25 295 Infectieziektenbestrijding

Nr. 1279 BRIEF VAN DE MINISTER VOOR MEDISCHE ZORG

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 8 juni 2021

Op donderdag 3 juni 2021 heb ik tijdens het debat over de ontwikkelingen rondom het coronavirus met uw Kamer gesproken over de inkoop van persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM) en de overeenkomst met Relief Goods Alliance B.V. (RGA) (Handelingen II 2020/21, nr. 84, debat over de ontwikkelingen rondom het coronavirus).

De ophef die over deze overeenkomst is ontstaan, begrijp ik volkomen. Net als uw Kamer vind ik het van groot belang dat er volledige openheid komt over de gang van zaken. Kort gezegd: de onderste steen moet boven.

Ik heb in mijn beantwoording toegezegd alle informatie met uw Kamer te delen. Met deze brief vertel ik uw Kamer hoe ik dat ga doen.

Allereerst ontvangt u van mij de resultaten van een onafhankelijk onderzoek door een forensisch accountant dat al loopt naar twee overeenkomsten, waaronder die met RGA. Het onderzoek naar de overeenkomst met RGA is bijna afgerond. Zoals toegezegd stuur ik u deze resultaten zodra ik die heb ontvangen. Ik verwacht dat dit op korte termijn zal zijn.

Daarnaast vraag ik een externe onafhankelijke partij met forensische-, inkoop-, fiscale- en data-expertise om een breder en aanvullend onderzoek te doen. Het onderzoek richt zich op zowel de overeenkomst met RGA als op de inkoop van PBM tijdens de coronacrisis, welke keuzes daarin zijn gemaakt en waarom.

Ik vind het belangrijk dat medewerkers van VWS en andere direct betrokken partijen hun signalen van mogelijke onregelmatigheden bij de inkoop van PBM bij de onderzoekers kunnen melden. Ik geef de onderzoekers daarom als onderdeel van de opdracht mee om hiervoor een loket te creëren. Alle informatie kan immers helpen om tot een volledig beeld te komen. Daarnaast kan informatie die, nu of in de toekomst, (door bijvoorbeeld onderzoeksjournalistiek) aan het licht komt, in het onderzoek worden meegenomen.

Om bij dit onderzoek recht te doen aan de eisen van zowel snelheid als zorgvuldigheid, vraag ik de onderzoekers om in twee fasen te werken:

De eerste fase betreft de casus en de bovengenoemde onderzoeksresultaten over RGA. Ik vind het belangrijk dat uw Kamer over deze casus zo snel mogelijk volledig geïnformeerd wordt. Dit heeft dan ook de eerste prioriteit. Ik zal de onderzoekers vragen of zij dit deel van het onderzoek voor het zomerreces kunnen opleveren.

Vervolgens zal het onderzoek zich richten op de bredere kwestie van de inkoop van persoonlijke beschermingsmiddelen tijdens de coronacrisis en ieders rol en verantwoordelijkheid daarin. Dit tweede deel van het onderzoek zal mogelijk meer tijd in beslag nemen.

In mijn volgende brief over dit onderwerp, die ik u zo snel als mogelijk zal sturen, zal ik uw Kamer informeren over de definitieve onderzoeksopzet, het tijdpad en de partij die het onderzoek zal uitvoeren.

De Minister voor Medische Zorg, T. van Ark

Naar boven