25 295 Infectieziektenbestrijding

Nr. 2275 BRIEF VAN DE MINISTERS VAN VOLKSGEZONDHEID, WELZIJN EN SPORT EN VAN BUITENLANDSE ZAKEN

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 15 mei 2026

Met de brief van maandag 11 mei 2026 is de Kamer op de hoogte gebracht van de eerste repatriëring van de opvarenden van het Nederlandse cruiseschip m/v Hondius en de thuisquarantaine, dan wel quarantaine op een daarvoor ingerichte quarantainelocatie. Daarnaast is in de brief vooruitgeblikt op de aankomst van de tweede groep opvarenden en de aankomst van de m/v Hondius in de haven van Rotterdam. Met deze brief brengt het kabinet de Kamer op de hoogte van de ontwikkelingen rondom het andesvirus, de aankomst van de tweede en derde repatriëringsvlucht in Nederland, de voorbereiding op de aankomst van de m/v Hondius in de haven van Rotterdam en bilaterale, Europese en internationale samenwerking.

Ontwikkelingen rondom het andesvirus

Tot 15 mei 2026 zijn in totaal elf personen met andesvirus-infecties gemeld, inclusief drie sterfgevallen, gerelateerd aan de uitbraak op de m/v Hondius. Van deze elf personen is de andesvirus-infectie bij acht personen bevestigd, bij twee personen gaat het om waarschijnlijke besmetting en bij één persoon kan hier nog geen uitsluitsel over gegeven worden. Voor de drie sterfgevallen geldt dat het andesvirus bij twee personen was bevestigd en bij één is dit waarschijnlijk. In alle gevallen gaat het om opvarenden van de m/v Hondius. Het betreft de volgende elf personen:

  • • Het Nederlandse echtpaar waarvan de man op het schip is overleden (deze besmetting kan waarschijnlijk niet meer bevestigd worden) en zijn vrouw in het ziekenhuis in Johannesburg.

  • • De Britse man die naar Johannesburg is overgebracht en daar in het ziekenhuis ligt.

  • • De Duitse vrouw die aan boord is overleden.

  • • De Nederlander en Britse man die vanuit Kaapverdië naar Nederland zijn gekomen.

  • • De Zwitser die in Zwitserland ziek is geworden en opgenomen is in het ziekenhuis.

  • • De Britse man wiens reis op Tristan da Cunha eindigde. De testuitslag van deze man is nog niet bekend.

  • • Een persoon uit Frankrijk. Deze werd ziek tijdens repatriëring en is in het ziekenhuis opgenomen.

  • • Een persoon uit Spanje, die positief is getest bij aankomst na repatriëring. Deze persoon is momenteel gezond.

  • • Ten slotte een persoon, waarbij besmetting met het andesvirus als onduidelijk wordt beschouwd. Laatstgenoemde werd gerepatrieerd naar de Verenigde Staten. De persoon is niet ziek, maar heeft onduidelijke laboratoriumresultaten (één positief en één negatief resultaat van twee verschillende laboratoria), en wordt opnieuw getest. De persoon werd al aan boord bemonsterd vanwege hoog-risico blootstelling aan bevestigde gevallen aan boord.

Het Europees Centrum voor ziektepreventie en -bestrijding (ECDC) houdt de epidemiologische situatie nauwlettend in de gaten, geeft elke ochtend een update op de website en adviseert daarover aan de lidstaten.1 Het ECDC geeft aan dat het risico voor de algemene bevolking laag blijft. De kans dat het virus zich van mens op mens verspreidt, is klein. Het virus wordt alleen overgedragen bij langdurig of intensief contact. Bij nieuwe ontwikkelingen zal het kabinet de Kamer uiteraard informeren.

De voor Nederland bestemde opvarenden zijn middels samenwerking tussen de Spaanse autoriteiten en een consulair team van de Nederlandse ambassade in Madrid van de m/v Hondius naar het vliegveld van Tenerife overgebracht en per drie repatriëringsvluchten in Nederland aangekomen. Deze drie repatriëringsvluchten, gecoördineerd door het Ministerie van Buitenlandse Zaken, zijn goed verlopen. Dit is in nauwe samenwerking ten uitvoering gebracht met het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, het RIVM, het Ministerie van Defensie, de GGD’en Rotterdam Rijnmond, Kennemerland en Brabant Zuid-Oost, de Spaanse autoriteiten en de reder, Oceanwide Expeditions.

Bij aankomst zijn de passagiers van de drie repatriëringsvluchten zorgvuldig medisch gescreend. Op het vliegveld zijn bij de meeste passagiers en bemanningsleden monsters afgenomen voor laboratoriumonderzoek. Een aantal personen zijn na aankomst in Eindhoven direct doorgereisd en in het land van herkomst getest. De testuitslagen van alle drie de vluchten waren negatief voor alle passagiers. Dat betekent dat er bij deze mensen geen andesvirus is vastgesteld. De monsters die in Nederland zijn afgenomen, zijn door zowel het RIVM als het ErasmusMC geanalyseerd voor extra zekerheid over de uitslag. De testen meten of iemand op dat moment een andesvirus-infectie heeft of een infectie heeft gehad. Gezien de lange incubatietijd is het huidige beleid om deze testen wekelijks te herhalen, zolang de opvarenden in quarantaine verblijven. Het RIVM geeft geregeld een update van de situatie op zijn website.2

Terugblik repatriëringen

Op Vliegbasis Eindhoven zijn in de nacht van maandag 11 mei 2026 op dinsdag 12 mei 2026 een tweede en derde vliegtuig aangekomen met passagiers en bemanning van het schip waarop het andesvirus is vastgesteld. Nederlandse passagiers zijn in thuisquarantaine gegaan. Eén van de personen die in thuisquarantaine verbleef, is uit voorzorg overgebracht naar een ziekenhuis en nogmaals getest. Voor de bemanningsleden en passagiers die niet direct naar huis kunnen, is een quarantainelocatie geregeld.

Op donderdagochtend 14 mei 2026 zijn de inwoners van Australië en Nieuw-Zeeland met een door Australië geregelde repatriëringsvlucht opgehaald van Eindhoven Airport. Ook deze vlucht is goed verlopen.

Eerder deze week zijn ook Duitse, Belgische en één Griekse passagier van de eerste repatriëringsvlucht direct door vertegenwoordigers van deze landen opgehaald en hebben Nederland verlaten. Daarnaast is de Britse patiënt, die vanuit Kaapverdië naar Nederland was gekomen, inmiddels voldoende hersteld om naar het Verenigd Koninkrijk af te reizen. Met de Britse autoriteiten is contact over de repatriëring van de persoon.

Het repatriëringsproces is erop gericht dat buitenlandse opvarenden, zodra dit op een veilige manier kan, doorreizen naar hun eigen land, zodat hun thuisland de benodigde maatregelen kan nemen. Er bevinden zich op dit moment nog circa 25 opvarenden inclusief bemanningsleden (zeven nationaliteiten) in een quarantainelocatie in Nederland. De quarantainelocaties voor de passagiers van de repatriëringsvluchten zijn op verzoek van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport geregeld door de Veiligheidsregio’s en GGD’en van Kennemerland en Brabant Zuid-Oost. Het kabinet spreekt dank en waardering uit voor de inzet, waarmee zij deze quarantainelocaties hebben georganiseerd.

Het Ministerie van Buitenlandse Zaken staat in nauw contact met de landen waarvan opvarenden zich in Nederland in quarantaine bevinden. Er wordt voortdurend afgestemd met de ambassades in Nederland en met de overheden van de betrokken landen over het veilig terugkeren van de opvarenden naar het land van herkomst. Tevens wordt er hierin nauw samengewerkt met de reder, Oceanwide Expeditions.

Voor wat betreft de Filipijnse bemanningsleden van de m/v Hondius adviseert het RIVM deze personen in Nederland op te vangen gedurende de volledige quarantaineperiode van zes weken. Redenen van dit advies zijn de beperkte mogelijkheden voor implementatie en handhaving van quarantaine in het land van herkomst alsmede beperkte toegang tot optimale medische zorg in geval van ziekteontwikkeling, met navenante risico’s voor zowel de lokale en mondiale volksgezondheid als voor de individuele gezondheid van de bemanningsleden in kwestie. Het advies van het RIVM is tot stand gekomen na zorgvuldig inhoudelijk overleg met de WHO en is in overeenstemming met advisering van de WHO. Het kabinet heeft de veiligheidsregio’s Kennemerland en Rotterdam Rijnmond gevraagd dit te organiseren.

Voorbereiding aankomst m/v Hondius

Het schip heeft maandag 11 mei 2026 koers gezet richting Rotterdam. Naar verwachting doet de m/v Hondius er zes tot zeven dagen over om naar de haven van Rotterdam te varen en arriveert het schip maandagochtend 18 mei 2026.

Rotterdam is in Nederland aangewezen als de haven voor de afhandeling van infectieziekten bij scheepvaart. Op dit moment bereiden de GGD Rotterdam Rijnmond, het Havenbedrijf, de Veiligheidsregio Rotterdam Rijnmond en de gemeente Rotterdam zich voor op de komst van het schip. Deze voorbereidingen worden gecoördineerd door de Port Health Authority Rotterdam. Dit is een samenwerkingsverband van onder meer deze partijen. Er worden onder andere voorbereidingen getroffen voor de ontvangst en het in quarantaine plaatsen van de bemanningsleden, het verwerken en verzenden van de door de opvarenden achtergelaten bagage en het veilig schoonmaken van het schip. In totaal zijn op het schip nu 27 personen aanwezig, waarvan 25 bemanningsleden en twee medici. Een deel van de bemanningsleden zal in thuisquarantaine gaan. De bemanningsleden die niet direct naar het thuisland kunnen, worden opgevangen in een quarantainelocatie. Het medisch personeel heeft gewerkt met persoonlijke beschermingsmiddelen en wordt daarom als laag-risico contact gezien. Zij kunnen doorreizen naar huis en houden daar zelf hun gezondheidstoestand in de gaten (passieve monitoring).

In het vragenuur van 12 mei 2026 vroeg het lid Van Brenk (50Plus) wie het schip gaat schoonmaken en of quarantaine daarna nodig is. Het schip wordt schoongemaakt door een gespecialiseerd extern bedrijf op basis van richtlijnen van het RIVM, die rekening houden met de adviezen van de WHO, in nauwe samenwerking met de GGD Rotterdam Rijnmond. Daarbij worden zodanige persoonlijke beschermingsmaatregelen getroffen dat de schoonmakers na de schoonmaak niet in quarantaine hoeven. Uitvoering van de schoonmaak valt onder verantwoordelijkheid van de reder. Na de schoonmaak voert de GGD Rotterdam Rijnmond een controle uit om te bepalen of het schip weer uit mag varen.

Bilaterale, Europese en internationale samenwerking

De bilaterale, Europese en internationale samenwerking is goed verlopen tot nu toe. Nederland heeft zelf via bilaterale kanalen nauw samengewerkt met andere lidstaten, en dan met name Spanje, zowel via het postennetwerk als via het netwerk van het Health Security Committee (HSC).

Op Europees niveau vinden bijna dagelijks bijeenkomsten plaats onder leiding van de Europese Commissie, waarbij Directoraat-generaal Europese Civiele Bescherming en Humanitaire Hulpverlening (ECHO) en het ECDC deelnemen met betrokken lidstaten (ook van buiten de EU) en in sommige gevallen ook WHO EURO.

Ook het HSC vindt plaats onder voorzitterschap van de Europese Commissie. Tijdens de laatste HSC-bijeenkomst op dinsdag 12 mei 2026, waar de WHO, ECDC en het Verenigd Koninkrijk aanwezig waren, gaven Spanje en Nederland updates over de situatie en het verdere verloop van de operatie en de maatregelen die voorzien zijn bij aankomst van het schip in de haven van Rotterdam. Tijdens deze HSC-bijeenkomst is een zogenaamde «opinion»3 aangenomen waarin het verloop, de coördinatie en de aanbevelingen staan. Daarnaast vond op woensdag 13 mei 2026 een online ministeriële bijeenkomst met de Ministers van volksgezondheid plaats, op initiatief van Frankrijk, waarin de Europese Commissie en landen informatie hebben uitgewisseld over de nationale situatie en protocollen voor bron- en contactonderzoek en testen die zij hanteren. Daaruit kwam naar voren dat alle landen op zijn minst de richtlijnen van het ECDC volgen en dat het Nederlandse beleid van thuisquarantaine goed aansluit bij dat van andere landen, zoals Zweden en Duitsland.

De Minister van VWS gaat op zondag 17 mei naar de World Health Assembly van de WHO en zal daar haar dank uitspreken voor de samenwerking met de WHO en de betrokken lidstaten die zij daar spreekt. Zij zal daarbij ook spreken met de landen van de mensen die in Nederland in quarantaine zitten, zodat de juiste voorzieningen voor hun burgers getroffen kunnen worden.

Ten slotte

Het kabinet blijft zich inzetten om deze situatie tot een zo goed mogelijk einde te brengen, in samenwerking met alle betrokken nationale en internationale partijen. Het kabinet dankt deze partijen voor hun nauwe betrokkenheid. De Kamer wordt geïnformeerd bij nieuwe ontwikkelingen rondom de situatie.

De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, S.T.M. Hermans

De Minister van Buitenlandse Zaken, T.B.W. Berendsen

Naar boven