25 874
Ongeval Transavia-toestel

nr. 4
BRIEF VAN DE MINISTER VAN VERKEER EN WATERSTAAT

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

's-Gravenhage, 21 mei 1999

Op 2 juni 1999 staat een algemeen overleg met de Tweede Kamer gepland betreffende het Transavia-ongeval dat plaatsvond op 24 december 1997. Bij eerdere gelegenheden is besloten om het overleg niet te doen plaatsvinden aangezien het rapport van de Raad voor de Luchtvaart nog niet beschikbaar was. Ik heb u dit medegedeeld per brief van 29 september 1998 en 15 januari 1999.

In tegenstelling tot de brief van 29 september 1998 waarin ik, op indicatie van de Raad van de Luchtvaart, aangaf dat het rapport naar alle waarschijnlijkheid in december 1998 beschikbaar zou zijn, heb ik in januari 1999, wederom op indicatie van de Raad voor de Luchtvaart aangegeven dat de verwachting was dat het nog enige maanden zou duren voordat het onderzoek zou zijn afgerond. Ik heb u toen toegezegd dat ik u mededeling zou doen van ontvangst van het rapport van de Raad van de Luchtvaart.

Inmiddels heb ik wederom de Raad van de Luchtvaart geraadpleegd en aan mij is gemeld dat het eindrapport zeker niet voor augustus 1999 te verwachten is. Dit vanwege formele handelingen die nog moeten worden uitgevoerd met betrekking tot ter inzagelegging aan direct betrokkenen en de verwerking van eventuele aanvullingen.

Zodra ik het rapport van de Raad voor de Luchtvaart betreffende het ongeval heb ontvangen zal ik u hierover informeren.

De Minister van Verkeer en Waterstaat,

T. Netelenbos

Naar boven