26 227
Organisatie EK2000

nr. 29
BRIEF VAN DE MINISTER VAN BINNENLANDSE ZAKEN EN KONINKRIJKSRELATIES

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 15 mei 2000

Tijdens het vorig algemeen overleg met Uw Kamer op 30 maart jl. over de voortgang van de voorbereidingen op het EK2000 zegde ik u een nieuwe voortgangsrapportage toe in de loop van de maand mei. Hierbij doe ik U, mede namens de Ministers van Justitie en van Verkeer en Waterstaat en de staatssecretarissen van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en van Economische Zaken, deze rapportage toekomen. Daarin is tevens opgenomen een reactie van het kabinet op het advies van de commissie-Alders naar aanleiding van de 2e audit van het Crisis Onderzoeksteam (COT), dat ondergetekende onlangs ontving. Deze 2e audit en het advies doe ik u bijgaand toekomen (bijlage 1 en 2).1

Zoals de commissie-Alders ook aangeeft ligt de voorbereiding nog steeds goed op schema, maar dringt tegelijkertijd de tijd nu echt om de laatste slag te maken van beleid naar operationalisering. Veel instructie- en trainingsbijeenkomsten, alsmede diverse oefeningen vinden de laatste maand voor het toernooi plaats.

Ik heb er, minder dan een maand voor de start van toernooi, vertrouwen in dat Nederland straks klaar is voor het grootste toernooi dat ons land ooit heeft gekend. Dat Nederland zich samen met België als goede gastheer zal presenteren. Dat het EK2000 inderdaad dat veilige en feestelijke evenement wordt dat ons steeds voor ogen heeft gestaan.

Niettemin ben ik me er terdege van bewust dat op het gebied van de openbare orde en veiligheid geen risico's kunnen worden uitgesloten. Het beleid is gericht op risicobeheersing; incidenten zijn niet te voorkomen, doch slechts te beheersen door een goede preparatie.

In deze brief informeer ik u achtereenvolgens over:

1. standpunt inzake de 2e rapportage van het COT;

2. de stand van zaken met betrekking tot de bestuurlijke ophouding;

3. de stand van zaken van het toelatings- en uitzettingsbeleid;

4. de aanpak van het OM;

5. het alcohol- en drugsbeleid;

6. de bezoeken aan de deelnemende landen;

7. rampenbestrijding en geneeskundige hulpverlening;

8. het beleid inzake goed gastheerschap;

9. het mobiliteitsbeleid;

10. het beleid inzake Holland Promotie;

11. communicatie.

1. Standpunt inzake de 2e rapportage van het COT

Onlangs heeft de Begeleidingscommissie Audit EK2000 (de commissie-Alders) mij de door het Crisis Onderzoek Team Universiteit Leiden (COT) uitgebrachte 2e audit aangeboden. Met instemming heb ik kennisgenomen van het advies van de commissie-Alders, waarin wordt gesteld dat de EK-voorbereidingen, op zowel lokaal als nationaal niveau, over het algemeen op schema liggen. De commissie wijst er overigens terecht op dat, hoewel de in de eerste audit weergegeven kanttekeningen serieus ter harte zijn genomen, nog een aantal dossiers in de maand mei 2000 zal moeten worden geïmplementeerd.

Ik ben van mening dat de maand mei, in het kader van de EK-voorbereiding, als operationele oogstmaand moet worden gezien. Veel dossiers zullen in de loop van deze maand definitief worden afgerond, zoals specifieke opleidingen, instructies aan personeel, nadere informatieverstrekking aan burgemeesters en de (internationale) operationele informatievergaring over de bezoekers. Dit laatste zal vooral zijn beslag krijgen na de feitelijke uitlevering van de tickets deze maand, waardoor meer gedetailleerde gegevens over het reis- en verblijfgedrag van de EK-bezoekers beschikbaar zullen komen.

De door de commissie geuite bezorgdheid over de door het COT geconstateerde verschillen (tussen met name de speelsteden) op het terrein van het beleid inzake de te hanteren uitgangspunten en tolerantiegrenzen, het bejegeningsprofiel en de perimeters rond de stadions deel ik niet. De speelsteden hanteren namelijk het met elkaar in de Bestuurlijke Regiegroep EK2000 (BRG) afgesproken «overheidskader beleidsuitgangspunten en tolerantiegrenzen EK2000» als het algemene beleidskader EK2000. Dit kader is vervolgens aan de hand van de specifieke lokale omstandigheden op het niveau van de speelstad nader verfijnd (lokaal maatwerk), waardoor tussen de speelsteden op een aantal punten verschillen kunnen optreden. Zo leent de Amsterdam Arena zich minder goed voor het plaatsen van een extra perimeter. Volstrekte eenheid in beleid zou de openbare orde en veiligheidsaanpak eerder bemoeilijken dan versterken.

Gelet op het feit dat in de maand mei 2000 een aantal dossiers pas definitief zullen worden afgerond acht ik de suggestie van de commissie-Alders nuttig om eind mei via een quick scan een laatste toets te houden op een vijftal door de commissie genoemde punten, nl:

• de operationele maatregelen ten aanzien van de «nieuwe bevoegdheden»;

• de vaststelling en bekendmaking van de beleidsuitgangspunten en tolerantiegrenzen, inclusief het bejegeningsprofiel, de operationele plannen, de opleidingen en de oefeningen;

• de uitwerking en doorvoering van het ticketbeleid en de inspanningen tegen de zwarte handel;

• de activiteiten met betrekking tot vervoer en verblijf en

• de operationalisering van de informatiepositie van de politie en de operationalisering van de organisatie rond crises, calamiteiten en woordvoering.

Evenals de commissie-Alders ben ik van mening dat door de quick scan de werkzaamheden van de betrokken organisaties zo weinig mogelijk mogen worden «gehinderd». Het spreekt vanzelf dat ik de resultaten van de quick scan na ontvangst aan Uw Kamer zal aanbieden.

Hieronder zal in deze brief nog worden ingegaan op een aantal specifieke thema's uit de Audit.

2. Bestuurlijke ophouding

Zoals door mij bij de mondelinge behandeling van het wetsvoorstel bestuurlijke ophouding in de Eerste Kamer nog eens is betoogd, wordt sinds januari overleg gevoerd met vertegenwoordigers van gemeenten, politie, openbaar ministerie en rechtbanken uit de speelsteden. Tijdens deze bijeenkomsten wordt informatie uitgewisseld over de toepassingsmogelijkheden van de nieuwe bevoegdheid en de activiteiten die ter voorbereiding op de inzet ervan dienen te worden ontplooid. Ook de VNG, die terzake in april een ledenbrief aan alle gemeenten heeft verzonden, is bij deze bijeenkomsten vertegenwoordigd.

Daarnaast zijn zes regionale informatiebijeenkomsten over bestuurlijke ophouding gehouden, georganiseerd door BZK in samenwerking met de VNG. Deze bijeenkomsten, waar vertegenwoordigers van alle gemeenten, politiekorpsen, parketten van het openbaar ministerie en rechtbanken – dus ook buiten het kader van het EK2000 aanwezig waren – zijn goed bezocht. Daarnaast zal binnenkort een omvangrijke handleiding over bestuurlijke ophouding aan alle gemeenten, politiekorpsen, parketten en rechtbanken worden gezonden. Deze handleiding is ook opgenomen in het handboek EK2000, dat alle voor het lokaal bevoegd gezag van belang zijnde informatie over het toernooi bevat. De wetbestuurlijke ophouding, die 3 mei jl. in werking is getreden, geeft naar mijn oordeel helder weer wanneer – onder strikte voorwaarden – toepassing kan worden gegeven aan dit nieuwe instrument. In zoverre worden de kritische opmerkingen in het COT-rapport op dit punt (Samenvattende bevindingen, onder 3. Bevoegdheden) door mij dan ook niet gedeeld. De opmerking dat buiten de speelsteden nauwelijks voorbereidingen in dit kader zouden worden getroffen, behoeft nuancering, hetgeen ook blijkt uit de aandacht voor gemeentegrensoverschrijdende bestuurlijke ophouding bij de speelsteden; een onderwerp dat in de bovengenoemde bijeenkomsten expliciet aan de orde kwam en uiteraard ook in de eerdergenoemde handleiding aandacht krijgt. Ik wijs er hier nog eens met nadruk op dat bestuurlijke ophouding gezien moet worden als een bestuurlijk ultimum remedium bij grootschalige verstoringen van de openbare orde, met zijn eigen unieke mogelijkheden, doch ook met zijn beperkingen. Het is daarbij van belang voor ogen te houden dat het instrument in zijn toepassing onverhoopt ook tijdens het EK2000 zeker van betekenis kan zijn, doch dat wetgever, bestuur en andere betrokkenen ook hier dienen te blijven beseffen dat – zeker waar het een nieuw en ingrijpend middel betreft – feitelijke ervaring en tijdsverloop belangrijke factoren zijn bij het volledig ingebed raken van dit middel bij de handhaving van de openbare orde.

3. Stand van zaken toelatings- en uitzettingsbeleid

Zoals toegezegd bij brief van 28 februari is de Tweede Kamer bij brief van 24 maart jl. uitvoerig geïnformeerd over de uitgangspunten van het vreemdelingenbeleid ten tijde van het EK2000. Uw Kamer is met deze beleidsuitgangspunten akkoord gegaan.

In deze brief zijn de voorwaarden voor toelating tot Nederland en de criteria voor uitzetting uit Nederland tijdens het EK2000 nader toegelicht. In die toelichting is aangegeven dat de Europese regelgeving zich verzet tegen het onmiddellijk verwijderen van EU-onderdanen na het begaan van lichte strafbare feiten. Om die reden is gekozen voor een ondergrens voor uitzetting van EU-onderdanen, zijnde een veroordeling voor een strafbaar feit met een strafbedreiging van 4 jaar of meer. Dit houdt in dat een EU-onderdaan, die voor een feit met een dergelijke strafbedreiging tot bijvoorbeeld een geldboete wordt veroordeeld wel uit Nederland verwijderd kan worden. Over deze criteria heeft gedurende het gehele traject van beleidsvorming overleg plaatsgevonden tussen het departement, IND, Kmar en de regionale vreemdelingendiensten. Het is mij bekend dat sommigen in het veld meer mogelijkheden zouden willen hebben om tot onmiddellijke verwijdering van EU-onderdanen over te gaan, maar zoals eerder aangegeven, biedt de Europese regelgeving deze ruimte niet.

De beleidsuitgangspunten zijn formeel verwoord in een Tussentijds Bericht Vreemdelingencirculaire, dat in de tweede week van mei is ondertekend door de Staatssecretaris van Justitie en nu verspreid wordt onder de betrokkenen (bijlage 3).1

Ten behoeve van een vertaalslag van theoretische uitgangspunten naar operationele acties is gelijktijdig met de het formuleren van de beleidsuitgangspunten onder verantwoordelijkheid van IND, een matrix ontwikkeld door en voor de regionale vreemdelingendiensten, die reeds in april 2000 is verspreid.

In het kader van de tijdelijke (her)invoering binnengrenscontroles (art. 2 lid 2 SUO) is door de Koninklijke Marechaussee een draaiboek ontwikkeld, waarin de feitelijke aanpak van de grensbewaking langs de grens met Duitsland, op de luchthavens en langs de Noordzeekust is beschreven. Iedere Kmar-ambtenaar die ten tijde van het EK is belast met de grensbewaking volgt hiervoor een speciale opleiding.

4. De aanpak van het OM

Het Openbaar Ministerie is, zoals het Crisis Onderzoek Team ook vaststelt, op koers in de voorbereidingen voor het EK2000. Er zijn definitieve afspraken gemaakt over cellencapaciteit, (snelrecht)zittingen, vervoer van gedetineerden en de afhandeling van arrestanten, zowel voor wat betreft de politie als voor het parket en over de tenuitvoerlegging van straffen ten tijde van het EK. Specifiek ten behoeve van het EK2000 wordt de OM-richtlijn strafvordering voetbalvandalisme en- geweld aangescherpt, waarmee de standaardeisen voor een voetbal-gerelateerd delict met minimaal 25% worden verhoogd.

Medio mei zullen de gewijzigde artikelen 141 Wetboek van Strafrecht en 540 Wetboek van Strafvordering in werking zijn getreden. Vanuit het OM is een aantal bijeenkomsten georganiseerd voor leden van de zittende en staande magistratuur, met ondersteuning vanuit het departement, waarin de wijzigingen van artikel 540 Strafvordering nader zijn toegelicht.

5. Alcohol en drugsbeleid

Zoals aangegeven in de vorige voortgangsrapportage is er met de speelsteden overeenstemming bereikt over de te hanteren aanpak inzake het alcohol- en drugsbeleid. Ik moge u hierbij verwijzen naar mijn brief aan Uw Kamer van 13 april jl. inzake het alcohol- en drugsbeleid tijdens het EK2000 (BZK 00–043).

6. De bezoeken aan de deelnemende landen

Met Turkije sloten mijn Belgische collega Duquesne en ondergetekende, op 19 april jl. de bezoekenreeks aan de deelnemende landen af. In vrijwel alle landen zijn goede afspraken gemaakt over onder meer politiebegeleiding en informatie-uitwisseling. Ieder land zal een afgestemd aantal spotters meesturen en zal voorzien in een liaison in het BPIC. Tijdens ieder bezoek vond er een persconferentie plaats, met grote belangstelling van de media uit betreffend land. Met de slogan «fans only» hebben we de Belgisch/Nederlandse boodschap dat we er een feest van maken en geen enkele verstoring zal worden geaccepteerd, goed kunnen uitdragen. Met de regeringsvertegenwoordigers is vruchtbaar overleg gevoerd. Daarbij was zonder uitzondering sprake van een grote betrokkenheid en gedegen voorbereiding in de deelnemende landen. Uiteraard had ieder land zijn specifieke punten, zoals visumafhandeling in Roemenië en Joegoslavië of de transit van Tsjechische supporters door Duitsland. Het recente trieste voorval in Istanbul, waarbij twee slachtoffers vielen, stond uiteraard hoog op de agenda tijdens het bezoek aan Turkije. De «rondreis» is stellig zinvol geweest en heeft bijgedragen aan het wederzijds inzicht in de EK voorbereiding. Bovendien hebben de organiserende landen het belang kunnen onderstrepen van een feestelijk en veilig EK2000.

7. Rampenbestrijding en geneeskundige hulpverlening

Het in de brief van 28 februari jongstleden aangekondigde onderzoek met betrekking tot de ongevallen- en incidentenscenario's EK2000 door het Nederlands Instituut voor Brandweer en Rampenbestrijding (NIBRA) is inmiddels afgerond. De op basis daarvan opgestelde «leidraad ongevallenbestrijding tijdens EURO2000» is vorige maand in definitieve vorm verschenen en aan alle belanghebbenden toegezonden.

Inmiddels heeft Uw Kamer ook de beantwoording bereikt van de kamervragen inzake de (ambulance)zorg tijdens Euro2000. Daarin is aangegeven hoe het gesteld is met de verdeling van de formele verantwoordelijkheden. Tevens is gemeld dat de door de vier GHOR-besturen in de speelsteden de extra kosten van de noodzakelijke medische voorzieningen in beeld gebracht worden. Ten tijde van het verschijnen van deze brief zijn de opgaven van Eindhoven en Rotterdam inmiddels ontvangen.

Door het kabinet zal aan de hand van de ontvangen opgaven bezien worden of en zo ja, in hoeverre, financieel kan worden bijgedragen.

8. Gastheerschap

Supportersbegeleiding

Zoals aangegeven in de brief aan uw Kamer d.d. 28-2-2000, hecht ik zeer aan een adequate supportersbegeleiding, zowel vanuit de optiek van veiligheid als van service-verlening. De staatssecretaris van VWS heeft in een notitie «Supportersbegeleiding EK 2000» de taken, verantwoordelijkheden en bevoegdheden van de verschillende functionarissen (stewards, fan-coördinatoren en politiefunctionarissen/spotters), met instemming van de Bestuurlijke Regie Groep, geëxpliciteerd. Ook de aansturing van en samenwerking tussen betrokken functionarissen is in deze notitie weergegeven.

Hierbij zij aangetekend dat supportersbegeleiding door middel van de inzet voor fan-coördinatoren en de opzet van fan-ambassades in de speelsteden in zekere zin een experimenteel karakter heeft. Het zijn relatief nieuwe vormen van begeleiding, die het waard zijn om in de zetten met het oog op het gewenste evenwicht tussen een veilig en feestelijk EK 2000. Uw Kamer (motie Rijpstra) alsmede de Parlementaire Assemblee van de Raad van Europa hebben eveneens een dergelijke begeleiding bepleit. De in het advies van de commissie-Alders uitgesproken twijfel over de feitelijke effectiviteit van functionarissen, belast met begeleidingstaken van supporters, dient naar mijn opvatting dan ook in het perspectief van het pilot-karakter van deze vorm van begeleiding te worden geplaatst.

Inmiddels zijn de teams van fan-coördinatoren geformeerd, is hen een ervaren professionele Nederlandse supportersbegeleider (loods) toegewezen en zijn met België afspraken gemaakt over de ondersteuning van de fan-coördinatoren vanuit een centraal steunpunt in zowel België als Nederland. Voorts zijn vaste contactpunten bij het lokale gezag beschikbaar voor de fan-coördinatie.

Een trainings- en instructiebijeenkomst t.b.v. de fan-coördinatoren is begin juni voorzien, op basis van een gezamenlijke organisatie door België en Nederland.

De realisatie van fan-ambassades in de speelsteden ligt op schema. Hoewel de speelsteden zoveel mogelijk lokaal maatwerk zullen leveren in de ambassades, wordt in onderling overleg ook uniformiteit nagestreefd, in ieder geval qua herkenbaarheid.

Verblijfsvoorzieningen

In opdracht van het ministerie van VWS heeft het bureau Ernst & Young diverse analyses gemaakt over het mogelijke verblijfsgedrag van supporters. Hoofdconclusie van deze analyses is dat er in Nederland over het geheel genomen voldoende verblijfsaccommodaties beschikbaar zijn. Incidenteel zullen zich wel problemen kunnen voordoen. In het Pinksterweekeinde (vooral aan de kust) en in Amsterdam gedurende het gehele toernooi wordt extra drukte verwacht. In een aantal speelsteden wordt hiermee rekening gehouden in het beleid. Met behulp van het mobiliteitsbeleid (gratis openbaar vervoer op wedstrijddagen voor tickethouders) wordt het overigens eenvoudiger voor supporters om ook buiten de speelsteden onderdak te zoeken.

In opdracht van het Nederlands Bureau voor Toerisme wordt in mei een onderzoek uitgevoerd gericht op een tweetal aspecten. Ten eerste zal worden bezien hoe het staat met de beschikbaarheid van verblijfsaccommodaties gedurende het EK 2000 en ten tweede er zal worden gepoogd inzicht te verschaffen in waar, welke supporters zullen verblijven.

Spreiding zorgt ervoor dat iedereen onderdak kan krijgen en dat maximaal invulling kan worden gegeven aan het gastheerschap, waarvoor onderdak een eerste voorwaarde is. De maatregelen die zijn genomen om spreiding en daarmee de match van vraag en aanbod te bevorderen, zijn de volgende:

• afstemming vraag en aanbod: Website NBT

Inmiddels zijn door het NBT aan de aanbodkant van de website 145 boekingscentrales benaderd, waarvan er inmiddels 50 deelnemen.

• communicatie naar uitbaters

Om het aanbod van verblijfsvoorzieningen ten behoeve van het EK te maximaliseren zijn door zowel het NBT, de regionale VVV's en de speelsteden de uitbaters van verblijfsvoorzieningen zo goed mogelijk geïnformeerd over de gang van zaken tijdens het EK. Doel hiervan is om eventuele twijfels over veiligheid weg te nemen. De leden van de RECRON zijn tevens door het NBT hierover aangeschreven. Via de landelijke pers wordt bekendheid aan de site gegeven.

• communicatie naar bezoekers

De fan-ambassades die in de speelsteden worden ingericht, zullen ook gebruikt worden om informatie over verblijfsvoorzieningen te verstrekken. Verder is de website een belangrijk medium voor informatieverschaffing en zijn de NBT-vestigingen in het buitenland bezig met het verspreiden van informatie. In alle informatieverschaffing aan bezoekers zal waar mogelijk en waar nodig informatie over verblijfsvoorzieningen worden opgenomen. Doel van het informeren van bezoekers is duidelijk te maken dat het goed mogelijk is om buiten de speelsteden onderdak te binden en dat de speelsteden goed bereikbaar zijn.

• noodmaatregelen speelsteden

De speelsteden hebben aangegeven dat onderdak primair een eigen verantwoordelijkheid van de supporter is, maar dat in ieder geval noodvoorzieningen, indien nodig, in werking kunnen treden.

Overigens zij hier nog eens aangetekend dat over concrete gegevens inzake de exacte verblijfslocaties en de duur van het verblijf pas vlak voor en tijdens het toernooi echte duidelijkheid zal bestaan. Dit heeft mede als oorzaak de beslissing de kaartverkoop te individualiseren en per persoon maximaal twee kaarten toe te wijzen. Hierdoor is informatie uit georganiseerde groepsreizen niet beschikbaar. Verder is het de verwachting dat een groot deel van de supporters pas de reis boekt wanneer het kaartje ontvangen is. Dat zal in de loop van mei gebeuren.

Evenementen en overige gastheerschapzaken

De subsidie aan de vier speelsteden inzake de toegezegde 1 miljoen gulden per speelstad als bijdrage in de kosten voor het organiseren van allerlei evenementen en andere aspecten ten behoeve van het realiseren van goed gastheerschap is inmiddels toegekend. Ook de bijdrage van het Ministerie van OC&W van 100 000 gulden per speelstad ter ondersteuning van culturele evenementen is gerealiseerd.

Het scholenproject «Welkom» over de invulling van goed gastheerschap heeft een grote respons onder de basisscholen opgeleverd. Ruim 2000 scholen hebben tot nu toe in Nederland en België het lespakket opgevraagd. Op maandag 15 mei zal de staatssecretaris van VWS officieel de eerste les bijwonen op een school in Eindhoven.

Ook het wijkstraatvoetbaltoernooi is inmiddels in diverse steden van start gegaan.

De werving van vrijwilligers is afgerond en door de Stichting Euro 2000 en de speelsteden worden de geselecteerden thans opgeleid.

9. Mobiliteitsbeleid

Wegonderhoud

Het werken aan de weg tijdens het EK2000 is, dankzij een tijdige voorbereiding, beperkt tot een viertal locaties, die niet op de aanrijroutes van de speelsteden liggen. Het betreft de A6 bij Almere, de A17 bij Zevenbergen, de A28 bij Lichtmis en de A50 bij Heteren. Deze werkzaamheden zijn onvermijdelijk. Vermijdbaar onderhouds- of aanlegwerk is vervroegd of uitgesteld. De A17 is onderdeel van het cross-border management Rotterdam-Antwerpen, waarbij A16 en A17 als alternatieve routes voor elkaar aangegeven kunnen worden op basis van verkeersinformatie van het Nederlandse en het Belgische TIC. Op de A15 en A16 vindt geen wegonderhoud plaats, maar liggen er – i.v.m. werk langs de weg – slingers in de weg waardoor de maximum snelheid uit verkeersveiligheidsoverwegingen 70 km/h is. Er is echter geen reductie van het aantal rijstroken. In overleg met de gemeente Amsterdam wordt gekeken welke maatregelen er nodig zijn om overlast van het tijdens het EK in onderhoud nemen van IJtunnel en Overtoom te beperken.

Verkeersbegeleiding

De voorbereidingen van de pilot met het dynamische route informatiesysteem voor evenementen bewegwijzering voor de speelstad Rotterdam verlopen voorspoedig. Medio april worden deze langs de weg geplaatst en op 21 mei volledig getest tijdens de finale van de Amstelcup in de Kuip.

De bewegwijzeringplannen rond de overige speelsteden Amsterdam, Eindhoven en Arnhem zijn opgeleverd. De bebording is besteld en wordt vanaf medio mei geplaatst. De betrokken gemeenten en provincies hebben in overleg met Rijkswaterstaat parkeer-op-afstand-locaties aangewezen. In het algemeen moet voor parkeren betaald worden. Vanaf die parkeerplaatsen rijden gratis shuttlebussen naar de stadions. In de bewegwijzering is een deel van het logo van EURO2000 verwerkt. Supportersscheiding kan – indien de lokale wegbeheerder dat gewenst acht – op het onderliggend wegennet geschieden.

Dit voorjaar heeft Rijkswaterstaat een tweetal overleggen georganiseerd met alle betrokkenen, ook uit België, om de risico's bij de wegmobiliteit tijdens het EK2000 in kaart te brengen. Op grond daarvan kan gesteld worden dat de risico's voor wegmobiliteit geïnventariseerd zijn en de verantwoordelijkheden en contactpersonen bekend en beschikbaar zijn. De daartoe (eventueel) te nemen maatregelen zijn bekend, beschikbaar en voorbereid. Een aantal calamiteitenplannen moet nog lokaal worden uitgewerkt op basis van de deze maand gereed komende cijfers over vervoersmodaliteit (hoeveel mensen komen er per auto, trein etc.).

In overleg tussen Rijkswaterstaat, Koninklijke Marechaussee en de Duitse Bundesgrensschutz worden verkeersmaatregelen voorbereid om bij de grens tussen Nederland en Duitsland tijdelijk extra verkeersmaatregelen in te stellen en Schengen hier tijdelijk buiten werking te kunnen stellen ten einde Duitse supporters met verkeerde bedoelingen (hooligans) te kunnen tegenhouden.

Openbaar Vervoer

Het openbaar vervoer is gratis voor supporters op vertoon van een geldige toegangskaart voor een wedstrijd in Nederland. Het gratis openbaar vervoer geldt voor heel Nederland op de dag van de wedstrijd. Ook het openbaar vervoer van de parkeerterreinen naar de stadions is gratis. Gratis openbaar vervoer voorkomt logistieke problemen bij de te verwachten massale vervoerstromen en draagt sterk bij aan de sociale veiligheid in het openbaar vervoer. Tevens kan gratis openbaar vervoer een positieve bijdrage leveren aan een verschuiving van de modal split ten gunste van het openbaar vervoer. In verband met dat gratis openbaar vervoer sluit de Minister van Verkeer en Waterstaat een contract met NS Reizigers voor het vervoer per trein en maakt de Minister van Verkeer en Waterstaat afspraken met de decentrale overheden en vervoerders voor het interlokaal «streekvervoer» en voor het lokaal openbaar vervoer.

De totale kosten van het gratis openbaar vervoer bedragen circa f 11 miljoen.

Zoals bekend zal in België een ander vervoersregiem gelden, nl. op wedstrijddagen een algemene korting op het openbaar vervoer voor iedereen.

In de begin deze maand verschenen supportersbrochure wordt expliciet melding gemaakt van het vervoersregiem in beide landen. Door middel van een intensief contact tussen trein en stads- en streekvervoer wordt getracht de supportersstroom zo goed mogelijk af te handelen. De coördinatie zal onder meer plaatsvinden door een speciaal voor het EK2000 ingesteld landelijk coördinatiecentrum (LCC) van NS Reizigers, dat zorg draagt voor afstemming met luchthavens en met het stads- en streekvervoer, door het Verkeersmanagement Centrum Nederland (VMC-NL), in samenwerking met de regionale verkeerscentrales van Rijkswaterstaat en de KLPD en door het departementaal coördinatiecentrum V&W.

Luchtvervoer

Zoals in onze voorgaande brieven gemeld, is het uitgangspunt dat vluchten van en naar Nederlandse luchthavens in verband met het EK2000 beschouwd worden als normale vluchten in het handelsverkeer die binnen de vigerende regelgeving ten aanzien van slotallocatie en nachtelijke gebruiksbeperkingen op de luchthavens moeten worden afgehandeld. Uitsluitend indien burgemeesters dit noodzakelijk achten om redenen van openbare orde en veiligheid zal ten aanzien van eventuele (extra) vluchten in de nacht een uitzondering worden gemaakt voor de luchthavens Schiphol en Eindhoven.

Ten aanzien van Schiphol liggen thans nog geen concrete verzoeken voor.

Ten aanzien van de luchthaven Eindhoven is inmiddels een verzoek van de burgemeester van Eindhoven ontvangen om de openingstijden van de luchthaven – om redenen van openbare orde en veiligheid, gedurende de dagen dat wedstrijden in Eindhoven worden gespeeld – te verruimen en ook nachtelijk vliegverkeer mogelijk te maken. De Staatssecretaris van Defensie en de Minister van Verkeer en Waterstaat bereiden hiertoe een ontheffing voor.

Tot voor kort heeft de luchthaven Eindhoven aangegeven vluchten in verband met het EK2000 binnen de maximaal toegestane aantallen te kunnen accommoderen. Recentelijk is de luchthaven Eindhoven echter – als gevolg van een door een gebruiker van de luchthaven aangespannen gerechtelijke procedure – door de rechter gecorrigeerd met betrekking tot de wijze waarop het jaarlijks beschikbare aantal vliegbewegingen op de luchthaven wordt verdeeld. De luchthaven heeft daarom besloten de beschikbare capaciteit overeenkomstig de internationaal erkende regels van slotcoördinatie te laten verdelen. Dit betekent volgens de luchthaven Eindhoven dat binnen de systematiek van slotallocatie vluchten in verband met het EK2000 niet geaccommodeerd kunnen worden. De burgemeester van Eindhoven, die het onder meer om redenen van openbare orde en veiligheid noodzakelijk vindt dat de luchthaven gedurende het EK2000 ook voor vluchten met supporters gebruikt kan worden, heeft de Staatssecretaris van Defensie en de Minister van Verkeer en Waterstaat verzocht te bezien of hiervoor een oplossing is te vinden. Om te voorkomen dat er onbeheersbare vervoersstromen ontstaan tussen andere luchthavens en Eindhoven, met alle risico's van dien met betrekking tot de openbare orde en veiligheid, is het Kabinet voornemens het aantal toegestane vliegbewegingen op de luchthaven Eindhoven éénmalig en uitsluitend ten behoeve van vluchten in verband met het EK2000, met het daarvoor noodzakelijke aantal te verhogen.

De luchthaven Maastricht is op grond van het vigerende aanwijzingsbesluit tussen 23.00 en 06.00 uur gesloten, met dien verstande dat tussen 23.00 en 24.00 uur onder stringente voorwaarden nog wel vluchten worden toegelaten. Er is op grond van het bovenstaande dan ook geen vastgestelde geluidszone voor de nacht zoals die wel voor Schiphol is vastgesteld. Door de luchthaven Maastricht is een aantal verzoeken voor nachtvluchten ontvangen. In het kader van het gevoerde beleid met betrekking tot het EK2000, het milieubelang en het belang van omwonenden, zullen de aanvragen voor nachtopenstelling van de luchthaven Maastricht niet door de Minister van Verkeer en Waterstaat worden gehonoreerd.

Er bestaat ook op dit moment nog geen zekerheid over de omvang van de verwachte vervoersstromen via Nederlandse luchthavens. Om een zo optimaal mogelijk gebruik van de beschikbare capaciteit op de Nederlandse luchthavens te waarborgen, blijft de in onze voorgaande brieven vermelde afstemming met luchthavens van belang.

10. Holland Promotie

De activiteiten op het gebied van de Holland promotie liggen op koers. Een paar voorbeelden worden hierna kort aangehaald. Op 30 maart is de film «The warming up», gemaakt in opdracht van het Nederlands Bureau voor Toerisme en het ministerie van Buitenlandse Zaken, in première gegaan. De film is via de ambassades beschikbaar gesteld aan buitenlandse televisiestations en zal in diverse landen worden uitgezonden. De buitenlandse vestigingen van het NBT hebben persreizen naar Nederland georganiseerd die in het teken stonden van het EK2000. Daarnaast zijn activiteiten ontplooid gericht op de reisindustrie en de consumenten.

Inmiddels is het eerste deel van het onderzoek naar de kosten en baten van EURO2000 gepubliceerd. Het betreft een meer nauwkeurige raming van de te verwachten kosten en baten. De belangrijkste resultaten:

• Het bestedingseffect van EURO2000 wordt geraamd op f 270 miljoen;

• In de speelsteden wordt de extra impuls geraamd op f 100 miljoen. Deze binnenlandse bestedingen gaan echter ten koste van bestedingen elders in Nederland en mogen derhalve op nationaal niveau niet worden meegeteld.

De uiteindelijke resultaten van het onderzoek, welke worden verwacht in het najaar van dit jaar, kunnen hoger of lager uitvallen. Met name het toernooiverloop maar ook allerlei toeristische effecten zijn hierop van invloed.

De conclusie van het COT dat de verwachtingen rond de Holland promotie niet geheel bewaarheid worden wordt door mij niet gedeeld. Van meet af aan is duidelijk gesteld dat het toernooi zich in beginsel zelf verkoopt. Ook is gesteld dat, indien alles goed verloopt, het evenement een positieve bijdrage levert aan het Holland imago. De doelstelling van de Holland promotionele activiteiten van onder meer het NBT zijn reeds eerder duidelijk gecommuniceerd. In eerste aanleg wordt gepoogd bezoekers van wedstrijden ook te interesseren voor andere attracties die ons land te bieden heeft en zo naar huis te laten gaan als «ambassadeurs» van ons land. Daarnaast wordt beoogd om herhalingsbezoek aan ons land te bevorderen. Er is, gelet op het toch al te verwachten grote aantal bezoekers, bewust voor gekozen om geen grootschalige campagne in het buitenland te voeren. Dit is mede ingegeven vanwege de eventuele aanzuigende werking van dergelijke campagnes op supporters zonder tickets, hetgeen haaks kan staan op het ticketbeleid.

11. Communicatie

De gemeenschappelijke publiekscampagne van de Belgische en Nederlandse Overheid, Fans Only, is in aanwezigheid van de premier van Nederland en de Eerste Minister van België op 26 april van start gegaan. De campagne bestaat in Nederland, naast tv-spotjes, uit radiospotjes en een advertentiecampagne. Ook is een speciale website gecreëerd, die bereikbaar is via www.postbus51.nl.

Het is de bedoeling dat één van de tv-spotjes ook wordt uitgezonden in de deelnemende landen. Voor elk land is in de eigen taal een spotje ontwikkeld. Onder andere met behulp van de Belgische en Nederlandse ambassades in de deelnemende landen zal geprobeerd worden om dit filmpje daar uitgezonden te krijgen. Ook is aan de voetbalbonden gevraagd een link te leggen met de Fans-Only website en is hen gevraagd het tv-spotje onder de aandacht te brengen van hun mediacontacten.

Zoals bekend loopt er vanaf maart een onderzoek onder de Nederlandse bevolking naar de publieke opinie rond EK2000. De aanvankelijke tweewekelijkse frequentie is inmiddels verhoogd naar een wekelijkse frequentie. Uit die onderzoeken blijkt in algemene zin dat de Nederlandse bevolking vertrouwen heeft in de aanpak van de overheid, maar wel rekening houdt met supportersrellen gedurende het toernooi.

Het symposium met de voorlichtingsfunctionarissen van de overheden en relevante diensten en organisaties uit de speelsteden en andere gebieden die met het EK te maken krijgen, heeft inmiddels plaatsgevonden. De bijeenkomst was een succes. Er zijn afspraken gemaakt over de afstemming en het vasthouden van het publieke vertrouwen in de aanpak van het EK.

Op de rol staat nog een persreis, die samen met de Belgische overheid georganiseerd zal worden voor media uit de deelnemende landen. Naar alle waarschijnlijkheid zal die persreis eind deze maand plaatsvinden. Ook wordt de laatste hand gelegd aan duidelijke afstemming omtrent de voorlichting vanuit de overheid gedurende de drie weken van het toernooi. Daartoe is een rapport samengesteld met betrekking tot eventuele crisiscommunicatie. Met dit rapport als basis worden op korte termijn afspraken gemaakt met speelsteden en andere betrokkenen om de voorlichting gedurende het toernooi zo nauwgezet mogelijk op elkaar af te stemmen.

Zoals uit vorenstaande moge blijken, wordt voortvarend door een groot aantal betrokkenen gewerkt aan de voorbereidingen op het EK2000 en wordt alles in het werk gesteld om de voorwaarden te creëren voor een daadwerkelijk veilig en feestelijk toernooi. Zoals ik Uw Kamer eerder aangaf mag daaruit, gelet op de omvang en de impact van het toernooi, niet afgeleid worden dat zich geen (openbare orde) problemen zullen kunnen voordoen.

De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,

K. G. de Vries


XNoot
1

Ter inzage gelegd bij de afdeling Parlementaire Documentatie.

XNoot
1

Ter inzage gelegd bij de afdeling Parlementaire Documentatie.

Naar boven