Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 20 januari 2015
Vanaf 1 januari jl. is het systeem van trekkingsrechten ingevoerd voor het persoonsgebonden
budget (pgb) onder de Wlz, Wmo 2015 en Jeugdwet. Een budgethouder ontvangt geen voorschot
meer op eigen rekening maar kan zijn of haar declaraties indienen bij de Sociale Verzekeringsbank
(SVB), die het pgb voor de budgethouder beheert. Met deze veranderingen verschuift
ook de controle op de bestedingen naar de voorkant van het proces, zodat budgethouder
vooraf zekerheid heeft over zijn bestedingen. Dit kan terugbetalingen achteraf voorkomen.
Het trekkingsrecht is een onderdeel van de aanpak op het pgb om tot een solide en
fraudebestendig pgb te komen. Dit instrument is daarom verankerd in de Wmo, de Jeugdwet
en de Wlz. Met de komst van het trekkingsrecht wordt een belangrijke stap gezet om
het oneigenlijk gebruik van zorggeld en georganiseerde fraude met het pgb tegen te
gaan. Het trekkingsrecht is een grote operatie waarbij zorgkantoren, gemeenten en
budgethouders toegang gegeven wordt tot een digitale omgeving, waarin zij het pgb
kunnen monitoren respectievelijk beheren. De komende tijd zullen de mogelijkheden
voor het opsporen van pgb fraude via het trekkingsrecht worden doorontwikkeld. Fraudedetectie
door het trekkingsrechten systeem kan verder verbeteren als het systeem is gevuld
en er gedeclareerd wordt.
De pgb-houders zijn gevraagd hun zorgovereenkomsten in te sturen voor registratie
en een inhoudelijke controle (door gemeente of zorgkantoor) alsmede een arbeidsrechtelijke
controle (door de SVB) voorafgaand aan het budgetjaar 2015. Dit is een majeure operatie
waarbij ongeveer 220.000 zorgovereenkomsten in het trekkingsrechtsysteem ingevoerd
worden. Ik heb u 22 december 20141 door een brief geïnformeerd over de invoering van het trekkingsrecht en de mogelijkheden
die zijn ingebouwd bij de invoering om de continuïteit van zorg voor de budgethouders
te kunnen garanderen. Zo was afgesproken dat zorgovereenkomsten die niet op tijd goedgekeurd
kunnen worden, door de SVB ambtshalve geaccordeerd zullen worden, zodat tijdige betaling
mogelijk is.
Om als budgethouder de zorgverlener te kunnen laten betalen, is voor nieuwe budgethouders
in 2015 een goedgekeurde zorgovereenkomst nodig, een toekenningsbericht voor een pgb
en een juist ingevulde declaratie.
Met ZN, SVB en VNG heb ik besloten dat de reeds in 2014 voorbereide maatregelen ter
continuering van de zorg in werking zullen treden. De SVB zal op verzoek van de deelnemers
aan het bestuurlijk overleg overgaan tot het ambtshalve goedkeuren van de nog niet
getoetste zorgovereenkomsten zodat de SVB de declaraties op deze overeenkomsten tijdig
kan uitbetalen.
Daarnaast is afgesproken dat ook toekenningsberichten in het systeem van de SVB zullen
worden ingevoerd in die gevallen waarin die berichten nog niet zijn ingezonden of
verwerkt. In dit voorlopige toekenningsbericht is onder meer de hoogte van het pgb
en het betreffende wettelijke kader vastgelegd. Dit betekent dat de betreffende cliënten
een voorlopig budget toegekend krijgen voor een periode van 3 maanden. De SVB heeft
laten weten dat dit inmiddels voor alle budgethouders gerealiseerd is. De SVB kan
op deze manier declaraties uitbetalen ten laste van dit budget. Deze maatregelen leiden
tot continuering van de zorg omdat de zorgverleners uitbetaald kunnen worden. Daarnaast
krijgen de uitvoerende partijen en de budgethouders extra tijd om de controles af
te ronden en ontbrekende informatie aan te vullen. De ambitie om ook voor de bestaande
groep pgb-houders alles getoetst te hebben verschuift in tijd, maar blijft bestaan.
De controles op op de ingediende zorgovereenkomsten gaan door en het invoeren van
de correcte toekenningsberichten ook.
Deze maatregelen maken het mogelijk dat de SVB op 27 januari aanstaande de hulpverleners
betaalt die met hun budgethouder een vast maandbedrag zijn overeengekomen. Daarnaast
kunnen budgethouders vanaf begin februari de declaraties over januari indienen. Het
streven is dat die binnen 5 werkdagen na ontvangst worden uitbetaald.
Wat betreft de communicatie naar budgethouders geldt dat zij van de SVB een brief
zullen ontvangen wanneer hun zorgovereenkomst ambtshalve is goedgekeurd en dat er
op grond daarvan kan worden uitbetaald. Ook is op de websites van de SVB, Per Saldo
en de VNG informatie geplaatst over het ambtshalve goedkeuren van zorgovereenkomsten
en de inzet van voorlopige toekenningsberichten, waardoor tijdige uitbetaling mogelijk
is.
De SVB kan tevens binnen het Zvw-pgb de werkgeverstaken voor de budgethouder uitvoeren.
Dit gebeurt niet via het systeem van trekkingsrechten maar op basis van aparte afspraken.
De nieuwe werkwijze rondom het uitvoeren van de werkgeverstaken binnen het Zvw-pgb
is een grote operatie voor betrokken partijen en wijkt af van de werkwijze van eerdere
jaren. Na overleg met de SVB is gebleken dat de SVB de betaling van het Zvw-pgb aan
zorgverleners met wie de budgethouder een vast maandloon is overeengekomen, op 27/1
kan uitvoeren.
De Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, M.J. van Rijn