26 485
Maatschappelijk verantwoord ondernemen

nr. 78
MOTIE VAN HET LID ANKER C.S.

Voorgesteld 17 december 2009

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende, dat het kabinet in zijn reactie op de motie-Voordewind c.s.

(31 263, nr. 16) en de motie-Ortega-Martijn c.s. (31 700, nr. 38) een belangrijke stap zet in het stellen van sociale eisen aan overheidssteun;

overwegende, dat het kabinet in eerste instantie eisen stelt aan het financieel buitenlandinstrumentarium en dat de motie-Voordewind c.s. en de motie-Ortega-Martijn c.s. zich richten op alle vormen van overheidssteun;

van mening, dat de overheid zich in aansluiting op het duurzaam inkoopbeleid op termijn ook zou moeten richten op naleving van basale mensenrechten en milieubescherming als voorwaarden voor overheidssteun;

van mening, dat bedrijven enige tijd moet worden gegund om in hun productieketen naleving van arbeidsrechten, mensenrechten en milieunormen te implementeren;

van mening, dat per geval moet worden bekeken in hoeverre de toeleveringsketen te beïnvloeden is en dat daarbij mede de criteria frequentie, intensiteit en kenbaarheid tot uitgangspunt genomen moeten worden;

verzoekt de regering:

– een plan van aanpak te presenteren met een tijdpad waarin wordt aangegeven wanneer bij andere vormen van overheidssteun uitsluiting van kinder- en dwangarbeid wordt geëist van bedrijven, inclusief van ondernemingen waar de Nederlandse Staat in deelneemt;

– op termijn te eisen van bedrijven die overheidssteun ontvangen dat zij hun beleid en de naleving hiervan met betrekking tot alle fundamentele arbeidsnormen en, in aansluiting op het duurzaam inkoopbeleid, mensenrechten en internationale milieunormen openbaar maken, tenzij het bedrijf is aangesloten bij een erkend multistakeholder-keteninitiatief;

– hierbij, indien mogelijk, verder te kijken dan de eerste wezenlijke toeleverancier,

en gaat over tot de orde van de dag.

Anker

Ortega-Martijn

Kalma

Gesthuizen

Vendrik

Naar boven