25 499
Wijziging van de begroting van de uitgaven en de ontvangsten van het Gemeentefonds voor het jaar 1996 (Slotwet)

nr. 2
MEMORIE VAN TOELICHTING

1. Algemeen deel

In aansluiting op de tweede suppletore begroting 1996 van het Gemeentefonds (Wet van 30 januari 1997, Stb. 108) wordt door middel van het onderhavige wetsvoorstel voorgesteld de begroting van de uitgaven van het Gemeentefonds voor het jaar 1996 te verlagen met f 145 000 en te brengen op f 18 319 345 000. De genoemde wijziging komt overeen met het bedrag dat ter zake genoemd is in de Voorlopige Rekening 1996 (kamerstukken II 1996/97, 25 245, nr. 1, blz. 27).

In aansluiting op de genoemde tweede suppletore begroting wordt door middel van het onderhavige wetsvoorstel voorgesteld de begroting van de ontvangsten van het Gemeentefonds over het jaar 1996 te verhogen met f 801 559 000 en te brengen op f 20 249 683 000. Deze verhoging wordt veroorzaakt door enerzijds het opnemen van het batig saldo van 1995, het vorig dienstjaar, ad. f 186 570 000 en anderzijds een vermeerdering van het aandeel in de belastingontvangsten ad. f 614 989 000.

2. Artikelgewijze toelichting op de Slotwet

2.1. Uitgaven/verplichtingen (wetsartikelen 1 en 3)

De begrotingsartikelen met betrekking tot de uitgaven/verplichtingen worden in het onderstaande toegelicht.

Artikel 01.03: Kosten onderzoek verdeelmaatstaven

Het in de rekening opgenomen bedrag komt f 42 000 hoger uit dan in de tweede suppletore begroting werd geraamd. Het bedrag voor de kosten onderzoek verdeelmaatstaven komt hiermee op f 1 942 000.

Artikel 01.04: Kosten Waarderingskamer

Het in de rekening opgenomen bedrag komt f 29 000 lager uit dan in de eerste suppletore begroting werd geraamd. Als gevolg hiervan wordt de algemene uitkering van het Gemeentefonds voor 1996 met f 29 000 verhoogd.

Artikel 02.01: Algemene uitkering met inbegrip van de netto-uitkering over vorige jaren

A. Uitgaven

Ten opzichte van de tweede suppletore begroting 1996 zijn de uitgaven met f 106 000 neerwaarts bijgesteld, voornamelijk als gevolg van een wijziging in het betalingsverloop van de algemene uitkering.

In tabel 1 worden de uitgaven over vorige jaren die ten laste respectievelijk ten gunste van de begroting 1996 komen gespecificeerd.

Tabel 1: Algemene uitkering met inbegrip van de netto-uitkering over vorige jaren (bedragen in miljoenen guldens)

Verplichtingen    Uitgaven in de kalenderjaren
 1996 1996t/m 199519961996 1996ná 1996
 (raming bij tweede wijziging 1996) bij/af(huidige raming) (raming bij eerste wijziging 1996)(raming bij tweede wijziging 1996) bij/af(realisatie) 
1985 t/m 1994136 600,4136 600,4136 595,84,64,60,14,7
199517 656,117 656,117 637,918,218,2– 8,79,58,7
199617 962,80,717 963,5 18 132,317 927,38,517 935,827,7
Totaal172 219,30,7172 220,0154 233,718 155,117 950,1– 0,117 950,036,4

De nog openstaande verplichtingen voor de algemene uitkering van het Gemeentefonds bedragen ultimo 1996 f 36 420 000. Deze komen ook tot uitdrukking in de saldibalans van het Gemeentefonds, die is opgenomen in de financiële verantwoording van het Gemeentefonds voor het jaar 1996.

B. Verplichtingen

Het verplichtingenbedrag 1996 voor de algemene uitkering bedraagt volgens de tweede suppletore begroting 1996 f 17 962 800 000. Wij stellen voor dit bedrag met f 705 000 te verhogen. Deze verhoging is het gevolg van:

a. een overboeking naar het gemeentefonds in verband met een onderuitputting op de begroting van Binnenlandse Zaken bij het artikel Wachtgelden gemeentelijke herindeling met f 500 000;

b. een ophoging van de algemene uitkering als gevolg van een terugontvangst van de Waarderingskamer ad. f 124 000 (zie toelichting op ontvangstenartikel 01.04);

c. een ophoging van de algemene uitkering als spiegelbeeld van de neerwaartse bijstelling van de integratie-uitkering WUW-middelen met f 52 000 (zie toelichting op uitgavenartikel 03.02);

d. een ophoging van de algemene uitkering als spiegelbeeld van de neerwaartse bijstelling van de kosten Waarderingskamer met f 29 000 (zie toelichting op uitgavenartikel 01.04).

Als gevolg van deze mutaties stijgt het verplichtingenbedrag met betrekking tot de algemene uitkering over 1996 tot f 17 963 505 000.

Artikel 03.02: Integratie-uitkering WUW-middelen

De integratie-uitkering WUW-middelen is in de tweede suppletore begroting 1996 geraamd op f 169 500 000. Thans wordt dit bedrag met f 52 000 neerwaarts bijgesteld ten gunste van de algemene uitkering.

2.2 Ontvangsten (wetsartikel 2)

Artikel 01.01: Terugontvangsten wegens te veel betaalde voorschotten aan de Vereniging van Nederlandse Gemeenten

Abusievelijk zijn de terugontvangsten van de Waarderingskamer bij de tweede suppletore begroting 1996 geboekt op artikel 01.01 «Terugontvangsten wegens te veel betaalde voorschotten aan de Vereniging van Nederlandse Gemeenten». Deze mutatie wordt gecorrigeerd en dit artikel wordt met f 124 000 neerwaarts bijgesteld. In 1996 zijn er geen terugontvangsten van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten geweest.

Artikel 01.04: Terugontvangsten Waarderingskamer

In 1996 heeft de afrekening plaatsgevonden van de kosten die in 1995 door de Waarderingskamer zijn gemaakt. Als gevolg hiervan is het ontvangstenartikel «Terugontvangsten Waarderingskamer» met f 124 000 opwaarts bijgesteld. Tevens is de algemene uitkering met dit bedrag opgehoogd.

Artikel 02: Aandeel van het Gemeentefonds in de belastingontvangsten

Het Gemeentefonds ontvangt in het uitkeringsjaar 1996 12,89% van de totale opbrengst van de in artikel 4 van de Financiële-Verhoudingswet 1984 opgesomde belastingen. De opbrengst van de belastingen waarin het Gemeentefonds deelt, is hoger dan werd verwacht bij de tweede suppletore begroting 1996. Derhalve worden de belastingopbrengsten opwaarts bijgesteld met f 614 989 000 en gebracht op f 20 062 989 000.

De Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken,

A. G. M. van de Vondervoort

De Minister van Financiën,

G. Zalm

De Staatssecretaris van Financiën,

W. A. F. G. Vermeend

Naar boven