Kamerstuk
| Datum publicatie | Organisatie | Vergaderjaar | Dossier- en ondernummer |
|---|---|---|---|
| Tweede Kamer der Staten-Generaal | 2016-2017 | 25883 nr. 296 |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Vergaderjaar | Dossier- en ondernummer |
|---|---|---|---|
| Tweede Kamer der Staten-Generaal | 2016-2017 | 25883 nr. 296 |
Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 7 juli 2017
Hierbij bericht ik u, mede namens de Minister van Buitenlandse Zaken, hoe ik uitvoering heb gegeven aan de gewijzigde motie van de leden Hijink en Ouwehand, ter vervanging van die gedrukt onder nr. 291.
In de motie wordt de regering verzocht om «...alles in het werk te stellen om de sociale en arbeidsrechtelijke geschillen bij het EOB door de rechterlijke macht in de gastlanden te laten beslechten zonder dat dit gevolgen heeft voor de overige immuniteiten van het EOB».
Voor de uitvoering van deze motie is van belang het Protocol inzake privileges en immuniteiten van de Europese Octrooiorganisatie (EOO). Krachtens artikel 3 van dit protocol geniet de organisatie in het kader van de uitvoering van haar officiële werkzaamheden immuniteit van rechtsmacht en executie. Deze immuniteit ziet ook op sociale en arbeidsrechtelijke geschillen, zoals door de Hoge Raad in 2015 is bevestigd.
Om te bewerkstelligen dat de Nederlandse rechter rechtsmacht toekomt in arbeidsrechtelijke geschillen zou wijziging, of opzegging, van het Protocol nodig zijn. Het Protocol maakt integrerend onderdeel uit van het Europees octrooiverdrag (EOV; artikel 164). Dit betekent dat de procedures inzake wijziging en opzegging van het EOV ook van toepassing zijn op het Protocol.
Nederland kan in theorie het EOV eenzijdig opzeggen (artikel 174), maar kan de opzegging niet beperken tot het Protocol, dat integrerend onderdeel uitmaakt van het EOV. Voor een Staat die het verdrag opzegt, wordt de opzegging van kracht een jaar na de datum van ontvangst van deze mededeling door de depositaris (Duitsland).
De voorwaarden voor herziening (wijziging) van het EOV en bijbehorende protocollen zijn neergelegd in artikel 172 van het EOV. Nederland kan niet eenzijdig het Protocol wijzigen. Herziening van het EOV en zijn protocollen kan alleen plaatsvinden door middel van de in het EOV vastgelegde procedure, namelijk een Conferentie van Verdragsluitende Partijen. Een voorgestelde wijziging is pas aangenomen indien drie vierde van de Verdragsluitende Staten die vertegenwoordigd zijn tijdens de Conferentie, en die een stem uitbrengen, ermee ingestemd heeft. Daarna moet de wijziging door een door Conferentie vastgesteld aantal Staten worden bekrachtigd (geratificeerd) alvorens deze in werking kan treden op de door de Conferentie vastgestelde datum.
Om na te gaan of er steun bestaat om sociale en arbeidsrechtelijke geschillen bij het EOB door de rechterlijke macht in de gastlanden te laten beslechten, zonder dat dit gevolgen heeft voor de overige immuniteiten van de EOO, heeft de Nederlandse delegatie in de Raad van Bestuur van de EOO hier expliciet aandacht aan besteed en de andere lidstaten van de EOO gevraagd om een reactie. Het beeld dat daaruit naar voren komt is dat voor een dergelijke wijziging geen enkele steun valt te verwachten.
De conclusie uit het voorafgaande is dat het niet realistisch is te veronderstellen dat het juridisch kader zodanig kan worden gewijzigd dat beoordeling van sociale en arbeidsrechtelijke geschillen bij de EOO door de Nederlandse rechter mogelijk kan worden gemaakt. Daarmee zijn de mogelijkheden om verder uitvoering te geven aan de motie uitgeput.
Overigens merk ik op dat de immuniteiten die aan de Europese Octrooiorganisatie zijn verleend niet ongebruikelijk zijn en niet afwijken van de internationale verplichtingen die Nederland ten aanzien van een groot aantal internationale organisaties is aangegaan.
Het respecteren van internationaalrechtelijke verplichtingen en het waarborgen van immuniteit van de Internationale Organisaties (IO’s) die in Nederland zijn gevestigd, is van fundamenteel belang voor het internationale prestige van Nederland als gastland en voor het vestigingsklimaat voor Internationale Organisaties. De regering hecht eraan dat de internationale verplichtingen, waaronder het Verdrag inzake de verlening van Europese octrooien, het Protocol inzake voorrechten en immuniteiten van de EOO en de Zetelovereenkomst die tussen het Gastland en het Europees Octrooibureau (EOB) is afgesloten, worden nagekomen. Als aan deze waarborgen zou worden getornd zou dit schadelijk zijn voor het imago van Nederland als betrouwbaar gastland. In dit verband wijs ik erop dat de in Nederland gevestigde Internationale Organisaties de behandeling van de cassatiezaak van het EOB in de Hoge Raad nauwlettend hebben gevolgd vanwege de grote gevolgen die de uitspraak voor hen zou hebben.
De regering hecht sterk aan het behouden van een goed vestigingsklimaat voor internationale organisaties in Nederland en draagt daar actief aan bij met een evenwichtig pakket aan voorwaarden en faciliteiten, dat zo nodig ook in rechte wordt verdedigd.
De conclusie uit het voorafgaande is dat het beperken van de aan de EOO verleende immuniteit haalbaar noch wenselijk is. Er is geen reëel vooruitzicht dat voor een dergelijke inperking voldoende steun kan worden gevonden bij andere landen. Daarnaast zou een dergelijke beweging een nadelig effect hebben op het Nederlandse vestigingsklimaat, de rechtszekerheid van internationale organisaties en daarmee op de Nederlandse economie.
Het voorafgaande neemt niet weg dat de regering hecht aan het waarborgen van goede arbeidsomstandigheden voor werknemers in binnen- en buitenland. Op de EOO rust de verplichting tot naleving van de internationale en nationale wet- en regelgeving, voor zover van toepassing op de EOO. Wet- en regelgeving omtrent arbeidsomstandigheden en de tenuitvoerlegging daarvan vormen daarop geen uitzondering.
De inzet van de regering blijft er daarom onverminderd op gericht om daadwerkelijke en structurele verbeteringen binnen het kader van de organisatie zelf. Het gaat er immers om dat de situatie binnen de organisatie zelf wordt verbeterd. In dit kader is van belang dat de Raad van Bestuur in zijn vergadering van 28/29 juni heeft ingestemd met een pakket wijzigingen in de interne personeelsreglementen waarmee meer juridische waarborgen voor het personeel worden geëffectueerd. Hoewel wat Nederland betreft verdergaande stappen wenselijk waren geweest, kunnen deze wijzigingen toch worden gezien al een welkome eerste stap in een proces van verdere verbeteringen van de sociale situatie.
Tot slot maak ik van de gelegenheid gebruik om te melden dat in zijn vergadering de Raad van Bestuur heeft besloten om de procedure voor de verkiezing van de nieuwe EOB-president te starten. Dat moet ertoe leiden dat per 1 juli 2018, wanneer het mandaat van de huidige president eindigt, een nieuwe president kan aantreden.
Ook heeft de Raad van Bestuur tot mijn tevredenheid besloten tot wijziging van het uitvoeringsreglement bij het EOV waardoor nu wordt vastgelegd dat producten van essentieel biologische processen niet octrooieerbaar zijn. Daarmee wordt uitvoering gegeven aan een in 2016 gepubliceerde interpretatieve verklaring van de Europese Commissie over de werking van de biotechrichtlijn. Ik ben blij dat met deze wijziging ook een van de speerpunten van het Nederlands EU-voorzitterschap in 2016 wordt gerealiseerd.
De Staatssecretaris van Economische Zaken, M.H.P. van Dam
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kst-25883-296.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.