Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 19 maart 2014
Met deze brief voldoe ik aan mijn toezegging om uw Kamer voor het algemeen overleg
SUWI van 20 maart 2014 te informeren over de toepassing van scholing in de WW door
UWV.
Met ingang van 1 januari 2012 heeft UWV geen re-integratiebudget WW meer ter beschikking.
Dit betekent dat UWV geen scholingen meer inkoopt voor mensen met een WW-uitkering.
Er kan echter nog wel scholing gevolgd worden door WW-gerechtigden met behoud van
WW-uitkering. De werkzoekende of een (potentiële) werkgever financiert dan deze scholing.
Bij de vraag of scholing gevolgd kan worden tijdens de WW-uitkering moet onderscheid
gemaakt worden tussen scholing in algemene zin, en scholing die door UWV noodzakelijk
wordt geacht.
Een WW-gerechtigde kan te allen tijde scholing volgen zolang deze scholing de beschikbaarheid
voor de arbeidsmarkt niet in de weg staat. Het volgen van scholing betekent niet dat
de WW-gerechtigde gedurende de uren dat hij scholing volgt als niet beschikbaar wordt
beschouwd. Het beschikbaar zijn voor de arbeidsmarkt betekent dat de WW-gerechtigde
tijdens de scholingsperiode aan alle WW-verplichtingen moet blijven voldoen. Hierbij
valt te denken aan voldoende solliciteren en passend werk accepteren. Dit betekent
ook dat als een WW-gerechtigde scholing volgt en deze scholing het accepteren van
passend werk in de weg staat, van de WW-gerechtigde verlangd wordt de scholing te
beëindigen. In deze situatie gaat werkhervatting voor op het volgen van een scholing,
onder het motto «de kortste weg naar werk».
Dit is slechts anders als de scholing door UWV als noodzakelijk beoordeeld wordt.
In dat geval heeft de WW-gerechtigde de scholing nodig om een plek op de arbeidsmarkt
te kunnen bemachtigen. Als een WW-gerechtigde noodzakelijke scholing volgt, wordt
hij vrijgesteld van de re-integratieverplichtingen. Dat wil zeggen dat hij zich niet
beschikbaar hoeft te houden voor de arbeidsmarkt gedurende de scholingsduur en vrijgesteld
is van sollicitatieplicht. Of scholing noodzakelijk wordt geacht, beoordeelt UWV aan
de hand van de beleidsregels Protocol Scholing 2014 en aan de hand van het scholingsbeleid
UWV. Op basis hiervan beoordeelt UWV scholing noodzakelijk als:
-
– voor de betreffende WW-gerechtigde de arbeidsmarktrelevantie van de scholing wordt
aangetoond. Dit is het geval als er een intentie van een werkgever is afgegeven om
de WW-gerechtigde na afronding van de scholing in dienst te nemen, of als aangetoond
kan worden dat de scholing opleidt tot een beroep of functie waarvoor voldoende vacatures
beschikbaar zijn.
-
– de scholing bestaat uit het systematisch verwerven van kennis dan wel vaardigheden
en niet in overwegende mate bestaat uit activiteiten die productief werk als doel
hebben.
-
– het bij voorkeur gaat om scholing van maximaal 3 maanden. In uitzonderlijke gevallen
is een langere doorlooptijd mogelijk, maar maximaal één jaar.
Op verzoek van uw Kamer heb ik in samenspraak met UWV de mogelijkheden voor het volgen
van een noodzakelijke scholing ten behoeve van tekortsectoren verruimd. De verruiming
van scholing met behoud van WW-uitkering voor tekortsectoren is gekoppeld aan de sectorplannen.
Er is dus geen sprake van een categorale verruiming van scholing met behoud van uitkering.
De scholing moet in het kader van een goedgekeurd sectorplan plaatsvinden, waarbij
de kosten worden gedekt binnen het sectorplan. UWV en SZW hebben in onderling overleg
de voorwaarden uitgewerkt. Verzoeken om scholing met behoud van uitkering in het kader
van een goedgekeurd sectorplan zal UWV toetsen aan onderstaand beoordelingskader.
Wordt aan onderstaande voorwaarden voldaan dan wordt de scholing noodzakelijk geacht.
-
– Opleidingen (in het kader van een sectorplan) leiden tot een door de branche en/of
sector erkend diploma of certificaat.
-
– Scholing voor WW-er wordt gefinancierd uit sectorplan.
-
– De scholing duurt maximaal 12 maanden.
-
– Er sprake is van een baangarantie voor minimaal 6 maanden, of minimaal voor de duur
van de scholing als de scholing langer dan 6 maanden duurt.
-
– De baan start uiterlijk op de eerste dag van de kalendermaand volgend op einddatum
scholing.
Wanneer blijkt dat een WW-gerechtigde zich door het volgen van scholing niet beschikbaar
stelt voor de arbeidsmarkt heeft dit, tenzij het noodzakelijke scholing betreft, consequenties
voor de WW-uitkering. Het volgen van bijvoorbeeld een (niet noodzakelijke) avondcursus
hoeft geen consequenties voor de WW-uitkering te hebben zolang de WW-gerechtigde zich
maar beschikbaar stelt voor de arbeidsmarkt en blijft voldoen aan de WW-verplichtingen.
Besluiten van UWV in deze zijn vatbaar voor bezwaar en beroep.
Ik heb UWV gevraagd om intern de regels met betrekking tot het volgen van scholing
tijdens de WW extra onder de aandacht te brengen.
De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,
L.F. Asscher