Kamerstuk

Datum publicatieOrganisatieVergaderjaarDossier- en ondernummer
Tweede Kamer der Staten-Generaal2019-202025295 nr. 504

25 295 Infectieziektenbestrijding

Nr. 504 BRIEF VAN DE MINISTER VAN VOLKSGEZONDHEID, WELZIJN EN SPORT

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 18 augustus 2020

Ook deze week blijft er sprake van een zorgelijke ontwikkeling rond het aantal besmettingen. De afgelopen week testten ongeveer 4.000 mensen positief. Er zijn relatief veel besmettingshaarden op (familie)feestjes en vriendenbijeenkomsten. Tevens is sprake van een stijgend aantal besmettingen op het werk. We zien dat mensen zich onvoldoende aan de basisregels houden en niet altijd meewerken aan maatregelen, zoals de quarantaine of het bekendmaken van contacten. Dit vraagt om regionale maatregelen waar dat kan, ondersteund met landelijke maatregelen om de trend van een toenemend aantal besmettingen te keren.

Met deze brief informeer ik u, mede namens de Minister van Justitie en Veiligheid, over de adviezen die het Outbreak Management Team op 12 en 17 augustus jl. heeft uitgebracht, de landelijke en regionale maatregelen die worden genomen en kom ik op een aantal toezeggingen uit het debat met uw Kamer van 12 augustus jl. (Handelingen II 2019/20, nr. 93, debat over de ontwikkelingen rondom het coronavirus) terug.

OMT-advies 12 augustus jl.

Het OMT heeft op 12 augustus jl. geadviseerd over het verkorten van de duur van de quarantaine en het testen van mensen zonder symptomen. U vindt dit advies bijgevoegd bij deze brief1. Op 13 augustus jl. heeft over dit advies een Bestuurlijk Afstemmingsoverleg (BAO) plaatsgevonden. Met deze brief informeer ik u hier nader over en over de opvolging van dit advies.

Adviesaanvraag

Het OMT heeft eerder geadviseerd te kijken naar mogelijkheden om specifieke risicogroepen zonder klachten te testen.2 Ik heb het OMT gevraagd mij te adviseren over de specifieke termijn waarop dit nuttig is en wat dit kan betekenen voor het eventueel verkorten van de quarantaineperiode voor degenen die gebruik maken van de CoronaMelder en voor reizigers die terugkeren uit een gebied met een verhoogd risico. Daarbij heb ik niet alleen aandacht gevraagd voor het verkorten van de quarantaineperiode, maar ook het nut van twee keer testen. Tot slot, heb ik verzocht om mij te adviseren vanaf welk moment testen bij nauwe contacten uit het bron-en contactonderzoek zonder klachten voldoende toegevoegde waarde heeft en over de invloed die dit kan hebben op het verlagen van de R waarde.

Essentie OMT-advies

Ten aanzien van quarantaine

  • Het OMT adviseert de quarantaineduur te bekorten van 14 dagen tot 10 dagen na laatste potentiële blootstelling aan een COVID-19-indexgeval.

  • Bij het bekorten van de quarantaine tot 10 dagen of na beëindiging van quarantaine op grond van een negatieve testuitslag op dag 6–7 (zie hierna), blijft een hoge mate van alertheid gewenst tot 14 dagen na het laatste blootstellingsmoment; bij (milde) klachten moeten zij zich laten testen en thuisblijven in afwachting van de testuitslag. Immers, het nauwe contact kan alsnog besmet blijken.

  • Het OMT hecht eraan te benadrukken hoe essentieel het naleven van de regels is voor isolatie- (voor test-bevestigde zieken) en quarantaine (voor blootgestelde contacten die potentieel besmet zijn) om een effectieve bestrijding van de COVID-19 uitbraak mogelijk te maken.

Ten aanzien van testen van mensen zonder klachten

  • Het OMT adviseert het testen van nauwe contacten zonder klachten op dag 6–7, alsmede ook een eerder testmoment (dag 3–4), te onderzoeken mits dit laatste uitvoerbaar is binnen de testcapaciteit.

  • Deze adviezen gelden voor zowel nauwe contacten in het bron- en contactonderzoek, voor gebruikers van de CoronaMelder die een melding krijgen van een risicocontact, als voor terugkerende reizigers uit risicogebieden. Voor de laatste groep, die een groot aantal personen kan inhouden, wordt geadviseerd dit eerst alleen voor dag 6–7 in onderzoeksetting te evalueren, mede als op dag van aankomst een test is afgenomen.

In het algemeen adviseert het OMT dat het van belang is om na te gaan op welke wijze de compliance aan de maatregelen zo snel mogelijk kan worden verbeterd.

BAO-advies

Het BAO onderschrijft het OMT-advies. Het BAO heeft wel een aantal aandachtspunten benoemd. Deze hebben betrekking op de communicatie en uitvoerbaarheid. Ten aanzien van de communicatie is een heldere boodschap van belang: met het terugbrengen van de quarantaineperiode, moet niet de indruk ontstaan dat het wel meevalt. De dagelijkse cijfers van het aantal besmettingen zijn daarvan het bewijs. Ten aanzien van de uitvoerbaarheid vragen de veiligheidsregio’s om goede instrumenten voor het handhaven van isolatie en quarantaine. De GGD’en vragen om te bezien wat de gevolgen zijn voor de testcapaciteit. Het BAO stelt voor dat dit onderdeel wordt van de onderzoekssetting met een onderzoeksprotocol.

Opvolging van het advies

Het kabinet geeft opvolging aan dit advies.

Ten aanzien van quarantaine

  • De richtlijn over het bron-en contactonderzoek wordt per 19 augustus aangepast ten aanzien van de duur van de quarantaine. Al het communicatiemateriaal van het RIVM, GGD’en en andere partijen zal hiertoe worden aangepast.

  • Het OMT geeft in zijn advies aan dat het naleven van de quarantaine ook voor nauwe contacten cruciaal is voor een effectieve bestrijding. Ik zal dit betrekken bij de verdere uitwerking van het quarantainepakket en zal hierop, zoals aan uw Kamer toegezegd, terugkomen in een brief rond 1 september. Daarbij zal ik ook ingaan op de motie van het lid Asscher c.s. inzake de ondersteuning van mensen die in quarantaine zijn.3

Ten aanzien van testen van mensen zonder klachten

  • Ten aanzien van het testen van mensen zonder klachten geldt, dat de GGD momenteel al de mogelijkheid heeft om bij uitbraken naar eigen inzicht en in overleg met het RIVM groepen mensen zonder klachten te testen, zoals recent bij zorginstellingen en werkgevers, en bijvoorbeeld ook op de jongerencamping op Terschelling is gebeurd. Er loopt momenteel onderzoek naar de rol van atypische verspreiding van het coronavirus in verpleeghuizen en naar aanleiding daarvan kan een advies over het testen van mensen zonder klachten in verpleeghuizen opgesteld worden. Daarnaast vindt nu onderzoek plaats naar testen zonder klachten bij nauwe contacten uit het bron- en contactonderzoek, gebruikers van de CoronaMelder die een melding krijgen en terugkerende reizigers uit risicogebieden.

  • Om deze laatstgenoemde groepen toe te voegen aan het testbeleid, dienen de richtlijnen rond testen en BCO te worden aangepast. Hierbij zal ik de zorg van het OMT betrekken over de testcapaciteit. De inzet van testcapaciteit mag hierdoor niet onder druk komen te staan. De testcapaciteit dient zo efficiënt mogelijk te worden ingezet: welk gebruik van de testcapaciteit levert het meest op voor de bestrijding? Naar aanleiding van de zorg van OMT en het BAO, heb ik de stuurgroep LCT bijeengeroepen en gevraagd mij over de beschikbare actuele en toekomstige testcapaciteit te adviseren. Ik zal uw Kamer hierover per brief nader informeren die ik voornemens was rond 1 september te sturen. Hiermee acht ik de Kamervragen van leden Hijink en Van Gerven (beiden SP) beantwoord.4

OMT-advies 17 augustus jl.

Het OMT heeft op 17 augustus een advies uitgebracht over maatregelen in het tegengaan van verspreiding van COVID-19. Dit advies is bijgevoegd5. Aanleiding voor het OMT was de toename van het aantal bevestigde COVID-19 gevallen, de druk op het bron- en contactonderzoek(BCO) door én deze toename én de toename van het gemiddeld aantal contacten per bevestigd COVID-19-geval en een recent gecompleteerde analyse van het reproductiegetal.

Ontwikkelingen

Het OMT ziet een toename in het aantal besmettingen: de afgelopen week testten ongeveer 4000 mensen positief. Daarbij zijn er grote regionale en lokale verschillen te zien in de ontwikkeling van het aantal COVID-19 besmettingen. In Noord- en Zuid-Holland en West-Brabant is een relatief hoog aantal besmettingen. Ook breder in het land is er een toename van het aantal bevestigde gevallen. Thuissituatie/feestjes in de privésfeer, en samenkomsten buitenshuis van familieleden en gelijkgezinden zijn een veelvoorkomende besmettingsbron. Uit het BCO blijkt dat een deel van de besmettingen ook plaats vinden op het werk. Er wordt daarnaast een te breed niet-naleven van de coronaregels geconstateerd. Ook werken mensen niet altijd mee aan maatregelen, zoals de quarantaine of het prijsgeven van hun contacten.

Essentie OMT-advies

  • De pijlers in de aanpak blijven het beperken van contactmomenten, het naleven van de basisregels, het test-en-tracebeleid en het beperken van de introducties vanuit het buitenland.

  • Het OMT benadrukt opnieuw dat het strikt naleven van quarantaineregels essentieel is. Het OMT ondersteunt beleidsmaatregelen die nodig zijn voor het meewerken aan BCO en isolatie-en quarantaine maatregelen, ook indien deze een dwingend karakter zouden hebben. Daarbij dienen deze eventueel dwingende maatregelen zo uitgevoerd te worden, dat mensen zich hier ook daadwerkelijk naar kunnen voegen. Het OMT bepleit een versnelling van het BCO: ook door snel melden voor een test en snel terugkoppelen.

  • Het OMT adviseert om het maximaal aantal te ontvangen mensen thuis te beperken tot maximaal 10 personen, naast de leden uit het eigen huishouden. Uiteraard met daarbij als voorwaarde dat anderhalve meter afstand gehanteerd kan worden en met inachtneming van de gezondheidscheck. Het OMT adviseert een uitzondering op dit maximum van 10 personen voor samenkomsten in de privésfeer rond bruiloften en begrafenissen tot maximaal 30 personen.

  • Voor samenkomsten in horeca, waaronder de zalencentra, adviseert het OMT om de bestaande afspraken over registratie en placering toe te passen, dit extra te monitoren en te verplichten niet rond te lopen of van tafel te wisselen. Het OMT geeft aan dat het een dilemma is of dit landelijk of regionaal moet worden toegepast. Het advies luidt om dit landelijk te doen, om te voorkomen dat het virus ook elders weer oplaait. Regio’s kunnen in een later stadium nadere differentiatie toepassen.

  • Het OMT adviseert om landelijk extra aandacht te vragen voor het opvolgen van de bestaande afspraken en daar ook extra communicatie op te zetten. In het bijzonder geldt dat nu de start van het schooljaar is voor kinderen. Blijf thuis bij klachten geldt ook voor kinderen. En als iemand in het huishouden positief getest is, moet het hele huishouden in quarantaine.

  • Het OMT onderschrijft de aanpak om in regionaal verband aanvullende maatregelen toe te passen, specifiek gericht op risico’s en knelpunten en het snel aanpakken van clusters. Het OMT ondersteunt de uitgangspunten voor de LCI-richtlijn «Handreiking maatregelen bij clusters en verspreiding van COVID-19», maar wijst erop dat er in de achterliggende protocollen nog een slag gemaakt moet worden.

BAO-advies

Het BAO onderschrijft het OMT-advies. Het BAO neemt het advies van het OMT over met betrekking tot het beperken van het maximaal aantal bezoekers in de thuissituatie. Uiteraard geldt daarbij de anderhalve meter afstand en een gezondheidscheck. Het BAO ziet een duidelijk dilemma: we weten dat een belangrijk deel van het probleem in de thuissituatie zit, maar hoe je daarop kunt handhaven is lastig. Toch moeten we inzetten op deze sociale norm en het handhaven op excessen. Over de vormgeving is het belangrijk om in gesprek te gaan met de veiligheidsregio’s. Met betrekking tot de samenkomsten in zalencentra en horeca, stipt het BAO aan dat veel horecagelegenheden zich houden aan de regels. Wel is bij samenkomsten wenselijk om de placering beter te monitoren en mensen te verplichten zich niet te verplaatsen. Dit is in lijn met het OMT-advies.

Het BAO onderschrijft de noodzaak om de bestaande landelijke maatregelen opnieuw onder de aandacht te brengen. Extra communicatie, ook gericht op doelgroepen, is wenselijk. Daarbij is creativiteit, bijvoorbeeld in het benaderen en stimuleren van jongeren en zzp-ers wenselijk, bijvoorbeeld als het gaat om de quarantaine. En voor alle scholieren die weer naar school gaan, is het goed om scherp op het netvlies te hebben dat ze bij klachten thuis moeten blijven en ook als iemand in het huishouden positief is getest op COVID-19.

Ten slotte wordt in het BAO aandacht gevraagd voor ondersteuning vanuit het Rijk bij de «regionale gereedschapskist».

Opvolging van het advies

Het kabinet ziet een aantal zorgelijke ontwikkelingen, waarvoor we de ogen niet mogen sluiten. Het virus heeft de afgelopen tijd aan terrein gewonnen. En mensen houden zich niet altijd aan de geldende afspraken. Het aantal besmettingen moet dalen. Dat lukt alleen als we ons aan de belangrijke afspraken blijven houden. We vragen met nadruk om met klachten écht meteen thuis te blijven, om snel te testen en om in quarantaine te gaan bij een besmetting in het huishouden of een nauw contact en bij terugkeer uit een onveilig gebied. Nu ook de scholen weer beginnen, vragen we juist extra aandacht voor die afspraken: ga met klachten niet naar school en blijf als middelbare scholier ook thuis als iemand in het gezin positief getest is. Mensen worden daarom opgeroepen om – nu de vakanties weer voorbij zijn – zoveel mogelijk thuis te blijven werken ook na 1 september.

Het OMT heeft geanalyseerd hoe mensen besmet raken. Dat vindt vooral plaats in de privésfeer: achter de voordeur, in zaaltjes bij familiebijeenkomsten en in vriendengroepen. In de ene regio meer dan in de andere, maar over de hele linie is dat een belangrijke besmettingsbron. Om dit een halt toe te roepen, is het dringend advies om thuis geen feestjes te vieren. Daarbij is het dringende advies om het maximum aantal mensen dat in de thuissuatie mag worden ontvangen, te beperken tot maximaal 6, naast de mensen uit het eigen huishouden. Dat maximum geldt voor bezoekers vanaf 13 jaar. Natuurlijk moet daarbij anderhalve meter in acht worden genomen – dus minder gasten in kleine huizen – je gaat niet op visite als je klachten hebt. Het kabinet wijkt daarbij af van de genoemde 10 personen in het OMT-advies. Hoe kleiner de groep, hoe kleiner het risico op verspreiding. De leeftijdsgrens van 13 jaar sluit aan bij de grens die voor scholen wordt gehanteerd. We maken geen uitzonderingen op het maximale aantal te ontvangen personen, ook niet voor samenkomsten rond bruiloften of bijeenkomsten rond begrafenissen in de thuissfeer. Zo houden we het duidelijk.

Voor samenkomsten van familieleden of gelijkgezinden in zalencentra of andere horeca, houden we vast aan het principe van reservering, een checkgesprek, placering (vaste zitplaats) en registratie. We vragen nogmaals aan mensen om de regels van placering na te leven en vragen de eigenaren van de eet-en drinkgelegenheden hierop toe te zien. Dit betekent dat mensen gedurende het bezoek op hun vaste zitplaats moeten blijven en niet van plaats wisselen of rondlopen. We zien namelijk dat het virus zich door verplaatsing makkelijk verspreidt.

Hoewel we grote regionale verschillen zien in de toename van het aantal besmettingen, zien we het algemene beeld dat de bron vaak ligt bij samenkomsten van familieleden en gelijkgezinden in de privésfeer en op locaties. Dit pleit voor een landelijke maatregel. Wij sluiten daarbij een regionale aanvulling of aanscherping niet uit, op het moment dat de regionale situatie daarom vraagt.

Het kabinet onderschrijft de noodzaak die het OMT schetst om het BCO te versnellen en de deelname daaraan te bevorderen. Alle inspanningen zijn daarop gericht. Het OMT bepleit de noodzaak van de quarantaine in het advies. We zien dat mensen soms toch na een test aan het werk gaan en toch samenkomen met anderen terwijl ze in quarantaine zouden moeten zitten. Als uiterste maatregel en stok achter de deur, onderzoeken hoe we in die gevallen quarantaine kunnen verplichten. Over de quarantaineplicht zal ik u – conform de inbreng in het debat van 12 augustus – rond 1 september nader informeren.

Uiteraard zullen wij waar mogelijk de veiligheidsregio’s en GGD’en blijven steunen bij het ontwikkelen en uitvoeren van de regionale maatregelen uit de regionale gereedschapskist. Ik ga hieronder in op de regionale aanpak.

Regionale aanpak

Kern van de aanpak is om regionale «oplevingen» zo veel mogelijk regionaal «de kop in te drukken» en alleen landelijke maatregelen te nemen als het moet. We ondersteunen deze regionale aanpak met een regionale gereedschapskist, een dashboard op regionaal niveau en een opschalingssystematiek die past binnen de landelijke aanpak.

De regionale gereedschapskist raakt steeds beter gevuld. We zien dat de GGD’en en voorzitters van de veiligheidsregio’s hiermee keihard aan de slag zijn. Waar nodig ondersteunen we hen daarbij. Regio’s worden verder ondersteund met regionale informatie in het dashboard over de verspreiding van het virus. Het dashboard helpt in het «finetunen» van de maatregelen en geeft inzicht in waar strengere maatregelen noodzakelijk zijn. Ook ontwikkelen we een systematiek waarmee lokale overheden afhankelijk van het lokale beeld proportionele maatregelen kunnen nemen wanneer opschaling noodzakelijk is. We zijn daarover intensief in gesprek. Dat gaat over regionaal maatwerk binnen landelijke kaders en het toepassen van een aanpak voor het opschalen van maatregelen op regionaal niveau, die naadloos aansluit op maatregelen op landelijk niveau.

Voorzitters van veiligheidsregio’s kunnen de opschalingssystematiek toepassen en ook uitwisselen met hun collega’s in het veiligheidsberaad. Zo kunnen ze de nut, noodzaak en proportionaliteit van maatregelen bespreken.

De Veiligheidsregio Amsterdam-Amstelland stuurt in dit kader een brief aan de betreffende gemeenteraden met daarin het voornemen tot een aantal nieuwe regionale maatregelen, passend bij de zorgelijke ontwikkelingen in het toegenomen aantal COVID-19 besmettingen en een analyse van de bron en oorzaken van de toename in de regio.

Het kabinet vindt het bemoedigend dat de veiligheidsregio deze stap zet en wil graag verder met de veiligheidsregio in gesprek over de concrete maatregelen die worden voorgesteld.

Met lokale plannen wordt duidelijkheid gegeven aan de inwoners welke lokale maatregelen aanvullend op landelijke maatregelen te verwachten zijn. De lokale aanpak van Amsterdam-Amstelland maakt het ook mogelijk om rekening te houden met lokale omstandigheden en het lokale epidemiologische beeld. Zo speelt in het geval van Amsterdam-Amstelland, meer dan bij andere veiligheidsregio’s, bijvoorbeeld de populariteit van de stad als bestemming voor dagjesmensen. Hiervoor stelt de veiligheidsregio gerichte communicatiemaatregelen naar dagjesmensen voor. De komende weken betrekt het kabinet ook bestaande lokale initiatieven, zoals die van Amsterdam, bij het verder uitwerken van de handreiking voor de lokale gereedschapskist.

Studentenverenigingen

Tijdens het plenair debat van 12 augustus jl, heeft uw Kamer per motie6 verzocht om het voor studentenverenigingen ook mogelijk te maken werving- en introductieactiviteiten te organiseren, mits zij aan dezelfde eisen voldoen als onderwijsinstellingen, studentensportverenigingen en studieverenigingen. De Minister-President heeft toegezegd dit met het Veiligheidsberaad te bespreken. De Minister van JenV heeft dit op zich genomen. Uitkomst hiervan is dat de voorzitters van de veiligheidsregio’s al kunnen handelen in de geest van deze aanpassing. Deze aanpassing zal ook in de aanwijzing worden verwerkt. Zo kunnen in aanvulling op de aanwijzing van 7 augustus, ontheffingen worden verleend aan studentenverenigingen voor de organisatie van fysieke samenkomsten in het kader van de werving en introductie van studenten van mbo, hbo en wo, mits die samenkomsten geaccordeerd zijn door een onderwijsinstelling of de veiligheidsregio, gericht zijn op kennismaking, studie of sport, kleinschalig zijn, er geen alcohol gedronken wordt en de bijeenkomsten niet plaatsvinden tussen 22.00 uur en 06.00 uur. Op deze manier is uitvoering gegeven aan de motie.

De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, H.M. de Jonge


X Noot
1

Raadpleegbaar via www.tweedekamer.nl.

X Noot
2

Advies 70e en 71e OMT COVID-19, 23 juni 2020.

X Noot
3

Kamerstuk 25 295, nr. 474.

X Noot
4

Kamervragen van 10 juli jl. over het bericht «Oud-topman RIVM: «We moeten meer testen, anders blijft het een smeulende veenbrand».

X Noot
5

Raadpleegbaar via www.tweedekamer.nl.

X Noot
6

Kamerstuk 25 295, nr. 490.