestelsystematiek van het F-35 programma gaan de deelnemende landen eerst een verplichting aan voor de onderdelen met een lange levertijd (long lead items) en vervolgens enkele jaren later voor de volledige financiering van de desbetreffende toestellen (full funding). Zoals bekend is Defensie in 2008 de verplichting aangegaan voor de long lead items voor het tweede testtoestel. De genoemde contracten van de Amerikaanse overheid met Lockheed Martin en Pratt & Whitney betreffen de volledige financiering van de LRIP 4-productieserie voor de landen die daaraan deelnemen. Zoals uiteengezet neemt dit niet weg dat er voor een deel van de bijkomende middelen (other items) nog een aanvulling op het contract tot stand moet komen. De kosten daarvan voor Nederland maken deel uit van de bovengenoemde raming voor alle bijkomende middelen.

2b, 3, 10 en 16

Wat is de waarde van ieder afzonderlijk contract en welk onderdeel betreft dat contract?

Kunt u in tabelvorm per afzonderlijk contract een overzicht geven van de jaarlijkse verplichtingen gedurende de jaren 2011, 2012, 2013, 2014, 2015, 2016, 2017 en 2018?

Kunt u van «the financial commitment of TY$ 135,894 332» een volledige specificatie geven en de bedragen uitsplitsen in kosten kaal toestel, motor en alle losse, overige onderdelen die ten behoeven van het toestel, de motor, besturingssysteem en dergelijke bij deze prijs inbegrepen zitten? Kunt u hierbij ook aangeven welke investeringen in welk jaar gedaan zullen moeten worden?

Gezien de lange looptijd en het feit dat er wordt bekostigd op basis van lopende prijzen, kunt u aangeven hoe er wordt omgegaan met wisselkoersfluctuaties? Zijn die afgedekt en is daar een voorziening voor? Zo ja, hoe hoog is die en zijn daar extra kosten aan verbonden?

Ten behoeve van Nederland is in het contract van de Amerikaanse overheid met Lockheed Martin een F-35 toestel (Conventional Take-off and Landing, CTOL-versie) opgenomen voor $ 111 597 711 en bijkomende middelen voor $ 4 485 076. In het contract met Pratt & Whitney is voor Nederland een motor opgenomen voor $ 14 995 231 en initiële reservedelen voor $ 4 816 314. Deze bedragen zijn in lopende prijzen.

Voorafgaand aan 2011 is een deel van de onderdelen met een lange levertijd reeds betaald. Zoals op 20 mei jl. is gemeld (Kamerstuk 31 300, nr. 23) is voor de aanschaf van het tweede testtoestel inmiddels een termijndollarcontract gesloten met De Nederlandsche Bank met de koers van $ 1,00 = € 0,68. Daarmee ligt de koers van de dollar voor de verplichtingen in de desbetreffende jaren vast. Hier waren geen extra kosten aan verbonden. Op grond van deze koers zijn de verplichtingen opgenomen in de defensiebegroting. De onderstaande tabel geeft inzicht in de verdeling per jaar, in lopende prijzen en exclusief de reeds betaalde onderdelen met een lange levertijd.

2011

2012

2013

€ 24,5 miljoen

€ 40,6 miljoen

€ 21,9 miljoen

4

Kunt u aangeven of er een mogelijkheid is de contracten tussentijds op te zeggen of bestellingen te annuleren en welke kosten daarmee gemoeid zijn, uitgesplitst naar jaartal, contract en bestelling?

Het is in beginsel mogelijk de aanschaf van het tweede testtoestel te annuleren. Welke kosten daarmee gemoeid zouden zijn, is afhankelijk van het resultaat van de in dat geval noodzakelijke besprekingen met de Amerikaanse overheid die dit op haar beurt met Lockheed Martin en Pratt & Whitney zal moeten bespreken, en van de vraag of een andere koper kan worden gevonden.

5

Is u bekend welke verplichtingen de partnerlanden inmiddels zijn aangegaan? Kunt u deze verplichtingen per afzonderlijk partnerland aangeven?

Naast de Nederlandse verplichtingen voor twee testtoestellen zijn de Verenigde Staten verplichtingen aangegaan voor de volledige financiering van 58 toestellen en het Verenigd Koninkrijk voor drie toestellen. Daarnaast zijn de Verenigde Staten verplichtingen aangegaan voor de aanschaf van onderdelen met een lange levertijd voor toestellen in de productieserie LRIP-5. Verder zijn de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk net als Nederland verplichtingen aangegaan voor het MoU voor de operationele testfase. Alle partnerlanden zijn voorts verplichtingen aangegaan voor de deelneming aan de ontwikkelingsfase (SDD) en de PSFD-fase van het F-35 programma.

6

Kunt u verklaren waarom de Defensiekrant meent dat de brief op 6 mei verzonden zou zijn? Waarom krijgt deze mededeling in de Defensiekrant van u de kwalificatie «ten onrechte» mee? In hoeverre is het onmogelijk dat een brief getekend op 29 april pas op 6 mei verzonden is?

De brief is op 29 april 2011 getekend en door Defensie elektronisch verzonden. Het JSF Program Office heeft getekend voor ontvangst. In het persbericht van Defensie van maandag 2 mei staat correct vermeld dat de brief «afgelopen vrijdag» was verzonden. Toen de Defensiekrant van 12 mei verscheen was de bewoording «afgelopen vrijdag» achterhaald, wat helaas bij het ter perse gaan niet is opgemerkt.

14 en 15

Kunt u aangeven hoe het bedrag dat is gegeven in lopende prijzen zich verhoudt tot de eerdere aangegeven systematiek van «target» en «ceiling» prijzen? Bestaan die afspraken nog?

Eerder konden de «ceiling price» en de «target price» van de motor niet worden gegeven. Wat zijn die nu geworden, of is er in het gesloten contract sprake van een andere opzet?

Het bedrag in lopende prijzen betreft de richtprijs (target price) waarvoor Nederland verplichtingen is aangegaan. De afspraken over de systematiek van de richtprijs (target price) en de plafondprijs (ceiling price) maken deel uit van de contracten met Lockheed Martin en Pratt & Whitney. De richtprijs van de motor bedraagt $ 14 995 231 en de plafondprijs is vastgesteld op $ 16 136 539 (lopende prijzen). De Kamer is op 20 mei jl. openbaar geïnformeerd over de plafondprijs van het tweede testtoestel inclusief motor (Kamerstuk 31 300, nr. 23).


X Noot
1

Samenstelling:

Leden: Beek, W.I.I. van (VVD), voorzitter, Bommel, H. van (SP), Staaij, C.G. van der (SGP), Timmermans, F.C.G.M. (PvdA), Eijsink, A.M.C. (PvdA), Miltenburg, A. van (VVD), Knops, R.W. (CDA), Jacobi, L. (PvdA), Brinkman, H. (PVV), Voordewind, J.S. (CU), Broeke, J.H. ten (VVD), Dijk, J.J. van (SP), Thieme, M.L. (PvdD), Rouwe, S. de (CDA), ondervoorzitter, Berndsen, M.A. (D66), Kortenoeven, W.R.F. (PVV), Monasch, J.S. (PvdA), Bosman, A. (VVD), El Fassed, A. (GL), Hernandez, M.M. (PVV), Hachchi, W. (D66), Grashoff, H.J. (GL) en Holtackers, M.P.M. (CDA).

Plv. Leden: Taverne, J. (VVD), Raak, A.A.G.M. van (SP), Dijkgraaf, E. (SGP), Smeets, P.E. (PvdA), Wolbert, A.G. (PvdA), Dijkhoff, K.H.D.M. (VVD), Ferrier, K.G. (CDA), Samsom, D.M. (PvdA), Helder, L.M.J.S. (PVV), Wiegman-van Meppelen Scheppink, E.E. (CU), Vacature VVD, Irrgang, E. (SP), Ouwehand, E. (PvdD), Ormel, H.J. (CDA), Schouw, A.G. (D66), Bontes, L. (PVV), Heijnen, P.M.M. (PvdA), Hennis-Plasschaert, J.A. (VVD), Peters, M. (GL), Roon, R. de (PVV), Pechtold, A. (D66), Braakhuis, B.A.M. (GL) en Haverkamp, M.C. (CDA).