26 108
Aanpassing van de Nederlandse wetgeving aan richtlijn 96/9/EG van het Europees Parlement en de Raad van 11 maart 1996 betreffende de rechtsbescherming van databanken

nr. 8
AMENDEMENT VAN DE LEDEN SCHELTEMA-DE NIE EN WAGENAAR

Ontvangen 17 maart 1999

De ondergetekenden stellen het volgende amendement voor:

In artikel I wordt artikel 5 als volgt gewijzigd:

I

Voor de tekst van het artikel wordt de aanduiding «1» geplaatst.

II

De punt aan het slot van onderdeel c wordt vervangen door een puntkomma.

III

Toegevoegd wordt een nieuw onderdeel d, luidende:

d. opvragen met het doel de inhoud van de databank voor verval te behoeden dan wel de inhoud raadpleegbaar te houden als de technische middelen waarmee die toegankelijk kan worden gemaakt in onbruik raken.

IV

Toegevoegd wordt een nieuw tweede lid, luidende:

2. De in het eerste lid, onderdeel d, bedoelde bevoegdheid komt slechts toe aan in het algemeen belang werkzame instellingen en mag slechts worden uitgeoefend voor zover dit noodzakelijk is voor het te bereiken doel.

Toelichting

Publicaties zoals (audio-)visuele producties, boeken, prenten en archiefstukken zijn aan verval onderhevig. Vaak is het overzetten op een andere drager de enige mogelijkheid om de inhoud ervan te bewaren. Dit kopiëren kan in beginsel verboden worden op basis van onder meer de databankenwet.

Bij elektronische publicaties doet zich daarbij nog het probleem voor dat de publicatie fysiek nog in goede staat kan zijn, maar dat raadpleging niet meer mogelijk dreigt te worden om dat daarvoor noodzakelijke programmatuur niet meer beschikbaar is of zal komen. Het raadpleegbaar houden noodzaakt dan tot conversie naar een meer contemporain «format».

Het behoud van het culturele, artistieke en publieke erfgoed is van groot maatschappelijk belang en mag niet afhankelijk worden gemaakt van het al dan niet tot stand komen van vrijwillig gesloten overeenkomsten.

Teneinde dit belang te beschermen en het belang van rechthebbende niet verder aan te tasten dan voor dit doel nodig wordt de bevoegdheid slechts gegeven aan in het algemeen belang werkzame instellingen zoals bibliotheken, archieven en musea.

Scheltema-de Nie

Wagenaar

Naar boven