25 533
Regels inzake de telecommunicatie (Telecommunicatiewet)

nr. 32
AMENDEMENT VAN DE LEDEN ROETHOF EN H. G. J. KAMP

Ontvangen 19 maart 1998

De ondergetekenden stellen het volgende amendement voor:

Artikel 1.1, onderdeel u, komt te luiden:

u. nummeridentificatie:

1°. faciliteit om het nummer van het oproepende netwerkaansluitpunt dan wel een nummer waarmee een individuele gebruiker kan worden geïdentificeerd aan het opgeroepen netwerkaansluitpunt te verstrekken, voordat de verbinding tot stand wordt gebracht;

2°. faciliteit om het nummer van het opgeroepen netwerkaansluitpunt dan wel het nummer waarmee een individuele gebruiker kan worden geïdentificeerd aan het oproepende netwerkaansluitpunt te verstrekken, voordat de verbinding tot stand wordt gebracht;.

Toelichting

Met dit amendement wordt beoogd om de doorgifte van nummers bij nummeridentificatie niet uitsluitend te beperken tot nummers die dienen tot identificatie van netwerkaansluitpunten, maar ook tot nummers die dienen tot identificatie van gebruikers. Nu al is immers een ontwikkeling zichtbaar, waarbij eenzelfde gebruiker van steeds wisselende netwerkaansluitpunten bereikbaar is, zoals bij «personal-numberdiensten» of «universal personal telecommunicationsdienstverlening», waarmee al wordt geëxperimenteerd.

Roethof

H. G. J. Kamp

Naar boven