Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2020-202125295 nr. 552

25 295 Infectieziektenbestrijding

Nr. 552 MOTIE VAN DE LEDEN DIJKHOFF EN KLAVER

Voorgesteld 22 september 2020

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat de huidige test- en labcapaciteit ontoereikend is en dat er onzekerheden zijn over hoe de testvraag zich ontwikkelt;

overwegende dat het zowel voor de bestrijding van de infectie-uitbraak als vanuit maatschappelijk en economisch verkeer noodzakelijk is om de testcapaciteit op te blijven schalen;

overwegende dat vernieuwende testmethoden minder invasief zijn voor mensen, dat sneltesten al in andere Europese landen worden ingezet en dat sneltesten met name voor laagrisicogroepen een goede aanvulling bieden op het huidige testbeleid;

overwegende dat in uitbraaksituaties een sneltest de mogelijkheid biedt om mensen die worden blootgesteld aan het virus herhaaldelijk te testen om verdere verspreiding efficiënter te voorkomen;

overwegende dat Nederland als een van de weinige landen inzet op nationale validatie van de sneltest boven op internationale validatie, waardoor implementatie ernstige vertraging oploopt;

van mening dat gezien de grote internationale concurrentie bij het kopen van sneltesten voortvarendheid vereist is;

verzoekt de regering om op zeer korte termijn op grote schaal sneltesten in te kopen om de testcapaciteit snel te laten toenemen;

verzoekt de regering tevens duidelijkheid te geven over de wijze van inzet van de sneltesten binnen het testbeleid,

en gaat over tot de orde van de dag.

Dijkhoff

Klaver